Category Archives: De mensen achter de computer

Cai Lun

Ik ben even wat oude verhalen uit mijn serie over de mensen achter de computer aan het doorlezen. Als je dat na een tijdje doet, dan zie je opeens allerlei taalfouten en kromme zinnen die je bij het plaatsen niet zag. Daarmee zal ik u hier nu niet mee vermoeien, maar in het kader van herhaling is de kracht van de reclame, hierbij het begin van het portret dat ik in februari 2019 schreef over de Chinese eunuch Cai Lun, die het papier uitvond.

Cai Lun; ca. 50 na Chr. – 121; geldt als de uitvinder van het papier.

8 cai lun afbeelding

(Volgens een Chinees boek uit de achttiende eeuw zou Cai Lun er zo hebben uitgezien. Gaat u er maar van uit dat dit geen goed lijkend portret van hem is.)

Voor degenen die op kantoor werken of hebben gewerkt, herkent u de volgende situatie? U heeft op uw pc een mooi overzicht van iets gemaakt wat u voor een vergadering die over vijf minuten begint alleen nog even moet uitprinten. U geeft een printopdracht, loopt naar de gemeen-schappelijke printer in het printerhok en ziet daar dat de printer is vastgelopen. Niet met uw printje maar met dat van iemand voor u. En degene van wie dat printje is, die is in geen velden of wegen te zien.

Het gevolg is dat u degene bent die nu in grote haast moet proberen dat vastgelopen printje uit te printer te peuteren. Terwijl de klok door tikt, krijgt u vieze inkthanden. Als u eindelijk alles uit de printer heeft gekregen, doet hij het nog steeds niet. Ergens zit er nog een stukje papier vast. Om de hoek roept je baas waar je blijft.

Weet u wiens schuld dit is? Het is de schuld van de Chinese eunuch Cai Lun. Hij is hier verantwoordelijk voor. Hij geldt namelijk als degene die het papier heeft uitgevonden. Zonder papier geen vastgelopen printer. Nu kunt u wel op hem gaan mopperen, maar heb medelijden met hem, want heeft u het woordje eunuch wel gezien? Ook voor kantoormensen aan het hof van de oude Chinese keizers was het niet altijd een pretje.

Wie het hele portret van Cai Lun wil lezen, kan hier terecht.

De periode 1000 – 1500

Eindelijk is weer eens een  verhaal klaar uit mijn serie over de mensen achter de computer. Het betreft hier het algemene verhaal over de periode 1000 – 1500. Gaat het in de journaals van vandaag de dag vaak over  Donald Trump, in die tijd ging het in de journaals over mensen als Dzhengis Khan. Jeanne d’Arc, Marco Polo Johannes Gutenberg en Leonardo da Vinci.

Wel is het zo dat er in de 14e eeuw net zoals nu een wereldwijde pandemie heerste.  Die  was overigens veel dodelijker dan de huidige corona-pandemie. Naar schatting kostte de Zwarte Dood zo’n veertig procent van de toenmalige wereldbevolking het leven.

Wie dit allemaal wil lezen kan hier terecht.

De zwarte dood

Ik heb hier de laatste tijd weinig geplaatst. Komt omdat ik bezig ben met een hoofdstuk uit ‘de mensen achter de computer.’  Om precies te zijn met het algemene overzicht van de periode 1000-1500. Nu is dit de periode waarin ook de ‘Zwarte Dood’ zit. Omdat we nu ook in een pandemie zitten – gelukkig niet met het dodental van de Zwarte Dood – daarom hier alvast een stukje uit het verhaal.

“[…] Zo was daar in de veertiende eeuw de Zwarte Dood, de builenpest, een bacteriële ziekte overgebracht door vlooien die vooral op ratten leefden. Wereldwijd wordt het aantal doden van deze pandemie op zo’n 75 tot 100 miljoen mensen geschat. De ziekte duikt voor het eerst op in Centraal-Azië, verspreidt zich vervolgens over heel Azië en bereikt in 1346 De Krim. In oktober 1347 neemt een handelsschip uit Genua de ratten met hun pestvlooien mee naar Sicilië. Vanaf dat eiland (en vanuit Griekenland) verspreidt de ziekte zich daarna over land en zee naar de rest van Europa, waar de epidemie in de periode 1347 tot 1353 vreselijk huis houdt.

21 1000 - 15000 de pest verspeidingDe verspreiding van de pandemie over Europa tussen 1346 en 1353; De kleuren geven aan in welk jaar de pest opduikt in het betreffende gebied. De pijlen geven de routes aan hoe de ziekte zich verspreidt over Europa, Bron: Flappiefh; Wikipedia.

Er worden talloze pogingen ondernomen om de opmars van de ziekte te stoppen. De autoriteiten in Venetië laten bijvoorbeeld alle schepen dertig dagen lang in isolatie voor de kust stil liggen voordat ze in de haven in mogen; reizigers over land moesten zelfs veertig dagen wachten voordat ze de stad binnen mogen komen – het woord quarantaine, het Venetiaanse woord voor veertig, vindt hier zijn oorsprong in – maar het helpt niet. In 1347 bereikt de ziekte ook Venetië.

In Europa sterven tussen 1346 en 1355 naar schatting tussen de 30 en 50 miljoen mensen (dat is zo’n 40% van de bevolking) aan de ziekte. In Nederland overlijdt ongeveer een derde van de mensen. (Dat laatste blijkt volgens historica Maria Kelly uit de enorme inkomstendalingen van de Hollandse graven in de jaren 1349 en later, zoals deze te zien zijn in de rekeningboeken van Hollandse graven. Deze dalingen kunnen alleen logisch verklaard worden door een bevolkingsdaling als gevolg van de pest; bron Historiek.net).

Men heeft in die jaren geen idee wat de ziekte veroorzaakt. Zo denken veel medici dat de besmetting door zieke lucht wordt verspreid en uit voorzorg dragen ze maskers met in hun ‘snavels’ een kruidenmix, waarvan ze hopen dat die de besmettelijke lucht tegen zal houden. Het werkt niet. Veel dokters worden ook gebeten door de vlooien, lopen de ziekte op en sterven.

21 1000 - 15000 snaveldokter

Een afbeelding van een ‘snaveldokter’ uit Rome; 1656

Veel mensen geloven in die periode dat de plaag Gods wil is en beschouwen het als een straf voor hun zonden. Andere mensen denken dat het te maken heeft met een bepaalde stand van de planeten aan de hemel. De Zwarte Dood zorgt voor een complete instorting van de samenleving, welke nog verder wordt ontregeld doordat er allerlei samenzweringstheorieën opduiken, waarin veelal de Joodse bevolking de schuld van de plaag krijgt.

Een tragisch voorbeeld hiervan is het lot van Balavignus, een Joodse arts in Straatsburg. Ook in deze plaats breekt de pestepidemie uit. Balavignus laat daarop overeenkomstig de Joodse reinheidswetten uit het Bijbelboek Leviticus al het afval in de Joodse wijk van Straatsburg verbranden en geeft opdracht om de wijk zo schoon mogelijk te houden. Het gevolg is dat de ratten die nauwelijks meer voedsel in de Joodse wijk kunnen vinden zich met hun besmettelijke vlooien naar andere wijken verplaatsen, waar wel afval en voedsel voor ze te vinden is. Het percentage mensen dat aan de pest in de Joodse wijk bezwijkt, blijft daardoor beperkt tot zo’n  5%, veel lager dan in de omringende wijken.

Maar in plaats dat de mensen uit die wijken het voorbeeld van de Joodse wijk volgen en hun wijken ook gaan schoonmaken, beschuldigen ze de inwoners van de Joodse wijk – en in het bijzonder Balavignus – er van dat ze de waterputten van de Christenen vergiftigd hebben en dat er daarom in de niet-Joodse wijken veel doden vallen. Balavignus wordt gearresteerd. Na zware martelingen ‘bekent’ hij, waarop een ware pogrom in de stad plaats vindt. Honderden Joden verliezen daarbij het leven. Ook elders in Europa vinden dergelijke pogroms plaats die aan duizenden Joodse mensen het leven kosten.

Paus Clemens VI probeert de Joodse bevolking nog te beschermen door tot twee maal toe een pauselijke bul uit te brengen (op 6 juli 1348 en op 26 september 1348), waarin hij stelt dat diegenen die de schuld geven aan de joden “verleid zijn door de duivel” en dat de Joodse bevolking onschuldig is. Ook wijst hij er op dat de ziekte voor komt in streken waar helemaal geen Joden wonen en dat ze zelf ook het slachtoffer worden van de pest. Ook laat de Paus in Avignon, de plaats waar hij  woont – veel kardinalen in die tijd zijn van Franse afkomst; Clemens VI benoemde liefst acht neven tot kardinaal (waaronder de later paus Gregorius XI) –  de Joodse bevolking door zijn eigen troepen beschermen, maar elders gaan op veel plaatsen de pogroms wel gewoon door.

Zelf dachten de Paus en zijn lijfarts overigens dat warme lucht de ziekte zou voorkomen. Ze sliepen en verbleven daarom veelal in de openlucht op de binnenplaats van het pauselijk paleis, waar ze grote kampvuren lieten stoken. Het hielp. Ze werden niet ziek, maar dat kwam niet door de warme lucht – de roetdeeltjes van het verbrande hout in de lucht waren zelfs bepaald ongezond – maar doordat de ratten en vlooien niet van de hitte van het vuur hielden en daarom de binnenplaats meden. De Paus sterft uiteindelijk in 1652 aan de gevolgen van een niersteenaanval.

Tot zover vast een deel van het verhaal.

Leonardo da Vinci

Eindelijk weer eens een verhaal gemaakt voor mijn serie over de mensen achter de computer. Deze aflevering gaat over Leonardo da Vinci en begint als volgt;

Leonardo da Vinci; 1452 -1519; schetste technische oplossingen die later ook in de eerste rekenmachines werden gebruikt.

20 leonardo zelfportret 20 leonardo portret getekend door melzi

Links, het enige portret van Leonardo Da Vinci, (gemaakt in 1512 op 60-jarige leeftijd), waarvan wordt vermoed dat Leonardo da Vinci het zelf heeft geschetstRechts een soortgelijk portret van Leonardo da Vinci gemaakt omstreeks dezelfde tijd door zijn leerling en vriend Francesco Melzi.

Dat Leonardo da Vinci een genie was, staat buiten kijf. Maar dat geldt ook voor Johan Cruijff (op zijn vakgebied althans) en hem vinden we niet terug in het overzicht van mensen achter de computer. Waarom Leonardo da Vinci dan wel? Hij heeft toch nooit een rekenapparaat gebouwd? Dat klopt. Hoewel, klopt dat wel? Kijk eens goed naar de tafel van het laatste avondmaal. Daar helemaal rechts, wat ligt daar op tafel?

20 leonardo laatste avondmaalGewoon een bord, u dacht toch niet echt dat Leonardo da Vinci een rekenmachine op het laatste avondmaal had geschilderd?

Wie het hele verhaal wil lezen, kan hier terecht.

Het Laatste Avondmaal

Momenteel ben ik voor mijn serie ‘de mensen achter de computer‘ bezig met een portret van Leonardo da Vinci, niet alleen schilder maar ook wetenschapper en technicus. In die laatste hoedanigheid komt hij voor in ‘de mensen achter de computer’.

Als schilder is hij vooral beroemd geworden met de ‘Mona Lisa’ en ‘Het Laatste Avondmaal’. Hij schilderde dit laatste werk op een wand van het Santa Maria delle Grazie, een dominicaner klooster in Milaan.

000000 laatste avondmaal

Da Vinci begon met Het Laatste Avondmaal in 1495 en voltooide het werk in 1498. Al met al – hij werkte niet aan één stuk door aan de schildering – deed hij er zo’n drie jaar over om het te voltooien. Blijkbaar vond volgens de overlevering één van de monniken in het klooster dit te lang duren en klaagde hierover tegen Da Vinci.

Hij vroeg aan Da Vinci waarom het zo lang duurde en of hij niet een beetje kon opschieten. Da Vinci zou toen hebben geantwoord dat dit kwam, omdat hij er nog niet helemaal uit was hoe hij het beste Judas kon portretteren, maar dat hij, als hij er niet uit kwam en de monnik haast had, dat hij dan Judas wel het gezicht van de monnik zou geven.

000000 judasJudas is de figuur derde van rechts met een zak zilverlingen in zijn hand en de donkere baard. Of de monnik er ook zo uit gezien heeft, is niet bekend.

Het is natuurlijk een mooie anekdote, maar waarschijnlijk niet waar. ‘Too good to be true’ zouden de Engelsen zeggen. Daarom weet ik nog niet of ik hem ook mee neem in het portret van Leonardo da Vinci. Maar hij is te mooi om te laten liggen en daarom alvast hier.

 

Al- Kāshī en Simon Stevin

Heeft u enig idee wat het verband is tussen de volgende drie afbeeldingen?

17 al sextant

17 Al kazri dollar

17 Al kazri zeilboot stevin

Het antwoord luidt: decimale cijfers achter de komma. De drie afbeeldingen komen namelijk voor in een nieuwe aflevering uit mijn serie over de mensen achter de computer. Deze keer gaat het over al-Kāshī, een wiskundige en astronoom die leefde van ca 1380 – 1429, en over Simon Stevin, schrijver van veel wetenschappelijke boeken. Hij leefde van 1548 – 1620.

Beiden hebben zich bezig gehouden met decimale fracties, zeg maar de cijfertjes achter de komma. Het verhaal begint als volgt:

De uitdrukking ‘Dit heeft alleen effect achter de komma’ betekent dat iets maar een klein effect heeft. Nu is de Perzische wetenschapper al-Kāshī vooral bekend vanwege zijn ideeën voor ‘achter de komma’, maar dat wil niet zeggen dat deze ideeën niet van groot belang zijn geweest voor de wetenschap. Al-Kāshī wordt namelijk het vaakst betiteld als de bedenker van het systeem om door middel van decimale cijfers achter de komma een breuk weer te geven. Tot dan toe gebruikte men meestal een a/b notatie om een getal kleiner dan 1 aan te geven. Zo schreef men 1/8 in plaats van de decimale weergave 0,125.’

Voor wie de rest van het verhaal wil lezen – wij van WC-Eend kunnen het aanbevelen –  kan hier terecht.

 

Een algolritme

Een algoritme is een reeks instructies die vanuit een gegeven begintoestand naar een beoogd doel leidt. Alle computer-programma’s maken gebruiken van algoritmes, maar ook het dagelijks leven zit vol met algoritmes.

Neem een kookboek. “Schil de aardappels, was ze en zet ze met water op. Voeg wat zout toe en laat het 20 minuten koken. Prik er met een vork in en kijk of ze gaar zijn. Zo ja, giet ze daarna af” is een algoritme in zeven stappen om aardappels te koken, waarbij stap zes (‘prik er met een vork in en kijk of ze gaar zijn’) soms herhaald moet worden.

1 kookboek

Een boek vol algoritmes.

Een ander voorbeeld zijn telefonische keuzemenu’s, zoals die van de huisarts: ‘Toets 1 voor spoed, toets 2 voor … ‘. Het woord ‘algoritme’  hebben we te danken aan de Perzische wetenschapper Moḥammad ibn Mūsā al-Khwārizmī. Het woord is gebaseerd op zijn naam. Het gaat om het ‘al-Khwarizmi’ gedeelte uit zijn naam. Spreekt u dat maar eens hardop uit. Misschien hoort u dan iets wat vaag lijkt op het woord ‘algoritme’,

Moḥammad ibn Mūsā al-Khwārizmī (ca. 780  tot ca. 850) was een Perzische wiskundige. Hij schreef een aantal historisch gezien belangrijke wetenschappelijke boeken, onder andere een boek over hoe te rekenen met een tientallig stelsel, inclusief het gebruik van het getal 0. Dit boek zorgde voor de grote doorbraak van de Arabische getallennotatie in Europa.  Een ander werk van hem had de titel ‘Hisab al-jabr wa al-muqabala’ . Als u goed naar deze boektitel kijkt, dan ziet u daar de woorden ‘al-jabr’ staan, zie hier de oorsprong van ons woord algebra.

In mijn serie ‘De mensen achter de computer’ komt hij ook voor. Wilt u meer over hem weten, dan kunt u hier zijn portret op mijn site lezen. (Deze laatste zin is ook een voorbeeld van een algoritme.)

Het hele internet leeft zo’n beetje van de algoritmes. Bent u bijvoorbeeld dankzij een suggestie van Google op mijn site terecht gekomen, dan komt dat doordat Google allemaal algoritmes heeft die uw zoekterm combineert met allerlei sites, waaronder de mijne. (Stap 1: kijk of één van de adverteerders gecombineerd kan worden met de zoekterm.)

Even terug nu naar het dagelijkse leven. Het is u deze week met al dat coronavirus gedoe misschien ontgaan, maar het is de ‘Nationale Week Zonder Vlees’.  In het kader daarvan zocht ik op de site van Albert Heijn naar vegetarische gerechten.

Eén van de vegetarische recepten die ik kreeg voorgeschoteld – nou ja op het scherm dan – was ‘rode kool met peertjes’. Om te kijken of het recept niet te moeilijk voor mij zou zijn  (‘stap1: open het pakje’; naar zoiets was ik op zoek) klikte ik op het recept. Onderaan het recept gaf AH een combinatietip: ‘Lekker bij kalkoen of rollade‘.

Kijk, dat is nog eens een goede tip bij een vegetarisch recept. Wat doet een bekende Nederlander zoals ik tegenwoordig als hij zoiets ziet? Hij twittert er over! Al mijn 22 volgers, waaronder mijn oudste dochter, de echtgenoot van mijn nichtje en een hotel in Rome moesten dit direct weten.

1 ah

Nou moet ik zeggen, dat het sociale mediateam van AH heel alert en actief is. Binnen twintig minuten reageerden ze.

1 ah 2

Het kwam door een algoritme.

(Overigens is ‘algoritme’ een lastig woord om te typen; ik heb steeds de neiging om ‘algolritme’  te typen en AH maakt er Algortime van.)

Leonarda da Pisa

“Heeft u zich op school wel eens het hoofd moeten breken over het probleem van de twee auto’s A en B, die zich op een bepaalde afstand X van elkaar bevinden, en die met een bepaalde snelheid naar elkaar toe rijden, waarbij de vraag is waar en wanneer ze elkaar tegen komen?

Troost u dan met de gedachte dat studenten in de dertiende eeuw zich ook al met dit probleem bezig moesten houden, alleen dan betrof het uiteraard geen auto’s die naar elkaar toe reden, maar twee slangen die zich naar elkaar toe bewogen. Het was een opgave uit het boek ‘liber abbaci’ van Leonardo da Pisa. Met dit boek introduceerde hij in Europa de Arabisch-Indische cijfers 1 t/m 9 plus het cijfer 0.”

Zo begint het portret van Leonarda da Pisa dat ik heb geschreven voor mijn serie over de mensen achter de computer. Voor wie het hele verhaal over Leonardo da Pisa wil lezen, kan hier terecht. Daar kan je ook lezen wat er gebeurt als konijnen zich gaan voortplanten met een snelheid van één nieuw konijnenpaar per maand.

16 Leonardo konijnen

Na ruim vier jaar heb je 12,5 miljard konijnen in je hok.

De periode 1 – 1000

Ik heb weer eens een verhaal geschreven in mijn serie over de mensen achter de computer. Deze keer geen portret maar een verhaal  met een overzicht van de ontwikkelingen tijdens een bepaalde periode, met de nadruk op de technische en wetenschappelijke ontwikkeling in die periode. Deze keer betreft het de periode: jaar 1 na Christus – 1000.

Aan het begin van onze jaartelling zag de wereld er als volgt uit.2 kaart jaar 1

Je had in die tijd twee grote rijken. In Azië had je het Chinese keizerrijk (het donkerblauwe gebied op het kaartje) en in Europa / Noord-Afrika had je de Romeinen (het rode gebied op het kaartje.

750 jaar later was de wereld behoorlijk veranderd.

2 kaart jaar 2

In Azië had je nog steeds het Chinese keizerrijk (al had dat toen een iets andere vorm) maar in Europa was het Romeinse Rijk helemaal uiteen gevallen. Wel had je toen een nieuw groot rijk, en wel een islamitisch kalifaat. (het groene gebied op het kaartje.)

Wilders en de PVV zullen ongetwijfeld met deze ontwikkeling niet blij zijn geweest, maar voor de ontwikkeling van de wetenschap en techniek was deze ontwikkeling een zegen. In tegenstelling tot de Romeinse keizers die helemaal geen belangstelling hadden voor de wetenschap en er dan ook helemaal geen geld in staken ondersteunden de kaliefs juist van harte de wetenschap.  Dit overeenkomstig de gedachte van de profeet Mohammed: “De inkt van een geleerde is heiliger dan het bloed van een martelaar

Eén van die kaliefs die de wetenschap van harte steunde was kalief Haroen ar-Rashid (ca. 766-809). Hij stichtte in de hoofdstad Bagdad het ‘Bayt al-Hikma’ oftewel het ‘Huis der Wijsheid’, één van de belangrijkste wetenschappelijke instellingen uit de oudheid. Er brak een periode van vijf eeuwen aan die ook wel bekend staan als de gouden eeuwen van de Islam.

Wie het hele stuk over de ontwikkelingen in deze periode wil lezen, kan hier terecht:  En o ja, het was in deze tijdsperiode dat de mens het getal nul ontdekte. Dat lijkt niets voor te stellen, maar vergis je niet.

Cai Lun

in mijn serie over de mensen achter de computer heb ik weer een portret af. Deze keer gaat het over Cai Lun. Wie kent hem niet? (Voor de enkeling die hem niet kent, hij geldt als de uitvinder van het papier.)  Het portret begint als volgt:

Cai Lun; ca. 50 na Chr. – 121; geldt als de uitvinder van het papier.

8 cai lun afbeelding

(Volgens een Chinees boek uit de achttiende eeuw zou Cai Lun er zo hebben uitgezien. Gaat u er maar van uit dat dit geen goed lijkend portret van hem is.)

Voor degenen die op kantoor werken of hebben gewerkt, herkent u de volgende situatie? U heeft op uw pc een mooi overzicht van iets gemaakt wat u voor een vergadering die over vijf minuten begint alleen nog even moet uitprinten. U geeft een printopdracht, loopt naar de gemeen-schappelijke printer in het printerhok en ziet daar dat de printer is vastgelopen. Niet met uw printje maar met dat van iemand voor u. En degene van wie dat printje is, die is in geen velden of wegen te zien.

Het gevolg is dat u degene bent die nu in grote haast moet proberen dat vastgelopen printje uit te printer te peuteren. Terwijl de klok door tikt, krijgt u vieze inkthanden. Als u eindelijk alles uit de printer heeft gekregen, doet hij het nog steeds niet. Ergens zit er nog een stukje papier vast. Om de hoek roept je baas waar je blijft.

Weet u wiens schuld dit is? Het is de schuld van de Chinese eunuch Cai Lun. Hij is hier verantwoordelijk voor. Hij geldt namelijk als degene die het papier heeft uitgevonden. Zonder papier geen vastgelopen printer. Nu kunt u wel op hem gaan mopperen, maar heb medelijden met hem, want heeft u het woordje eunuch wel gezien? Ook voor kantoormensen aan het hof van de oude Chinese keizers was het niet altijd een pretje.

Wie het hele verhaal wil lezen zie hier.

Paus Sylvester II

Ik heb er opeens de vaart in. Ik heb binnen een week een tweede portret van iemand uit mijn serie over de mensen achter de computer geschreven. Deze keer het levensverhaal van Paus Sylvester II. “Huh? Een Paus?” zult u misschien zeggen. “Wat heeft die met computers te maken?  Ik zou zeggen, lees daarvoor het verhaal. Het begint als volgt:

Gerbert van Aurillac (Paus Sylvester II), ca 945 – 1003; herintroduceerde de abacus in grote delen van Europa en introduceerde er ook de Arabische cijfers (maar nog zonder het cijfer 0).

12 Gerbert van Aurillac portret

Portret van Paus Sylvester II zoals dat te zien is in de Basilica di San Paolo fuori la Mura in Rome en dat uit de 10e of 11e eeuw zou stammen. Of hij er daadwerkelijk zo heeft uitgezien, is niet zeker.

Dat er een Paus voorkomt in de lijst van vijftig mensen achter de computer is iets wat u misschien niet had verwacht. Ok, wellicht zegt u dat iedere Paus beschikt over goddelijke wijsheid, maar die wijsheid telt hier niet. (Als die wel meetelde, dan stonden er liefst 266 door de Katholieke Kerk erkende pausen in de lijst plus nog een stuk of veertig tegenpausen en niet erkende pausen.)

Nee, om in de lijst van vijftig mensen achter de computer te worden opgenomen moet je beschikken over wetenschappelijke wijsheid, technische wijsheid of over computerwijsheid en daarmee iets bijzonders hebben gedaan. Paus Sylvester II had wetenschappelijke wijsheid.

Hij was de man die na een verblijf in Spanje de abacus herintroduceerde in het Europa buiten Spanje en daarnaast introduceerde hij in de rest van Europa het gebruik van de Arabische cijfers (maar nog zonder het cijfer 0). (Dankzij de Moren werd in grote delen van Spanje deze Arabische getallennotatie al gehanteerd; Gerbert introduceerde het in Frankrijk, Italië en Duitsland.)

Gerbert van Aurillac deed dit alles voordat hij Paus werd. Paus was hij overigens niet zo lang, slechts iets meer dan vier jaar (van 9 april 999 tot aan zijn dood op 12 mei 1003). Als u goed naar die jaartallen kijkt, dan ziet u dat in die periode de overgang naar het nieuwe millennium viel. Net zoals in 2000 waren er vlak voor het jaar 1000 allerlei voorspellingen dat de overgang naar een nieuw millennium rampspoed zou inhouden. De Paus probeerde de mensen zoveel mogelijk gerust te stellen en hij bleek gelijk te hebben. Op 1 januari 1000 kwam de zon gewoon weer op.

Voor wie de rest van het verhaal wil lezen kan hier terecht.

ps. Ook het gedicht De tuinman en de dood’ van Pieter Nicolaas van Eyck komt langs in dit portret. Er gebeuren vreemde dingen in de wetenschap.

De Banu Musa broers

Ik heb weer eens een portret geschreven voor mijn serie ‘De mensen achter de computer’.  Deze aflevering gaat over drie broers die bekend staan onder de naam de Banū Mūsā broers. Dat waren drie Arabische broers die in de negende eeuw na Christus in het huidige Bagdad leefden. Ze zijn vooral bekend geworden door een boek met daarin beschreven een honderdtal  wonderlijke automaten.

De drie wetenschappers deden ook praktisch veldonderzoek. Zo reisden ze naar een woestijn in Mesopotamië om de omtrek van de aarde te meten. Dit deden ze niet door de volledige 40.075 km af te leggen. Na 111 km lopen wisten ze al hoe groot de omtrek van de aardbol was. Hun schatting van 39.992 km zat er maar 83 km naast.

Hoe ze tot die schatting kwamen, kan je in hun portret lezen. Dit begint als volgt.

De Banū Mūsā broers; negende eeuw na Christus, drie wiskundige broers die beroemd zijn geworden om de automaten die zij bedachten.

11 musa postzegelDe drie gebroeders Mūsā zoals ze staan afgebeeld op een Syrische postzegel uit 1996. Typisch een voorbeeld van ‘elke gelijkenis met de werkelijkheid berust op louter toeval.’

Alle verhalen uit deze serie gaan altijd over één persoon, deze aflevering echter niet. Het betreft hier namelijk een gezamenlijk portret van de drie broers ibn Mūsā ibn Shākir. Het zijn Abu Jafar Moḥammad (meestal alleen met de namen Jafar Mohammed of met de naam Moḥammad aangeduid), Ahmad en Al-Hasan ibn Mūsā ibn Shākir. Ze worden meestal aangeduid als de Banū Mūsā broers. (Banū Mūsā is Arabisch voor zonen van Mūsā , hun vaders naam– Mūsā is Mozes in het Arabisch).

 De reden dat de broers Banū Mūsā uit het Perzië van de negende eeuw met zijn drieën tegelijkertijd behandeld worden, is dat ze veelal gezamenlijk opereerden. Ze werkten altijd nauw samen en publiceerden naast hun eigen werken ook boekwerken als een collectief. Wie wat heeft bedacht, valt niet altijd meer goed na te gaan. Daarom een gezamenlijk portret. U moet maar denken, drie voor de prijs van één.

 De broers zijn behalve door hun wetenschappelijke werken vooral bekend geworden door hun boek ‘Kitāb al-hiyal’, ‘het boek van ingenieuze uitvindingen’ (letterlijk vertaald: het boek met truukjes). In dit boek staan meer dan 100 automaten en andere bedenksels beschreven. Deels waren deze geïnspireerd op ideeën van Hero van Alexandrië, Philon van Byzantium en andere figuren uit de oudheid, deels waren het nieuwe ontwerpen.

Tot de uitvindingen behoorden onder andere een automatisch waterorgel, een zelfdovende lamp en een “fluitspelende robot”. Deze werkte op stoom en kon dankzij het verzetten van een schakelaar meerdere liedjes spelen. Deze automaat wordt daarom wel eens gezien als het vroegste voorbeeld van een programmeerbare machine. De broers bedachten ook praktische zaken. Zo ontwierpen ze een waterkruik met een automatische veiligheidsstop voor het geval dat er te veel water in één keer uit dreigde te stromen en ook bedachten ze een lamp die uit zichzelf uit ging.

Wie het hele portret wil lezen, kan hier terecht.

 

Mohammad ibn Musa al-Khwasrizmi

In mijn serie over de mensen achter de computer heb ik eindelijk weer eens een portret geschreven. Het schiet niet erg op mijn serie. Je zult zien dat de ontwikkeling van de computer zo hard gaan dat er aan de voorkant (het heden) er meer mensen in de serie bij komen dan dat ik aan de achterkant (het verleden) beschrijf.

Maar anyway, het negentiende portret is klaar. Deze aflevering gaat over Moḥammad ibn Mūsā al-Khwārizmī , wie kent hem niet. Het stuk begint als volgt:

Moḥammad ibn Mūsā al-Khwārizmī; ca. 780 – ca. 850; Arabisch wiskundige naar wie het begrip algoritme is vernoemd.

10 AL postzegel

(Moḥammad ibn Mūsā al-Khwārizmī zoals hij staat afgebeeld op een Russische postzegel uit 1983. Het getal 1200 op de postzegel slaat op ‘het feit’ dat hij dat jaar 1200 jaar eerder geboren zou zijn. Of dat klopt en of hij er daadwerkelijk zo heeft uitgezien, is niet zeker.)

Zeggen de namen Alois Alzheimer, André Ampère, William Boeing, Charles Boycott, Louis Braille, Anders Celsius, Rudolph Diessel, Gabriel Fahrenheit, William Frisbee, Joseph Guillotin, R.J. Guppy, Henry Heimlich, Charles Lynch, Maria Montessori, Samuel Morse, James Parkinson, Ivan Pavlov, Charles Richter, Adolphe Sax, the Earl of Sandwich, Paul Stroganoff, George Gilles De Tourette en Ferdinand Zeppelin u iets?  

Het zijn allemaal mensen naar wie een ziekte, een eenheid, een product, een gebeurtenis, een gerecht, een dier of een begrip zijn genoemd. In dit rijtje pas ook Mohammed ibn Moesa al-Khwarizmi, een Arabsche wiskundige uit de negende eeuw die onder andere het boek ‘Hisab al-jabr wa al-muqabala’ schreef. 

Het zou overigens best wel eens kunnen dat u niet direct zijn naam herkent. Het gaat om het ‘al-Khwarizmi’ gedeelte uit zijn naam. Spreekt u de naam maar eens hardop uit. Misschien hoort u dan iets wat vaag lijkt op het woord ‘algoritme’, een reeks instructies om van een bepaalde begintoestand naar een gewenste resultaat te komen, iets wat vaak gebruikt wordt in computers. En herkent u het woord ‘al-jabar’ uit de titel van zijn boek ‘Hisab al-jabr wa al-muqabala’? Deze term is later “vertaald” tot ‘algebra’. Aan al-Khwarizmi hebben we dus zowel de woorden algoritme als algebra te danken.

Voor wie de rest  van het verhaal wil lezen, zie hier.

 

Het getal nul

Herkent u de volgende symbolen: I, V, X, L, C, D en M? Inderdaad, het zijn de Romeinse cijfers. Valt u wat op aan deze cijfers? Er is geen symbool voor het getal nul. De Romeinen kenden net als de oude Grieken geen getal nul.

000000-klokfoto Philip James; Wikipedia

Als men u deze klok probeert te verkopen als een originele tweeduizend jaar oude Romeinse klok, trap er niet in! De Romeinen kenden geen getal 0.

Het getal is pas in het jaar 628 door een zekere Brahmagupta gedefinieerd. Over hem gaat het achttiende portret dat ik in mijn serie over ‘de mensen achter de computer‘ heb geschreven. Het verhaal begint als volgt:

Brahmagupta, 598 – 668, definieerde als eerste het getal nul en gaf rekenregels hoe je met het getal nul moest rekenen.

Computers leven van enen en nullen. Ok, ook van een beetje stroom en algoritmes (instructies) maar verder draait het bij een computer vooral om enen en nullen. Het getal nul is één van de belangrijkste getallen in de wiskunde die er bestaan. Daarom is het eigenlijk een beetje vreemd dat pas in de zevende eeuw na Christus iemand met een definitie voor het getal nul kwam en rekenregels opstelde hoe er met het getal nul gerekend moest worden. Alle wereldrijken daarvoor zoals het Oud-Perzische Rijk, de Grieken (kenden wel de stelling van Pythagoras maar hadden geen getal 0); en het Romeinse rijk kwamen op en gingen ten onder zonder dat ze over rekenregels met betrekking tot het getal nul beschikten. (Misschien gingen ze daarom wel ten onder.)

De persoon die als eerste het getal nul definieerde en er rekenregels voor bedacht, was Brahmagupta. Hij leefde van 598 – 668 in wat nu India is en was een wiskundige en astronoom. Hij schreef over het getal nul in zijn boek Brahma-sphuta-siddhanta dat in 628 verscheen. Brahmagupta schreef in dat boek niet alleen over het getal nul, maar ook over hoe om te gaan met negatieve getallen. Ook schreef hij in zijn boeken over allerlei astronomische zaken.

Wie de rest van het verhaal wil lezen, zie hier.

 

 

Zhang Heng

Ik heb eindelijk weer eens een portret geschreven voor mijn serie  ‘de mensen achter de computer‘ Het is het zeventiende portret. Ik ben nu ongeveer op een derde.

Dit portret gaat over Zhang Heng, een Chinees die leefde van 78 tot 139. Hij is vooral bekend geworden als degene die als eerste een soort seismograaf uitvond. De Chinezen dachten zo’n 2000 jaar geleden dat aardbevingen werden veroorzaakt door bepaalde luchtstromingen. Men dacht dat het hele heelal vol met lucht zat. De lucht in het heelal bewoog  hierbij continu in allerlei richtingen. Meestal ging dat goed, maar heel af en toe kwam de lucht met grote kracht op aarde terecht en dat veroorzaakte dan een aardbeving.

Zhang Heng bedacht een apparaat dat bestond uit acht drakenhoofden op een soort cilinder met elk een balletje in hun bek. Als er ergens een aardbeving plaats vond, dan liet één van de draken zijn balletje vallen dat dan in de mond van een kikker viel die er onder stond. Zo kon men niet alleen zien dat er ergens in het grote Chinese rijk een aardbeving was geweest maar ook in welke richting men die moest zoeken.

8. Zhang Heng seismograafReconstructie van het model van Zhang Heng

Het portret van Zhang Heng beging als volgt:

Zhang Heng is vooral bekend geworden doordat hij als eerste, bijna 2000 jaar geleden, een seismograaf bedacht. Met zijn apparaat kon hij niet alleen aardbevingen waarnemen die op meer dan 600 km afstand plaats vonden, maar kon hij ook zeggen uit welke richting de trillingen kwamen, iets waardoor in het grote Chinese rijk al hulp gezonden kon worden voordat de boodschappers met het nieuws over de aardbeving het keizerlijke hof bereikten.

Naast de seismograaf construeerde hij allerlei andere technische apparaten zoals een odometer (dat is een soort kilometerteller), en een wagen met daarop een pop die tijdens het rijden altijd naar het zuiden bleef wijzen zonder dat daarbij gebruik werd gemaakt van magnetisme. Hij gebruikte hiervoor een tandwielentechniek die zo’n duizend jaar later ook werd gebruikt in de eerste mechanische rekenmachines.

Daarnaast is Zhang Heng bekend geworden als wiskundige, astronoom en dichter. Als astronoom toonde hij aan dat de maan geen eigen licht had maar dat het alleen maar het licht van de zon weerkaatste.

Wie het hele portret van Zhang Heng wil lezen, kan hier terecht.