Het tweede straatje van Vermeer

  1. Inleiding

Op 16 mei 1696 werd in Amsterdam een veiling gehouden van schilderijen die grotendeels afkomstig waren uit de nalatenschap van de Delftse drukker en boekenverkoper Jacobus Dissius. Onder deze werken bevonden zich liefst 21 schilderijen van Johannes Vermeer. Dankzij een in 1752 verschenen boek van een zekere Gerard Hoet, ‘Catalogus of naamlyst van schilderyen, met derzelver pryzen zedert een langen reeks van jaaren zoo in Holland als op andere plaatzen in het openbaar verkogt’, weten  we welke schilderijen toen zijn geveild en wat ze opbrachten. In zijn boek gaf Hoet namelijk een overzicht van de opbrengsten van veilingen vanaf de tweede helft van de zeventiende eeuw.  De Dissius-veiling met daarin de 21 schilderijen van Vermeer bracht in totaal 1503 guldens en 10 stuivers opbrachten.

veilinglijst oud rechtgezet

De eerste pagina  van de Dissius-veiling. In totaal omvatte deze veiling 134 schilderijen. De cijfers achter de beschrijving van de schilderijen geven de opbrengst in guldens en stuivers aan. De volgende pagina van de Dissius-lijst ziet er als volgt uit:

Dissius veiling pag 2

Om de nummers 31 tot en met 33 gaat het hier. In nummer 31 “De Stad Delft in perspectief, te sien van de Zuyd-zy, door J. vander Meer van Delft” herkennen we namelijk ‘Het gezicht op Delft’ van Vermeer – het schilderij hangt tegenwoordig in Het Mauritshuis in Den Haag. Het  werd in 1696 voor 200 gulden verkocht.

Vermeer-view-of-delftGezicht op Delft

Ook de volgende twee schilderijen van Vermeer op de lijst, de nummers 32 (“Een Gesicht van een Huys staende in Delft, door denzelven”; opbrengst 72 gulden en 10 stuivers) en nummer 33 (“Een Gesicht van eenige Huysen van dito”; opbrengst 48 gulden) hebben als onderwerp een stadsgezicht. En dat is interessant, want vandaag de dag is er behalve ‘Het Gezicht op Delft’  maar één schilderij van Vermeer bekend met huizen er op, namelijk ‘Het Straatje van Vermeer’ dat in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt.

487px-Jan_Vermeer_van_Delft_025Het straatje van Vermeer. (We weten  niet of dit schilderij de nummer 32 of de nummer 33 van de Dissius-veiling was – meestal wordt de nummer 32 gezien als het Straatje van Vermeer). 

Het andere “huizen-schilderij” is dus ergens in de loop van de tijd verdwenen.  Waar is dat andere huizen-schilderij gebleven? Hangt het ergens in een donker kamertje in een verlaten landhuis? Ligt het op zolder bij iemand? Of bestaat het gewoon niet meer? Ik heb als ik zo iets lees vaak de neiging om te onderzoeken wat er met zo’n schilderij gebeurd kan zijn. Meestal kan ik gelukkig zo’n neiging onderdrukken, maar bij ‘Tweede straatje van Vermeer’ is me dat niet gelukt, vandaar deze “speurtocht”. Of te wel, we beginnen een onderzoek!  Waarom?  Waarom niet!

Uiteraard heb ik eerst, wetenschappelijk gezien zeer verantwoord, een stappenplan gemaakt voor dit onderzoek. De eerste stap in het onderzoek – ‘That’s one small step for man, one giant leap for mankind’-  is te achterhalen wat er op het schilderij is afgebeeld. Dat we enig idee hebben hoe het schilderij er uit ziet. De  volgende stap is dan het in de tijd volgen van het spoor van het schilderij. Het motto van deze stap is ‘follow the money’.

Voortgang onderzoek

Op deze hoofdpagina treft u (hieronder) een overzicht aan van de voortgang van dit onderzoek naar het Tweede straatje van Vermeer aan. U zult hier regelmatig – hoewel, eigenlijk meer onregelmatig – updates kunnen aantreffen. Op de subpagina’s staan de verslagen van de verschillende “tussenstappen” die zijn ondernomen.

Huidige status van het onderzoek: het schilderij is nog niet terug gevonden.

In welke fase van het onderzoek zitten we nu?

De eerste fase van het onderzoek – het vaststellen hoe het schilderij er uit gezien kan hebben – is grotendeels afgerond. We zijn nu bezig met de tweede fase in het onderzoek: het kijken of we sporen van het schilderij na de verkoop in 1696 kunnen ontdekken. Follow the Money!

Wat hebben we tot nu toe “ontdekt”?

  1. Het bekende (eerste) Straatje van Vermeer zal waarschijnlijk niet de nummer 32 maar de nummer 33 van de Dissius-veilingslijst zijn.
  2. Het Tweede Straatje zal de nummer 32 zijn.
  3. Het Tweede Straatje van Vermeer zal bij benadering ongeveer 3.250 cm² groot zijn. Waarschijnlijk is het zo’n 62 cm hoog en 52,5 cm breed.
  4. Het Tweede Straatje is vermoedelijk in 1656 geschilderd.
  5. Op het Tweede Straatje staat wellicht het huis afgebeeld waar zijn zus Geertruyt en haar echtgenoot de lijstenmaker Anthonij van der Wiel woonden.
  6. Dit huis, ‘De Drie Valcken’ geheten, stond in de Vlamingstraat in Delft, vermoedelijk op de plek waar vandaag de dag het huis met de nummers 61 / 63 staat (dit is thans een huis met een bovenhuis)
  7. De eerste schetsen voor het Tweede Straatje heeft Vermeer waarschijnlijk gemaakt vanuit het huis van de schilder Pieter Anthonisz van Bronckhorst. Deze woonde aan de overkant van ‘De Drie Valkcken’ in wat nu huis nummer 62 is.
  8. We zijn op zoek naar een schilderij met daarop afgebeeld:
    • Een huis dat loodrecht (dwars) op een straat staat (eventueel is voor de straat een gracht zichtbaar maar dit hoeft niet).
    • Het huis is 4,40 meter breed. Er is in ieder geval een deur en een raampartij te zien; wellicht twee raampartijen. Vermoedelijk zal er in ieder geval aan de rechterkant van het huis een raampartij te zien zijn.
    • Het huis heeft aan de voorkant een trapgevel.
    • Het huis is vermoedelijk opgebouwd uit rode bakstenen, die wellicht wit zijn gepleisterd.
    • Op diverse plaatsen zullen op de voorgevel beschadigingen aan het metselwerk te zien zijn.
    • Aan de gevel van het huis is een gevelsteen te zien met daarop drie vogels (valken).
    • Het huis heeft naar achteren toe een puntdak (zadeldak)
    • Aan de rechterkant van het dak is een hoge schoorsteen zichtbaar. De schoorsteen staat vrij ver naar voren.
    • Schuin rechtsachter het huis is op de achtergrond het dak te zien van een hoog huis.
    • Er zullen vermoedelijk geen kinderen op het schilderij te zien zijn.
    • Het schilderij zal vermoedelijk beschadigd zijn of erg vervuild zijn. Een handtekening van Vermeer ontbreekt of is niet meer zichtbaar.
  9. Als op het schilderij de Nieuwe Kerk van Delft zichtbaar is, dan mogen er geen kerkklokken in hangen.

Geplaatste bijdragen: (door op de groene linken te klikken komt u op de betreffende sub-pagina’s.)

  1. Inleiding (6 oktober 2015) (dit is deze inleiding  tot aan ‘voortgang onderzoek’)
  2. De locatie van het eerste Straatje van Vermeer is gevonden (16 december 2015)
  3. Hoe groot is het Tweede Straatje van Vermeer? (14 januari 2016)
  4. Wanneer is het Tweede Straatje geschilderd? (5 februari 2016)
  5. Heeft Professor Grijzenhout ongelijk? (3 maart 2016)
  6. De Vlamingstraat in de tijd van Vermeer (14 maart 2016)
  7. De Drie Valcken (24 maart 2016)
  8. Een kleine update (28 juli 2016)
  9. De achterkant van het ‘Gezicht op Delft’ (1 september 2016)
  10. De kerkklokken van de Nieuwe Kerk. (16 mei 2017)

De juiste volgorde om deze “verslagen” te lezen is uiteraard 1->2->3->enzovoorts. Ze zijn in de loop van de tijd geschreven. Soms geeft “voortschrijdend verhelderend inzicht” nieuwe  inzichten ten aanzien van zaken die in eerdere bijdragen zijn besproken. Als het een heel klein aspect betreft – bijvoorbeeld de naam van een fotograaf – dan wordt dat in de betreffende bijdrage aangepast dan wel toegevoegd,

Betreft het echter een wezenlijk veranderd aspect, dan wordt de oude bijdrage niet aangepast maar wordt het nieuwe inzicht gedeeld in een nieuwe bijdrage. Dit om te voorkomen dat ‘de regelmatige lezers’ telkens weer de oude bijdragen moeten doorlezen om te zien of er iets veranderd is. (Tot nu toe is een wezenlijke verandering van inzicht één keer voor gekomen. Tot december 2015 ging ik er nog van uit dat Vermeer de eerste schetsen van het Tweede Straatje had gemaakt vanuit het huis van zijn tante op Vlamingstraat 42. Nu denk ik echter dat hij dit heeft gedaan vanuit het huis van de schilder Pieter van Bronckhorst op Vlamingstraat 62).

Nieuwe lezers van dit onderwerp kunnen na het lezen van deze inleiding het verslag van de speurtocht het beste bij subpagina 2 beginnen en dan in volgorde de andere subpagina’s  lezen. Subpagina 1 (Inleiding ) is dezelfde inleiding als hierboven tot aan ‘voortgang onderzoek’.