Een middagje duurzaamheid

Zaterdagmiddag was er in het raadhuis van onze gemeente het ‘Festival Samen Duurzaam’. De gemeente had een heel programma georganiseerd met allerlei workshops, onder andere over ecologisch tuinieren, zonnepanelen, woning verduurzamen, recyclen en het maken van een insectenhotel. Die laatste workshop was een workshop voor kinderen. Daarnaast waren er allerlei stands en kraampjes.

De fietsersbond – Marianne is hier lid van en ze zit ook in het bestuur van de plaatselijke afdeling –  had ook een kraam. Marianne had toegezegd om een paar uurtjes in het kraampje te staan en daarom besloot ik om na de lunch even bij haar langs te gaan.

Mijn binnenkomst zorgde direct voor enige opwinding in het raadhuis. Enkele vrouwen die achter een kraampje stonden, keken me hoopvol aan. (Ik wil hier het woordje ‘smachtend’ niet gebruiken, want Marianne leest dit blog ook.)

Nu heb ik die uitwerking op vrouwen wel vaker, maar in dit geval kwam het omdat er nauwelijks bezoekers waren voor het festival. Er liepen voornamelijk mensen van de gemeente, en familie en kennissen van de deelnemers rond. Wellicht hoopten de dames van de kraampjes op een nieuwe (schaarse) bezoeker. Helaas voor hen viel ik ook in categorie ‘familie en kennissen’ en nadat ik kort met Marianne had gesproken ging ik er weer vandoor.

Buiten stonden overigens best veel mensen voor het raadhuis, maar die kwamen niet voor het duurzaamheidsfestival maar voor een trouwerij. Ze waren zo te zien in afwachting van het bruidspaar dat nog niet gearriveerd was. Overigens eindigt tegenwoordig 39% van alle huwelijken in een echtscheiding; niet elk huwelijk is dus duurzaam.

Na mijn bezoek aan het raadhuis fietste ik naar de plaatselijke kringloopwinkel. Mijn zwager was twee weken geleden bij ons door een tuinstoel gezakt en dat had hij niet overleefd – de stoel bedoel ik uiteraard, niet mijn zwager. Ik besloot om even bij de kringloopwinkel te kijken of ze daar soms een soortgelijke stoel hadden, heel duurzaam dus.

Op weg naar de kringloopwinkel wilde ik door onze plaatselijk dorpsstraat fietsen maar dat ging niet. Er was daar een manifestatie aan de gang met oude auto’s en ik moet zeggen dat dit festival veel meer bezoekers trok dan het ‘samen duurzaam festival’ van de gemeente dat tegelijkertijd werd gehouden.

00 auto

Bij de kringloopwinkel hadden ze vier blauwe stoelen – die pasten niet zo bij onze witte tafel – en één witte stoel. Die was echter weer net iets anders dan onze overgebleven stoelen, dus dat vraagt om een beleidsbeslissing. Dat wil zeggen, daar moet Marianne ook maar even naar kijken.

Tot slot, in de etalage van de kringsloopwinkel zag ik een opvallend kledingstuk, namelijk een trouwjurk.

00 jurk

Het zou toch niet zo zijn dat de bruid van het stel waar de mensen bij het raadhuis op stonden te wachten zich op het allerlaatste moment bedacht had? Maar mocht dat wel zo zijn, dat was het wel heel duurzaam dat ze haar jurk aan de kringloopwinkel had geschonken.

Een debatwedstrijd

Terwijl ik over het Binnenhof loop, word ik voorbij gelopen door een drietal middelbare scholieren. Ze zijn zo te horen op weg naar een debatwedstrijd. Een zekere Kevin, vermoedelijk een klasgenoot, heeft de finale gehaald. Ze hebben het over zijn kansen. Ze hebben er wel vertrouwen in.

Nummer één: “Kevin is echt een geboren debater”; Nummer twee: “Hij debatteerde al toen hij nog maar zeven was.”; Nummer drie gaat daar nog eens over heen. “De eerste twee woordjes die Kevin sprak, waren ‘Ja maar’.”

Ik geef Kevin een goede kans.

0 mark rutteDe tegenstander van Kevin bereidt zich ondertussen voor op het debat. Foto Sebastiaan ter Burg

Plastic Bertrand

Je hebt van die muzieknummers die ‘cult’ worden en vaak ook in films te horen zijn. Little Green Bag van “onze eigen”  George Baker Selection uit 1969 is zo’n nummer. Niet alleen is het regelmatig te horen in de Lidl-commercials maar het werd bijvoorbeeld ook gebruikt in de film ‘Reservoir Dogs’ van regisseur Quentin Tarantino.

Ook zo’n nummer is ‘Ca Plane Pour Moi’ van Plastic Bertrand uit 1977. Dit nummer is onder andere te horen in de films ‘National Lampoon’s European Vacation’, ‘127 Hours’, ‘The Wolf of Wall Street’ en ‘Super Troopers 2’.

0 ca planeZie hierboven een optreden van Plastic Bertrand in TopPop in 1977. Als u op kantoor zit, gewoon even op het plaatje klikken en de volumeknop maximaal open zitten. Genieten! “Ça plane pour moi,  Hou! Hou! Hou!!” 

Plastic Bertrand, zijn moeder had hem overigens zo niet genoemd maar hem de naam Roger François Jouret gegeven, was een Belgische zanger die met het nummer een wereldwijde hit had. Het Franstalige nummer stond zelfs in de Amerikaans hitlijst. In totaal zijn er bijna een miljoen singles van verkocht. Het zou zijn enige hit blijven. Al zijn vervolgplaten flopten. In 1987 nam hij namens Luxemburg nog deel aan het Eurovisie Songfestival. Hij eindigde als een na laatste.

In 2010 voerde Lou Deprijck, de producer van het nummer, een rechtszaak om de rechten van het nummer. Hij stelde dat hij niet alleen het nummer had geschreven en geproduceerd maar het ook had ingezongen. Plastic Betrand playbackte volgens hem het nummer alleen maar tijden tv-optredens. In een interview met de Belgische krant ‘Le Soir’ gaf Plastic Bertrand later toe dat hij het nummer niet zelf had gezongen, net zo min overigens als de nummers op zijn eerste vier lp’s.

In de minidocumentaire Plastic Bertrand – Ça Plane Pour Moi; Het verhaal achter het nummer uit Top 2000 a gogo vertelt Lou Deprijck in 2010 in Thailand over het ontstaan van het nummer.

Waarom moest ik nu opeens aan Plastic Bertrand denken? Vanwege dit fenomeen dat ik van de week zag.

0 bakken

Het winkelcentrum bij ons in de buurt wordt verbouwd. Er is een straat opengebroken, waardoor het afvalbedrijf nu niet meer met zijn wagen bij de afvalbakken kan. De gemeente heeft echter de bak niet afgesloten en ja, dan raakt zo’n bak op een gegeven moment vol. Wat doe je dan als je je zak plastic niet meer kwijt kan in de bak? Dan neem je hem weer mee terug en breng je de zak naar een andere bak. Nee, natuurlijk niet. Je zet hem er gewoon naast.

Het lijkt overigens wel of er telkens meer spullen in plastic worden gepakt. Kijk ik bijvoorbeeld bij onze Albert Heijn dan zie ik allerlei groente en fruit zoals komkommers en paprika’s onnodig in plastic zitten. Albert Heijn neem eens een keer je verantwoording zou ik zeggen. Zelf sjouwen we tegenwoordig allerlei herbruikbare netjes mee om losse groentes en fruit in te pakken.

Het probleem van de bakken die niet meer geleegd worden is gisteren overigens opgelost. Het plastic is weg gehaald, evenals de bakken.

Hiroshige

Ando Hiroshige (1797 – 1858), ook bekend als Utagawa Hiroshige, is een Japanse kunstenaar die wereldberoemd is geworden dankzij zijn prenten met landschapsafbeeldingen. Zie hier enkele werken van hem.

0 hiroshige 0

0 hiroshige 6

0 hiroshige wave

Vincent van Gogh was een groot bewonderaar. Hij verzamelde prenten van hem en heeft een tweetal nageschilderd. Links het origineel van Hiroshige; rechts de versie van Van Gogh.

0 hiroshige van gogh 0 hiroshige van gogh 2

0 hiroshige van Gogh

Echt zeldzaam zijn de prenten van Hiroshige niet. Hij heeft honderden verschillende gemaakt, die elk nog eens veelvuldig zijn afgedrukt. Soms zelfs nog tot tientallen jaren na zijn dood in 1858 . Ook zijn er allerlei moderne ‘reprints’ op de markt. Dus als je een originele prent van Hiroshige wilt kopen, moet je wel even goed opletten.

(Daarnaast zijn er nog twee andere Japanse kunstenaars uit de negentiende eeuw met de naam Hiroshigi en wel Hiroshigi II en Hiroshigi III. Dit zijn leerlingen van Hiroshigi die beiden met zijn dochter trouwden. Niet tegelijkertijd natuurlijk. Eerst de ene en na een scheiding de andere. Beiden namen na het huwelijk de naam van hun schoonvader aan.)

Vooral de originele prenten van Hiroshigi zijn erg gewild. Er worden prijzen van €100 tot soms wel zo’n €2500  voor betaald, afhankelijk van de zeldzaamheid en staat.

Op de site van Museumdepotshop, waar je werken kan kopen die Nederlandse musea niet meer willen hebben, worden momenteel af en toe door het Japanmuseum SieboldHuis  in Leiden prenten van Hiroshige te koop aangeboden. Ze zijn afkomstig uit de collectie van de arts Philipp Franz von Siebold die, toen hij in Japan woonde (1823-1829), een grote verzameling aanlegde van prenten, oude landkaarten, keramiek, herbaria, kleding en andere Japanse spullen. Je mag daarom aannemen dat de prenten die het museum te koop aanbiedt originele prenten zijn.

De prenten die dit museum aanbiedt, ook van andere Japanse kunstenaars, zijn buitengewoon populair. Binnen een minuut nadat de Museumdepotshop met ‘nieuwe’ exemplaren komt, zijn ze al weg. Vanochtend om 8.30 uur ging de shop weer open en nam ik een kijkje. Ik was precies op tijd. Er werden twaalf prenten aangeboden, waarvan één van Hiroshige.

0 hiroshige 3

Ik drukte op het plaatje en had de prent in mijn winkelmandje.

0 hiroshige

Als je de prent in je winkelmandje hebt, dan heb je hem echter nog niet “gekocht”. Iemand anders kan hem tegelijkertijd ook in zijn winkelmandje hebben gekregen. Degene die het eerst het betalingsproces heeft doorlopen is dan de koper. Je moet dus niet alleen precies op tijd in de museumshop kijken en op de afbeelding drukken, maar ook nog eens heel snel het betalingsproces doorlopen.

Dat deed ik niet. Bewust. Ik vond hem eigenlijk niet zo mooi. Het was de compositie die mij stoorde. De heuvel rechts verstoorde het beeld vond ik, evenals het blauwe heuveltje links en de donkerblauwe rand boven. Ok, dat kan je er allemaal van af knippen en dan hou je dit over.

0 hiroshige 2

Of bijvoorbeeld zo als je een ‘staande’ variant wilt hebben.

0 hiroshige 59

Kijk, dit vind ik zelf al een veel mooier plaatje, maar dat stukken afknippen van een prent, dat doe je niet. Eén van mijn verre voorvaderen uit de Amsterdamse tak, Hubertus van Neck, heeft dat in de zeventiende eeuw ooit wel gedaan en wel met de Nachtwacht van Rembrandt – hij knipte de zijkanten er van af omdat hij de compositie zonder die figuren die daarop stonden mooier vond –  en daar zijn ze bij het Rijksmuseum nu nog kwaad over.

Ik liet de prent de prent – zeker voor €250. Wel besloot ik het betalingsgedeelte tot aan het daadwerkelijke moment van betalen in te vullen. Dit voor het geval ik in de toekomst ooit wel iets op de site van de Museumdepotshop  zou willen kopen. Dan kon ik alvast zien hoe het werkte. De site vroeg om mijn NAW-gegevens en of ik mijn aankoop aangetekend wilde verzenden. Dat kostte dan 5 euro. Oké, dat is goed.

Nadat ik alles had ingevuld, en klaar was om daadwerkelijk te betalen, bekeek ik het overzicht. Het totaal door mij te betalen bedrag bedroeg 5 euro. De prent was ondertussen blijkbaar al door iemand anders afgerekend. Ik hoefde alleen nog maar het aangetekend verzenden van niets te betalen. Ja, zeg. Ik ben gekke Henkie niet. Heb ik mooi niet gedaan.

p.s. Voor wie wil weten wat Japanse prenten op veilingen doen, op de site van Catawiki zijn regelmatig allerlei online-veilingen van ‘originele’ en reprints van Japanse prenten.

 

 

 

 

 

 

 

My fifteen minutes of fame in de schaakwereld (2)

Nog even terugkomend op Andy Warhol. Gisteren vergeten te vermelden maar wist u dat zijn echte naam niet Warhol was maar Warhola. Andy Warhola, dat klinkt toch heel anders dan Andy Warhol. Maar goed, nu over naar de schaakwereld in Nederland in de jaren zeventig.

Tijdens mijn studententijd was ik lid van de Enschedese studentenschaakvereniging Drienerlo. Als lid van een schaakvereniging was je ook automatisch lid van de KNSB – om misverstanden te voorkomen het betreft hier de Koninklijke Nederlandse Schaakbond, niet de schaatsbond. Als lid van de bond ontving je een maandelijks blad genaamd ‘Schakend Nederland’.

0 sn

(Ik heb – zie hierboven; ik ben die figuur die naast die drie jongetjes zit – zelfs een keer op de voorpagina van het blad gestaan. Zie hier voor de achtergronden van deze foto.)

Maar behalve ‘Schakend Nederland’ kende Nederland in die tijd nog een schaakblad: ‘Schaakbulletin’, opgericht door de in 2017 overleden Wim Andriessen. Dit was een blad van schakers voor schakers. Ik had bij een prijsvraag van het blad een keer een abonnement op ‘Schaakbulletin’ gewonnen, waarbij ik de zeer deskundige en objectieve jury van het blad wellicht enigszins had beïnvloed door bij mijn inzending op te merken dat mocht ik een prijs winnen, dat het bedrag dan  – het blad was een noodlijdend blad met slechts een paar duizend abonnees – ook uitgekeerd mocht worden in de vorm van een abonnement. Prompt won ik de tweede prijs, een bedrag ter grootte van een jaarabonnement

0 schaken sb

Het blad verscheen van 1968 tot 1984. Dit was de voorkant van het laatste nummer.

Veelvoudig Nederlands kampioen Jan Timman was volgens mij een tijd lang de hoofdredacteur van het blad. Hij schreef er ook zelf in. Tot de andere auteurs behoorden Jan Hein Donner en Tim Krabbé. De laatste schreef over schaakcuriosa, iets wat mij zeer aansprak.

Jan Timman behoorde in die tijd tot de wereldtop in het schaken en één van de partijen die hij voor het blad analyseerde was een partij van hemzelf tegen Anatoli Karpov, in die tijd de wereldkampioen schaken. Timman ging in de analyse van zijn partij uitgebreid in op een specifieke variant waarover hij tijdens de partij had nagedacht. Voor de niet-schakers onder ons, een variant is een mogelijke partijontwikkeling die kan optreden als je een bepaalde zet zou spelen. Een wat-als analyse zeg maar.

(Vergelijk het bijvoorbeeld maar met mijn schrijverscarrière. Zo’n twintig jaar geleden koos ik er voor om non-fiction verhalen te schrijven. Had ik er toen echter voor gekozen  – ik ben nu dus bezig met een variant, een wat-als analyse – om fictieverhalen te schrijven over een jongen die naar een tovenaarsschool ging en daar zwerkbal op een bezemsteel zou spelen, dan zou ik nu misschien wel een wereldwijde bestsellerauteur zijn geweest. Het leek me in die tijd echter geen goed idee. )

Enfin, Timman concludeerde in zijn stuk dat het alternatief waarover hij in de partij had nagedacht niet tot een winststelling voor hem zou hebben geleid en dat hij dus de goede zet had gespeeld. Ik keek naar de slotstelling van zijn analyse van de variant en dacht ‘Maar als hij de koning nu nog één stapje opzij zet, dan wint hij toch? Of zoals Neil Amstrong zou zeggen: “That’s one small step for a man, one giant leap for mankind”.

0 amstrong

24 juli 1969; Schaker Neil Amstrong, hier links aan boord van de Mobile Quarantine Facility, wordt na terugkeer van de maan toe gesproken door de bekende Amerikaanse schaakgrootmeester Richard Nixon; Foto NASA

Ik zag niet wat er mis was met die koningszet  en stuurde een brief naar het blad. “Geachte heer Timman, ik zal me ongetwijfeld vergissen, en u zult het ongetwijfeld beter zien, maar wint wit niet gewoon als hij  zijn koning een stapje op zij zet?”, iets in die stijl. Even tussendoor, zo ging dat nog in die tijd, je stuurde brieven, geen mails. Overigens hoorde ik laatst al iemand verbaasd zeggen, stuurt hij nog mails? Enfin, een brief dus.

In het volgende nummer van Schaakbulletin kwam Timman terug op de partij. Twee lezers, B. Stam en M. van Neck hadden hem in afzonderlijke schrijvens gewezen op de “onvoorstelbare stille zet Kh1!!” – dat staat voor koning naar veld h1 –  en die zet won volgens Timman inderdaad. Vol trots liet ik enige tijd later het blad zien aan Rini K., een topschaker die wel eens bij een vriend van hem op onze studentenflat op bezoek kwam. Rini was niet onder de indruk van mijn vondst. Timman was maar een grote prutser vond hij. Iedereen zag die zet toch.

De vermelding van mijn naam in het blad was overigens maar een deel van mijn ‘fifteen minutes of fame’ en daarmee bedoel ik niet dat ook lezer B. Stam de zet had  gevonden en ik dus eigenlijk maar recht had op de helft van de fifteen minutes oftewel ‘7,5 minutes of fame’, nee, ik bedoel daarmee dat er een paar maanden later een boek van Jan Timman uit kwam, getiteld ‘Schaakwerk 1’.

0 schaken 0

Ook in dit boek  kwam de partij voor en ook hier vermeldde Timman de namen van lezers B. Stam en M. van Neck als degenen die hem op de ‘onvoorstelbare stille zet Kh1’ hadden gewezen.

0 schaken 2

Voila, nog een keer ‘7.5 minutes of fame’ erbij en nu zat ik in totaal daadwerkelijk op  de ‘fifteen minutes of fame’ in de schaakwereld.

Bijna was het zelfs nog verder gegaan. Een paar jaar later verscheen er een Engelse vertaling van het boek van Timman. Ik zag het toevallig ergens in een boekhandel staan en nieuwsgierig bladerde ik er in. Ook in de Engelse uitgave stond de variant uit de partij en ook hier werd Kh1 als de winnende zet vermeld. Maar helaas, in de Engelse uitgave waren de namen van de lezers B. Stam en M. van Neck weg gelaten. Dus geen extra fifteen minutes of fame er bij.

Mijn beroemdheid in de schaakwereld bleef aldus beperkt tot de Nederlandse uitgave. Eigenlijk dus geen ‘fifteen minutes of fame’ maar ‘vijftien minuten beroemdheid.’

Ik neem aan dat u nu wel onder de indruk bent van mijn schaakkwaliteiten, maar zoals Godfried Bomans ooit eens zei “Schakers, die plotseling iets zien, behoren gewoonlijk niet tot de topklasse. ”

0 bomans

Hoogovens-toernooi 1962; Schaker Godfried Bomans ziet plotseling een goede zet (voor de tegenstander); foto Jac de Nijs; Anefo; Nationaal Archief

 

My fifteen minutes of fame in de schaakwereld (1)

Kent u de uitdrukking ‘fifteen minutes of fame’? Die uitdrukking wordt vaak gebruikt als iemand kortstondig bekend is, meestal om iets wat niet echt belangrijk is. We hebben deze uitdrukking te danken aan Andy Warhol die in 1968 in een catalogus voor een tentoonstelling van zijn werk in het ‘Moderna Museet’ in Stockholm schreef: “In the future, everyone will be world-famous for 15 minutes”

De Amerikaanse fotograaf Nat Finkelstein stond naar eigen zeggen in 1966 mede aan de basis van deze woorden. Hij fotografeerde toen Andy Warhol voor een boek. Tientallen mensen probeerden bij die gelegenheid ook op de foto te komen, waarop Warhol zei “Iedereen wil beroemd worden”. Hierop antwoordde Finkelstein: “Yeah, for about fifteen minutes, Andy.” Of het inderdaad zo gegaan is, kunnen we niet meer navragen. Andy Warhol overleed in 1987 en Finkelstein in 2009.

0 andy warhol 2Op bovenstaande foto, tweede van links, is Andy Warhol te zien. Hij was beroemd op 2 september 1967 van 14.00 uur tot 14.15 uur, toen hij aan boord van de S.S. France sprak met de Amerikaanse auteur Tennessee Williams. (Foto James Kavallines; Library of Congress Prints and Photographs Division. New York World-Telegram and the Sun Newspaper Photograph Collection. LC-USZ62-121294).

Het Engels kent naast ‘fifteen of fame’  nog een soortgelijke uitdrukking, namelijk “a nine days’ wonder”. Die uitdrukking stamt al uit de Middeleeuwen. In een boek uit 1325 komt de uitdrukking al voor. Dat waren nog de ‘good old days’. Toen was je nog gewoon negen dagen beroemd. In de haastige wereld van vandaag nog maar een kwartiertje. En dat is dan ook de reden dat ik mijn verhaal over mijn fifteen minutes of fame in de schaakwereld nu stop en morgen pas weer vervolg.

Dan heb ik mooi twee keer mijn ‘fifteen minutes of fame’.

 

D-day (2)

De 75-jarige herdenking van D-Day was gisteren volop in het nieuws. Ik vroeg me opeens af hoe de kranten in Nederland in die tijd over D-Day hebben bericht en heb daarom even op de site van Delpher – hier kan je online allerlei historische kranten inzien – gekeken. Het bleek dat een hoop kranten op D-Day zelf al, dat wil zeggen op 6 juni 1944, over de invasie schreven. Zie hier enkele voorpagina’s.

krant alg handelsblad

krant twente

krant 6 juni.3

krant 6 juni.JPG 2

krant rotterdam

Ook ‘De Telegraaf’ berichtte over D-Day. (“Berlijn ziet de gebeurtenissen rustig onder de oogen. De legerleiding was voorbereid‘)

krant telegraaf

Terwijl de Duitsers zelf door de datum en plaats van de invasie werden verrast, had de Telegraaf een  journalist ter plekke, (althans dat suggereerde de krant). Een gevangen genomen valschermjager  –  “ze werden in de pan gehakt“, aldus de krant –  werd geïnterviewd. Een citaat:

“De gevangenen zijn blij, dat zij zoo snel gevangen genomen werden. Zoo vertelde James Griffith uit Newcastle: “De gevechten, waarop wij zoolang hebben gewacht, zijn zoo iets vreeselijks, dat ik aan de weinige minuten, dat ik ze heb meegemaakt, meer dan genoeg heb. Ik ben tevreden, dat deze bloedige geschiedenis voor mij zoo gelukkig is afgeloopen.”

Een stukje als dit laat wel zien aan welke kant de sympathie van de Telegraaf, vooral tijdens de laatste oorlogsjaren, lag. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg de Telegraaf dan ook een verschijningsverbod van 30 jaar dat later in een verschijningsverbod van vier jaar werd omgezet.

Er verschenen die dag ook allerlei illegale krantjes. Zier hier bijvoorbeeld ‘Strijdend Nederland‘ van 6 juni 1944. Dit was een stencil dat onregelmatig, zo’n drie keer in de week,  in een oplage van een paar honderd exemplaren in de omgeving van Kampen verscheen. (Een tweetal mensen die bij dit blad betrokken waren, zouden in maart 1945 op de Woeste Hoeve als represaille voor de aanslag op Rauter gefusilleerd worden.)

krant strijden nederland

Tot slot, ook het Financieel Dagblad verscheen op 6 juni 1944. Zo zag de voorpagina van die krant die dag er uit. Geen woord over de invasie.

krant fd

Ook in de krant van dag er op stond niets over de invasie.  Het belangrijkste nieuws die dag was volgens het Financieel Dagblad het risico dat de Kon. Nederl. Papierfabriek nam met een obligatie-emissie. Volgens het Financieel Dagblad was het een risico dat vermeden had kunnen worden.

fd krant

Hoe het met D-Day is afgelopen weet ik. Maar ik heb geen flauw idee hoe het met de emissie van de Kon. Nederl. Paperfabriek is gegaan. Was het een succes?

 

 

 

D-Day

Vandaag is 75 jaar geleden dat D-Day plaats vond. Zo’n 160.000 geallieerde manschappen werden die dag aan land gezet.

d-dayA LCVP (Landing Craft, Vehicle, Personnel) from the U.S. Coast Guard-manned USS Samuel Chase disembarks troops of the U.S. Army’s First Division on the morning of June 6, 1944 (D-Day) at Omaha Beach.” Official U.S. Coast Guard photograph’

Volgens een bericht dat ik vandaag hoorde op Omroep West landden op D-Day geen Nederlanders van de Prinses Irene Brigade.  De reden daartoe was dat de legerleiding bang was dat als de Amerikanen en de Engelsen in het donker mensen Nederlands hoorden praten, ze zouden denken dat die mensen Duitsers waren en dat ze dan op hen zouden gaan schieten. Een paar weken na D-Day stak de brigade wel het kanaal over, net zoals duizenden anderen. Eind juli 1944 waren er al meer dan 1,5 miljoen geallieerde soldaten in Frankrijk.

d-day laterLanding ships putting cargo ashore on Omaha Beach, at low tide during the first days of the operation, mid-1944-06; Official U.S. Coast Guard photograph

Met zulke grote aantallen is het ook logisch dat tussen al deze soldaten mensen hebben gezeten die later beroemd zijn geworden in een andere rol, soms letterlijk als acteur. Zo bevonden zich onder de soldaten die op 6 juni op de stranden landden Alec Guinness (hij speelde later o.a. in Star Wars (Obi-Wan Kenobi) en The Bridge on the River Kwai), David Niven (o.a. Around the World in 80 Days) en James Doohan. Deze laatste is het meest bekend geworden als Scotty in de serie Star Trek (“Beam me up, Scotty“).

Tijdens de landing werd hij zes keer geraakt; vier kogels in zijn been, één in zijn hand (een vinger moest worden geamputeerd) en eentje in zijn borst. Dat die laatste kogel niet dodelijk was, kwam omdat hij in een zilveren sigarettendoosje bleef steken dat Doohan van zijn broer had gekregen. Als je zo’n scene in een film zou stoppen, dan zou je zeggen een beetje te ongeloofwaardig.

Marianne en ik hebben in 1988 tijdens een vakantie in Normandië een keer de stranden en de omgeving bezocht. Toen wij in Sainte-Mère-Église waren, vertelde ik haar de geschiedenis van de paratrooper die daar met zijn parachute aan de kerktoren bleef hangen. We keken omhoog naar de kerk en wat bleek, hij hing er nog steeds!

kerk

Uw verslaggever ter plekke in 1988

Dat was schrikken. Gelukkig bleek het een pop te zijn die er sinds een herdenking in 1976 hangt. Het is nu een soort toeristisch attractiepleister geworden. Wel hangt hij aan de verkeerde kant van de toren. In werkelijkheid bleef hij aan de achterkant van de kerktoren hangen, waardoor de Duitsers hem aanvankelijk niet zagen. Later namen ze hem gevangen. Hij ontsnapte al snel en zou de oorlog overleven.

Tot zover uw oorlogsverslaggever.

 

 

 

 

 

Uitverkoop

Vroeger was er twee keer per jaar uitverkoop. Mensen zaten soms de avond er voor al bij winkels op de stoep, niet alleen bij dure elektronicazaken maar ook bij voorbeeld bij een lampenwinkel (Iedere klant kan slechts 2 artikelen kopen’).

uitverkoop 314 januari 1961; foto Hugo van Gelderen; Anefo; Nationaal Archief

Tegenwoordig is het één doorlopende uitverkoop. Overal zie je in etalages posters met aanbiedingen hangen. Maar de tijd dat er gewoon “korting 10%’ op stond ligt al ver achter ons. Soms moet je zelf eerst gaan rekenen hoeveel korting je krijgt. Van de week liep ik door de Spuistraat in Den Haag. Binnen tien meter zag ik daar de volgende posters.

actie 2

De helft van de helft dus. Dat is dus 25% of te wel 75% korting. Of ik kan niet rekenen of iemand is vergeten die poster van 50% korting weg te halen. Verwarrend.

Bij deze dacht ik even dat als je drie producten tegelijk kocht, dat je ze dan gratis mocht meenemen. Eem misverstand.

actie 3

En in deze zaak golden er allerlei voorwaarden om de korting te krijgen:

actie 1Bi

Je kreeg dus 20% extra korting – boven op wat? – op één artikel naar keuze, mits je dat artikel die dag kocht voor 14.00 uur en je in bezit was van een ‘geactiveerde Jouw extra voordeel kaart’.  – die rare hoofdletter J van Jouw heb ik gewoon overgenomen, evenals die spatie in ‘voordeel kaart’.

En oh ja, een aantal producten was uitgesloten van deze aanbieding. Die stonden vermeld in de heel kleine lettertjes (als u goed kijkt, dan kunt u ze onder op de poster zien staan.) Ik heb ze even voor u bestudeerd. Het betrof ongeveer het hele assortiment van de winkel, plus dat van de winkels ernaast.

Nee, neem dan vroeger. Gewoon ‘Verkoop tegen iedere prijs!” ‘Knalkoopjes’  en ‘Hier is geld te verdienen’.  Dan wist je tenminste waar je aan toe was.

uitverkoop 4Amsterdam 7 januari 1958; foto Eric Koch; Anefo; Nationaal Archief

En bedrijven deden ook niet aan uitsluiten van producten. Daar gingen ze overigens best ver in. Neem de KLM in 1961. Die deed niet alleen de vliegtickets in de uitverkoop maar ook de vliegtuigen zelf.

uitverkoopVraag niet hoe het kan, maar profiteer er van!; foto Jac de NIjs; Anefo; Nationaal Archief

Overigens de foto die mij het meest intrigeerde van de zoekresultaten die ik kreeg toen ik op de site van het Nationaal Archief zocht met de zoekterm ‘uitverkoop’ was deze.

uitverkoop 2Datum 2 januari 1953; Foto J.D. Noske; Anefo; Nationaal Archief; 

De beschrijving bij de foto luidt: ‘Uitverkoop. Man voor etalage van C&A’. 

Ik zie hier direct een tragisch verhaal in. Een arm gezin – man, vrouw en een ziek kind. Ze hebben helemaal geen geld en moeten elk dubbeltje drie keer omdraaien om de ziektekosten van het kind, een meisje, te kunnen betalen. De man bezorgt ‘s morgens een ochtendkrant, werkt overdag tegen een karig loon op een kantoor waar hij een vreselijk vervelende baas heeft. Als hij ‘s avonds thuis komt, gaat hij eerst nog de avondkrant bezorgen. Maar hij blijft blijmoedig. De vrouw, handig met draad en naald, die overdag herstelwerk voor de hele buurt doet, maakt ondertussen het eten klaar. Veel goedkope stamppotten.

De vrouw heeft al drie jaar geen nieuwe kleren gekocht. De man droomt er van om een keer voor zijn vrouw een nieuwe jurk te kopen. En onder deze omstandigheden zien we hem voor de etalage van C&A staan. Koopt hij een jurk of niet …………

Spoiler alert. We verplaatsen ons nu 66 jaar in de tijd. Een Nederlandse vrouw ontruimt in een verzorgingstehuis de kamer van haar zojuist op 90-jarige leeftijd overleden moeder. In de kast treft ze een ruitjesjurk aan. “Die mag nooit weg” had haar moeder altijd gezegd. “Het is de jurk die ik van pap heb gekregen. We hebben er toen nog vreselijk ruzie over gehad maar pap – hij is tien jaar eerder overleden – weigerde hem terug te brengen.”  Een traantje biggelt over haar wangen.

 

 

The first 12,5 years of two Giant Sequoias

Een bekend fenomeen in de filmwereld zijn de vervolgfilms. Heeft een bepaalde film succes dan verschijnen er later vaak allerlei vervolgfilms. Denk bijvoorbeeld aan de reeksen Rocky 1 t/m 7, Star Trek 1 t/m 6 of The First Seven Days 1 t/m 8. Meestal zijn de vervolgfilms een stuk minder dan het origineel.

Ook op YouTube zie je dit. Zo zag ik daar een reeks over twee sequoia-boompjes.

  • the first five years of two Giant Sequoias (31.080 weergaven)
  • the first seven years of two Giant Sequoias (34.235 weergaven)
  • the first nine years of two Giant Sequoias (85.849 weergaven)
  • the first ten years of two Giant Sequoias (25.042 weergaven)
  • the first eleven years of two Giant Sequoias (5.762 weergaven)
  • the first 12,5 years of two Giant Sequoias (66 weergaven)

Bij elkaar zijn dit soort filmpjes 182.044 keer bekeken. Toch kan je aan de aantallen weergaven van het laatste filmpje zien, dat het concept op een gegeven moment wel uitgewerkt is. De laatste uit de reeks is maar 66 keer bekeken. (Ok, dat filmpje staat nog maar een dag op YouTube.)

Enfin, deze hele inleiding dient om aan te geven dat ik een nieuw filmpje van de twee sequoia-boompjes heb gemaakt: The first 12,5 years dus. De eerste vijf minuten zijn zo ongeveer hetzelfde als het vorige filmpje, maar dan (NEW!) volgt er een nieuwe minuut. Met deze keer ook bewegende beelden van de boompjes. En let op, er is hierbij niet gebruik gemaakt van stuntbomen en dergelijke. De twee boompjes figureren zelf in alle opnames. Zie hier het resultaat:

boom

(Op het plaatje klikken om naar het filmpje op YouTube te gaan.)

Barry Hughes is overleden

Dit weekend overleed Barry Hughes. Hij was van 1970 tot 1973 drie jaar lang de trainer van Go Ahead, mijn clubje. Toen in 1971 de amateurtak zich afscheidde van de proftak, was hij degene die de toevoeging Eagles voor de proftak verzon.

Ik heb wel eens op mijn kop van hem gehad. Ik leidde tijdens de training zijn spelers te veel af vond hij.  Het was in de zomer van 1970. Barry Hughes was net aangetreden als onze nieuwe trainer.  Het was zomervakantie. Ik was veertien jaar oud en besloot om eens bij de training van Go Ahead te gaan kijken om te zien hoe onze nieuwe trainer trainde.

De spelers moesten rondjes lopen. Daar viel niet veel aan te bekijken. Ik was dan ook meer geïnteresseerd in mijn transistorradiootje dat ik had meegenomen.  De Tour de France was bezig en Theo Koomen deed enthousiast verslag van een bergetappe. De spelers hoorden tijdens het voorbij lopen mijn radiootje en één van hen, John Oude Wesselink, vroeg wie er voorop lag. “Er is een kopgroepje met van Impe en Zoetemelk vooruit. Dertig seconden voorsprong” schreeuwde ik.

Bij het volgende rondje liep Oude Wesselink helemaal aan de buitenkant en riep: “En nu?” “Twintig seconden nog. Eddy Merckx is in de achtervolging” antwoordde ik.  Dat zinde Hughes niet.  Daarmee bedoel ik niet dat Merckx de achtervolging had ingezet maar dat zijn spelers meer in de Tour de France geïnteresseerd waren dan in zijn training. “Oude Wesslink, wil je voetballer of wielrenner zijn?  schreeuwde hij en tegen mij riep hij “Uit dat ding!” Geschrokken zette ik mijn radiootje uit.

Zo, hij heeft de wind er goed onder” mompelde een oud mannetje naast me. De trainingen werden dagelijks door een twintigtal oude mannetjes bezocht, de deskundigen van dienst die alles becommentarieerden.  Zeg maar mijn voorland.

Barry Hughes vertrok in 1973 bij Go Ahead Eagles en keerde weer terug naar Haarlem, de club die hij voor Go Ahead trainde. Later was hij onder andere nog trainer van Sparta en Utrecht. Hij is 81 jaar oud geworden.  Op de foto hieronder is hij niet op weg naar de hemel maar naar het tv-platform om de wedstrijd Haarlem – NEC van bovenaf te bekijken, nadat hij vanwege aanmerkingen op de leiding niet op de bank plaats mocht nemen.

barry hughes 2Foto Rob Croes; Anefo; Nationaal Archief; 7 november 1976

Mijn vader had in hun gemeenschappelijke Go Ahead tijd  – mijn vader was de studiebegeleider van de talenten uit het jeugdhuis van Go Ahead – vaak met hem te  maken. Hij mocht hem graag. Barry Hughes was een kleurrijk iemand die in zag dat er een leven naast en na het voetballen was. Daar heb ik een keer eerder op dit blog uitgebreid over geschreven. Zie hier.  (Ik kan u het stuk van harte aanbevelen, al was het alleen al voor deze foto van Barry Hughes samen met rocker Alice Cooper.)

barry hughes

Hier overhandigt hij in maart 1974 een gouden plaat aan Alice Cooper. In ruil daarvoor krijgt hij een gouden bal terug. (Let even op de fijne details zoals de bij de overjas passende pet van Hughes en het blikje Budweiser in de hand van Alice Cooper. Je bent tenslotte een woeste rocker of niet.) Fotograaf onbekend; Nationaal Archief

 

Overstekend groot wild

Dit is verkeersbord RVV J27 – Vooraanduiding groot wild.

bord

De officiële betekenis luidt: ‘Kans op overstekend groot wild’

Als je zo’n bord ziet, dan moet je oppassen voor overstekende herten en dergelijke. Voor je het weet steekt er zo’n dier de weg over. Dat ze heel snel zijn, bewijst wel dit bord dat wij onlangs langs de kant van de weg zagen staan. Het hert springt hier zelfs al uit het bordbord 2

Maar al is hert nog zo snel, het verkeersbord achterhaalt het wel. Behalve als u dit bord ziet staan.

bord 3

Dan is er sprake van zulke snelle herten, dat zelfs verkeersborden er niet meer voor kunnen waarschuwen. Hier moet u echt oppassen voor overstekend wild.

Overigens vinden er jaarlijks zo’n 6000 tot 8000 botsingen met overstekend wild plaats. Het kan iedereen overkomen. In 2014 reed prof. mr. Pieter van Vollenhoven een hert aan. Hij twitterde er het volgende over.

tweet pieter

De Ireen waarop hij zeer trots was in deze tweet, was Ireen Wüst. Zij had zojuist een gouden medaille gewonnen op de Olympische Spelen. Dat Pieter van Vollenhoven dit in één tweet combineerde met de aanrijding van het hert, leverde op twitter onder de hashtag ‘Vollie’ een hoop parodieën op. Zie hier bijvoorbeeld die van Fokke & Sukke en van het hert zelf.

tweet hert

Het hert overleefde de botsing overigens niet. De volgende dag tweette prof. mr. Pieter

tweet pieter.JPG2

Dat het hert gelukkig dood gevonden was, klonk een beetje ongelukkig. Mr. Pieter bedoelde het anders.

Tot slot wat te doen als er plotseling een hert of ander groot wild vlak voor u oversteekt.  Wat u volgens de experts niet moet doen, is proberen het te ontwijken. Dat schijnt juist een grotere kans op een ernstig ongeluk te geven, Ik citeer daarom  – wordt dit toch nog een leerzame blogpost – even een stuk van de site van RTL-nieuws. 

Maar wat als een zwijn of hert plotseling oversteekt en je hebt niet de tijd om rustig gas te minderen? Stichting Safety Experience Centre raadt ontwijken streng af. “Ontwijken zorgt alleen maar voor meer gevaar, veel ongelukken in het verkeer komen door het ontwijken van wild”, vertelt Edwin Abbring namens de stichting. “De boom, de vangrail of zelfs een andere bestuurder is zo geraakt.”

Wat moet je dan wel doen? “Probeer zo hard, maar gecontroleerd mogelijk te remmen. Kijk goed in de spiegel en hou je stuur recht”, legt Abbring uit. “In de praktijk blijkt dat nog best lastig door gebrek aan tijd. Maar als het je gelukt is, wacht dan altijd nog even of er niet nog een dier aankomt, ze zijn vaak niet alleen namelijk.”

Ter ondersteuning van dit punt staat er deze foto bij het artikel.

zwijn

“Als het dus niet mogelijk is om te remmen moet je volgens Abbring, hoe stom dat ook klinkt, het dier aanrijden. “Anders breng je jezelf en misschien wel anderen in gevaar,” waarschuwt hij. Als je het dier hebt aangereden gelden wel een aantal regels.

“Bel altijd 112 of 0900-8844 als je een dier hebt aangereden, anders ben je strafbaar”, zegt Gijs van Ardennen (van de Stichting Wildaanrijdingen Nederland). Zij krijgen een melding wanneer er wordt gebeld over een aangereden dier. “Onze vrijwilligers moeten binnen een half uur ter plaatse zijn.”

 

Geen promotie

Was ik gisteren nog vol hoop dat mijn clubje (Go Ahead Eagles) naar de eredivisie zou promoveren, vandaag ben ik wat minder hoopvol. Komt ook omdat de wedstrijd al gespeeld is en we – spoiler alert – verloren hebben. Voor degene die niet weten hoe het afgelopen is, hierbij het scoreverloop:

  • Go Ahead Eagles – RKC 0-1
  • Go Ahead Eagles – RKC 0-2
  • Go Ahead Eagles – RKC 1-2 (rust)
  • Go Ahead Eagles – RKC 2-2
  • Go Ahead Eagles – RKC 3-2
  • Go Ahead Eagles – RKC 3-3
  • Go Ahead Eagles – RKC 4-3
  • Go Ahead Eagles – RKC 4-4
  • Go Ahead Eagles – RKC 4-5

(Tussendoor schoten wij nog een keer op de paal en lat en miste RKC enkele grote kansen.)

De 4-3 voor ons viel in de 89e minuut. We zijn er, dachten we. Er volgden echter nog vier minuten blessuretijd. In de laatste minuut daarvan schoot RKC toch nog de 4-4 binnen (die was vanwege de regel dat bij een gelijke stand uitgescoorde doelpunten dubbel tellen fataal) maar het werd zelfs daarna ook nog 4-5. Geen promotie  dus. “Het most niet magge”, zoals wij  het in Overijssel zeggen. ”

Het is niet anders, maar wel teleurstellend. Daar zal ik mee om moeten gaan. Gelukkig zijn daar cursussen voor.

cursus

Enfin, nieuwe potjes nieuwe kansen. Op naar het volgende seizoen, dan worden we beslist kampioen!

p.s. Ik keek even op de twitteraccounts van Öczan Akyol, de schrijver en groot Go Ahead fan, en Willem Vissers, de sportjournalist van de Volkskrant, om te zien wat zij over de Eagles zeiden.

Öczan Akyol hield het bij een “Deventer boven alles”. Degene die daarop reageerde met ‘Maar niet boven RKC’ werd prompt door hem geblokkeerd. Wij Go Ahead supporters kunnen een hoop hebben, maar niet alles.

akyol

Tot slot, dit zei Willem Vissers, de sportjournalist van de Volkskrant over het optreden van de Eagles van gisterenavond:

vissers

Hij is gisteren naar de verkeerde Eagles geweest! Hij heeft daardoor gemist dat mijn clubje nog steeds in de keuken (kampioen competitie) van Hotel California blijft – “You can check out any time you like, but you can never leave!”

 

 

 

 

My WordPress Blog