Category Archives: Dagelijks leven

Een misverstand

E. was jarig. E. is de zus van Marianne. Zondag gingen we op verjaardagsvisite.  “Wat voor een cadeau moeten we geven?” vroeg ik . “Stuur maar even een berichtje aan R.  – R. is mijn zwager – en vraag het hem”,  antwoordde Marianne.

Zo gezegd zo gedaan: “R. enig idee wat jouw lieftallige echtgenote voor haar verjaardag zou willen hebben?” Er kwam al snel een antwoord: “Er is hoor ik net een boek over Beatrix uit

Dat was verrassend. Ik wist niet dat E. boeken over het koningshuis las. Ik zocht even op google. Er was niet echt recent een nieuw boek over Beatrix verschenen. Wel was er na aanleiding van de tachtigste verjaardag van Beatrix een update verschenen van het boek ‘Beatrix’ van een zekere Jutta Chorus.

Bedoel je Beatrix van Jutta Chorus?” Is van een paar jaar geleden maar in augustus geüpdatet.” vroeg ik voor de zekerheid.

Ja, ik geloof het wel. Ik heb het vaag gehoord van haar. Hoe precies weet ik niet.” luidde het antwoord.

Ik kocht het boek. Bij de koffie pakte E. het cadeau uit. Ze keek verbaasd naar het boek. “Was een suggestie van R. Had hij van jou gehoord” ” zei ik.

E. barstte in lachen uit. Tijdens de DWDD was Beatrice de Graaf, een Nederlandse hoogleraar en terrorisme-expert, te gast. Ze had een nieuw boek geschreven: ‘Tegen de terreur. Hoe Europa veilig werd na Napoleon’.  Dat lijkt me wel een interessant boek, had ze tegen R. gezegd.  Een misverstand dus.

000 beatrixAmsterdam 1984; Koningin Beatrix legt aan prins Claus uit dat zojuist iemand haar aanzag voor Beatrice de Graaf; foto Marcel Antonisse; Anefo; Nationaal Archief.

 

Piet is dood

Piet is dood. Hij overleed afgelopen augustus. Een oud-collega van KPN vertelde het mij. Piet was in 1985 bij de PTT mijn allereerste manager. De PTT omvatte in die tijd nog drie onderdelen: Post, Telecom en de Postgiro. Dat laatste onderdeel zou een paar maanden later verzelfstandigd worden. Post en Telecom gingen in 1998 uit elkaar. Ik kwam in 1985 bij een financiële club van PTT Telecom te werken en wel op de afdeling ‘Kosten en Tarieven Telecom’. We hielden ons bezig met kostprijsonderzoeken, investeringen en tariefbepalingen van telecomproducten. Ons clubje bestond uit drie man met Piet als baas. We zaten in een gebouw in het hartje van Den Haag tegenover de Koninklijke Stallen.

Op mijn allereerste werkdag nam Piet mij ’s middags mee naar een vergadering. “Luister maar gewoon en als je iets niet snapt, dan vraag je het gewoon.” zei Piet. De vergadering ging over een investeringsbeslissing in centrales, iets waar tientallen miljoenen guldens mee gemoeid waren. Er zaten naast Piet een aantal hoge pieten bij de vergadering. Piet stelde mij voor en zei dat ik een veelbelovende nieuwe medewerker was die met hem mee liep die dag.

De vergadering begon. Op een gegeven moment werd er de hele tijd over ‘T’ gesproken. T dit en T dat. “Als we het bij T nu niet doen, dan heeft T over en paar jaar een groot probleem.” Dat soort teksten. Ik had geen idee waarover ze het hadden en vroeg: “Wie of wat is T?” De vergadering viel stil. Toen zei Piet lachend. “T staat voor Telecom. Goede vraag Martin”. En tegen anderen zei hij: “Jullie zien het, hij kan de juiste vragen stellen. Ik heb hoge verwachtingen van hem”. De zaal knikte instemmend.

Ik mocht Piet graag. We konden goed met elkaar opschieten. In het begin had hij wat moeite met mijn Twentse woordje ‘Watja’. Als Piet iets vroeg, dan antwoordde ik soms met ‘Watja’. Piet keek me dan vreemd aan. Hij snapte aanvankelijk absoluut niet wat ik er mee bedoelde. ‘Watja’ was zo ongeveer het enige woordje Twents dat ik gedurende mijn tijd in Enschede had opgepikt. Het was een samentrekking van “Wat” en ”ja.” Tukkers zeiden het wel als iemand je een vraag stelde (het wat-gedeelte) en je wilde aangeven dat je de vraag begreep of het gevraagde ging doen (het ja-gedeelte). Piet vond dat ‘watja’ maar niks. Al snel leerde ik het gebruik van het woordje af en ging ik in keurig Haags praten. Hoewel, soms besloot ik een discussie bewust wel eens met de Twentse uitdrukking “Of niet dan.”

Piet was niet lang mijn manager. Na ruim een jaar werd hij opgevolgd door Rob. Over deze wisseling van de wacht en hoe Piet hier tegen aan keek, heb ik twee jaar geleden al eens een keer een blogpost  geschreven.

 In de jaren negentig reisde Piet in het kader van een soort ontwikkelingswerk van KPN een aantal keer naar het buitenland. Afgedankte centrales werden soms aan een derdewereldland geschonken en KPN verspreidde ook financiële Telecomkennis. In dat kader reisde Piet een keer naar Vietnam. Daar kon hij smakelijk over vertellen. “Ja, dan zit ik daar in een gammel toestel op een binnenlandse vlucht in Vietnam, het toestel rammelt en schudt aan alle kanten en opeens loopt er een man in een overal door het toestel met een oliekannetje in zijn hand. En dan ben ik de enige van alle passagiers die daar bezorgd naar kijkt. De rest doet of het de gewoonste zaak van de wereld is.“ Dat soort verhalen vertelde hij dan als ik hem bij gelegenheden tegen kwam.

Maar goed, nu is Piet dood. Hij is 76 jaar oud geworden. In de rouwadvertentie in het AD hadden zijn kinderen in het overlijdensbericht een uitspraak van de Deense filosoof Søren Kierkegaard opgenomen: “Het leven kan alleen achterwaarts begrepen worden, maar het moet voorwaarts worden geleefd.” Zo is het Piet, of niet dan.

Kunst die zich herhaalt

Ruim veertig jaar geleden maakte ik het volgende kunstwerkje:

000000-blauw1

(Ik heb op deze site al eens eerder over dit kunstwerk geschreven, maar herhaling is de kracht van de reclame, dus daarom laat ik het hier nog een keer zien.)

PicassoUw kunstenaar met op de achtergrond collega Picasso.

De reden dat ik er hier nog een keer over schrijf, is dat ik binnen een maand twee keer min of meer een herhaling van mijn kunstidee zag. Vorige maand zag ik in Chartres in een etalage van een kunsthandel het volgende kunstwerk staan.

chartres kunst

Dat is min of meer het zelfde idee.  En gisteren zag ik toen ik van Rotterdam naar Den Haag fietste – ja, ja, uw kunstenaar is ook sportief bezig –  dat de gemeente Rotterdam zich ook met dit type kunst bezig houdt. Ik zag vlakbij elkaar de volgende twee bordjes staan.

geel rood

Ze zijn er nog niet helemaal maar ze zijn onderweg. Maar wat ik wil zeggen, is dat ik als kunstenaar mijn tijd dus ver vooruit was.

 

 

Vliegers en geweerschoten

Dit weekend werd in Scheveningen voor de veertigste keer het vliegerfestival gehouden. De eerste negenendertig afleveringen heeft uw verslaggever gemist en dat zou ook bijna met de veertigste zijn gebeurd, ware het niet dat ik zondag om ongeveer half vier uur opeens een twitterberichtje van RTV West zag, waarin stond dat zaterdag en zondag om drie uur de grootste vlieger ter wereld op het strand van Scheveningen zou worden op gelaten.

(Of het inderdaad de grootste vlieger ter wereld is, is niet helemaal zeker. Er schijnen grotere te zijn. De site van het AD hield het voor de zekerheid op de grootste vlieger van Europa, maar dat de vlieger met zijn 66 meter lengte en 25 meter breedte een grote jongen was, moge duidelijk zijn. )

Ondanks dat het ding al om drie uur de lucht in zou gaan, besloot ik om toch nog even naar Scheveningen te fietsen. Het zou ongetwijfeld enige moeite kosten om het ding de lucht in te krijgen en als hij eenmaal zou vliegen, dan laat je hem natuurlijk ook wel een tijdje vliegen, was daarbij mijn gedachte. Het is zo’n driekwartier fietsen van mij huis, dus ik schatte dat ik er om ongeveer kwart over vier kon zijn. Onderweg zette ik een tandje bij en ondanks ‘conditie tegen’ en ‘wind tegen’ – dat laatste is ideaal voor vliegeren; die moet je immers tegen de wind in op laten – arriveerde ik, bezweet en al, even na vieren bij het strand. Op tijd hoopte ik om de “wereldrecordhouder” te zien vliegen. Niet dus, het ding lag al weer op de grond.

000000 vlieger 1Hier wordt hij opgerold .

000000 vlieger 2En hier wordt hij weggedragen. Met deze actiefoto’s gemaakt door uw verslaggever van de “grootste vlieger ter wereld” moet u het helaas doen. (‘Martin van Neck, voor al uw rapportages’).

Gelukkig waren er nog wel een aantal andere vliegers in actie te zien. Althans ik neem aan dat het vliegers waren en geen vliegende walvissen en inktvissen.

000000 vliegers 3

000000 vliegers 2

000000 vliegers 1

Tot zover het vliegeren, en normaal gesproken zou ik deze blogpost nu beëindigen, maar er is toch nog iets wat ik kwijt wil. Onderweg naar Scheveningen kwam ik namelijk langs het terrein van ‘De Jacht-, Skeet- en Trapclub Waalsdorp’. Dat is een kleiduif-schietvereniging. Merkwaardigerwijs is er overigens op de homepage van de vereniging op internet geen foto van een kleiduif te zien maar van een hert. Wellicht komt dit omdat de vereniging in de jaren vijftig mede is opgericht door de jachtopziener van prins Bernhard.

000000 schietvereniging

Ik heb wat moeite met de vereniging. Niet met het feit dat ze op kleiduiven schieten, maar met de locatie waar ze dit doen. Op de homepage, zie je namelijk ook een afbeelding staan van een klok. Het is de klok van het herdenkingsmonument ter ere van de mensen die in de Tweede Wereldoorlog op de Waalsdorpervlakte zijn gefusilleerd. Hier zijn zo’n 250 tot 280 mensen door de Duitsers doodgeschoten. Het schietterrein ligt op slechts zo’n 250 meter afstand van het monument. Als de mensen van de vereniging aan het schieten zijn, dan kan je dat ter plekke goed horen.

Ik heb er wat moeite mee om op de plek waar mensen in de Tweede Wereld zijn doodgeschoten, het geluid van geweerschoten te horen. Den Haag is zo groot, zou er nou nergens anders een plek voor de vereniging zijn?

Chocola

Begin deze maand was ik in een supermarkt in Frankrijk op zoek naar een pak hagelslag of vlokken. Vergeten mee te nemen tijdens onze “kampeervakantie” (in een Eurocamp stacaravan). Nergens te vinden natuurlijk. Alleen Nederlanders en Belgen schijnen chocola op brood te eten, dus twee weken lang geen hagelslag of vlokken op mijn stokbroodje.

Even tussendoor, wist u dat er een ‘Warenwetbesluit Cacao en chocolade’ is, waarin is vastgelegd (artikel 11. lid 1 en 2) hoeveel cacao er minstens in chocolade moet zitten om het chocolade te mogen noemen? “De aanduiding chocolade mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor chocolade met in totaal ten minste 35% droge cacaobestanddelen, inclusief ten minste 18% cacaoboter en ten minste 14% vetvrije droge cacaobestanddelen.”

Als het over hagelslag of vlokken gaat, dan mogen de percentages iets lager zijn: “De aanduiding chocolade mag in combinatie met de woorden hagelslag of vlokken gebruikt worden voor zover de waar wordt aangeboden in de vorm van korrels of vlokken; en de chocolade in totaal ten minste 32% droge cacaobestanddelen bevat, inclusief ten minste 12% cacaoboter en ten minste 14% vetvrije droge cacaobestanddelen.”

Voor hagelslag met een lager percentage cacao mag de term chocoladehagelslag niet gebezigd worden. Zie je bijvoorbeeld in de winkel een pak waarop staat ‘cacaofantasie’ weet dan dat het geen chocoladehagelslag is en er een lager percentage cacao (en een hoger percentage suiker) inzit.

Zijn de Nederlanders met de Belgen wereldkampioen hagelslag eten, voor chocola geldt dit echter niet. Volgens een bericht op de site van Nestlé zijn dat de Zwitsers. Die schijnen liefst 11,4 kg chocolade per persoon per jaar te eten. Daarmee blijven ze ruim 2 kg voor op de nummers twee en drie (de Duitsers en de Engelsen). De Nederlanders staan wereldwijd op plaats dertien en houden het bij een bescheiden 4,5 kg chocolade per persoon per jaar (maar dat is wel exclusief de hagelslag.)

Waarom schrijf ik nu over chocolade? Vanwege dit beeld wat Marianne en ik van de week zagen toen we een reep chocola bij Albert Heijn wilden kopen.

00000 choc 1

Dit is een foto van een deel (!) van het chocolade-aanbod bij Albert Heijn. Vroeger kon je kiezen uit een reep melk, een reep puur en soms nog een reep wit. Tegenwoordig mag je blij zijn als je zulke repen überhaupt nog kan vinden. De meest gekke smaakcombinaties worden bedacht. Neem deze twee repen.

00000 choc 2

Heeft u enig idee hoe viooltjes smaken? Nee, natuurlijk niet. Waarom stop je dat dan in een chocoladereep samen met bosbessen? En wat moet ik in Godsnaam verwachten van een chocoladereep waarin ‘szechuan peper rijstcrisps’ zit? (Szechuan is een provincie in het zuidwesten van China, bekend om zijn keuken; ik zeg het maar even voor het geval u het niet wist.)

Al die nieuwe chocola – sorry  voor de woordspeling – ik kan er geen chocola van maken.

A.U.B. Niet parkeren

Van de week liepen de dochter en ik een rondje door de buurt toen we aan de rand van de wijk deze parkeerplek zagen. Er stond een bordje bij.

0 p

00 pp

Een tamelijk ongewoon bordje om bij een parkeerplaats aan te treffen.  Eerst leggen we een parkeerplaats aan, vervolgens zetten we er een bordje ‘A.U.B. Niet Parkeren’ bij. Dat moet efficiënter kunnen zou je zeggen.

Ik maakte er met mijn mobiel wat foto’s van. Terwijl ik daar mee bezig was, kwam uit één van de huizen verderop een man aanlopen.  De man – zijn vrouw stond binnen achter het raam te kijken; “Ze fotografen je auto!” -zei dat hij nieuwsgierig was waarom we zijn auto fotografeerden.  Nu had ik eigenlijk moeten zeggen dat ik voor een Oost-Europese boevenbende auto’s fotografeerde zodat die op bestelling konden worden gestolen, maar ik vertelde dat ik niet zijn auto fotografeerde maar de parkeerplaats er naast met het bordje.

De man, hij was er op bezoek, wist de achtergrond, van het bordje. Het was geplaatst op verzoek van de buurman van degene waar hij op bezoek was. Die had aan de andere kant van de weg zijn garage. Deze stond pal op de weg.  Het probleem was nu dat als hij zijn auto uit de garage wilde rijden en er stond een auto op de parkeerplaats geparkeerd, hij zijn auto nauwelijks uit de garage kon krijgen.

00 garageLinks de garage, rechts de parkeerplaats.

De man had de gemeente daarom gevraagd of de parkeerplaats niet weg gehaald kon worden. Dat kon niet, maar de gemeente wilde er wel een bordje ‘A.U.B. Niet Parkeren’ bij zetten.  Dus als u ook elders bij een parkeerplaats een dergelijk bordje ziet, wellicht zit er dan een soortgelijk verhaal als dit achter.

Vreemde steden

Ik keek van de week op een kaart en zag toen op de plaats waar ik Kopenhagen verwachtte een stad met de naam København.

0 kopenhaven

Huh? Wat was dat nou weer? Het bleek dat de Denen  hun hoofdstad heel anders noemen dan dat wij doen.  Heel hinderlijk. Ze zijn niet de enigen in Europa die dat doen. De Italianen noemen Rome Roma, de Engelsen Londen London en de Fransen Parijs Paris. Zoiets brengt me altijd van de wis, herstel van de wijs.

Maar ach, was het niet Mark Twain die ooit eens na een bezoek aan Frankrijk zei: “Aardige mensen, jammer alleen dat ze hun eigen taal zo slecht spreken.

 

De vrouw in het rood

In de Volkskrant van gisteren stond een artikel over de campagne die het Hunebedcentrum is begonnen tegen het beklimmen van de hunebedden. Het stuk begint als volgt:

“Het houten bord dat het beklimmen van het grootste hunebed van Nederland per direct verbiedt is nog maar net onthuld, of meteen gaat het al mis. Alsof haar leven ervan afhangt, begint een vrouw in het rood ouders erop aan te spreken dat ze hun kinderen van de prehistorische grafkamer af moeten halen. En wel nu.

 Die boodschap valt niet in goede aarde. ‘Hoe moet ik weten dat het verboden is?’, vraagt de moeder van een jongetje dat D27, het absolute kroonjuweel onder de hunebedden en met zijn 23 meter tevens topstuk van de Canonmusea van Nederland, tot klimrek heeft uitgeroepen. ‘Toen wij hier aankwamen, was dat bord helemaal nog niet onthuld.’

 ‘Ik ben al vier dagen mensen aan het waarschuwen dat dit verboden is’, werpt de vrouw in het rood tegen. En de vaders en moeders kunnen toch zeker zelf ook wel bedenken dat dit 5.300 tot 5.400 jaar oude stuk culturele erfgoed niet als speeltoestel is bedoeld? De vrouw laat het woord ‘dom’ vallen. Dat had ze beter niet kunnen doen. De sfeer is hard op weg grimmig te worden.

 ‘Dus u vindt mij dom?’, vraagt de moeder. De familie breidt zich uit, een schoonmoeder verschijnt ten tonele: ‘Als het verboden is, hang er dan een ketting omheen.’ Ook de vader van het jongetje vindt het verbod nergens op slaan: ‘Wat een onzin, er leeft geen Hun meer.’ En ook al zijn de hunebedden in werkelijkheid niet het resultaat van een staaltje noeste arbeid van de Hunnen maar van het trechterbekervolk, adviseert hij zijn zoon toch maar om de stenen te laten voor wat het is. ‘Want sinds 10 minuten mag je niet meer op het hunebed.’

 De vrouw in het rood druipt af. Escalatie van de hunebedruzie lijkt net op tijd voorkomen.”

De krant heeft er twee foto’s bijgeplaatst, een foto van het hunebed en, qua privacy opmerkelijk, ook een foto van de vrouw in het rood.

0hunnebed 2JPG

Ik moet zeggen, die vrouw in het rood heeft iets bekends. Waar ken ik haar toch van?

Warm en koud

Tegenwoordig heb je in Nederland regelmatig grote temperatuursverschillen. Dan is het bijvoorbeeld in Limburg vijf graden warmer dan op de Waddeneilanden.

Soms heb je zelfs ook plaatselijk grote verschillen. Gisteren zagen we daar een opmerkelijk voorbeeld van. We liepen door ons winkelcentrum. Bij Blokker hing dit plakkaat op het raam.

0warn

Maar even verderop bij een andere winkel was het blijkbaar  een stuk minder warm. Daar hing dit papier:

0koud

Nu zat er wel drie minuten wandeltijd tussen deze twee winkels. Dus het kan zijn dat er in die tijd een spectaculaire weeromslag heeft plaats gevonden . Zoiets komt voor. In 2005 heb ik in mijn allereerste column van het Nutteloze Kennisparadijs voor de Volkskrant een dergelijk fenomeen beschreven. Het betrof hier een weeromslag in Spearfish, een Amerikaans dorp, dat ligt in de Black Hills in South Dakota. Het stadje telt zo’n 8.600 inwoners. Ik citeer nu even een stukje uit deze column.

“[…] De gemiddelde temperatuur in januari in Spearfish bedraagt vier graden onder nul, maar er is sprake van een grote variatie. Stel, je bent weerman in Spearfish en je moet op 22 januari 1943 om 07.30 uur het weer presenteren. Je kijkt nog snel even op de thermometer en je ziet dat het buiten twintig graden vriest. Je houdt gedurende een minuut of twee je praatje, geeft je voorspelling en daarna kijk je weer op de thermometer. Je ziet dat deze nu zeven graden boven nul aangeeft. Daar sta je dan als weerman.

Deze stijging van de temperatuur van 27 graden in twee minuten tijd geldt als wereldrecord. De stijging werd veroorzaakt door een plotselinge föhnwind uit de Black Hills, die warme lucht aanvoerde. Deze wind, ook wel de snow-eater genoemd, zorgde er voor dat de temperatuur vervolgens langzaam door steeg naar 15 graden Celsius. Maar toen de wind ging liggen, zakte de temperatuur weer even hard terug naar 15 graden onder het vriespunt.

Een weerman in Spearfish heeft het niet gemakkelijk.”

De winkeliers in ons winkelcentrum ook niet.

Ondertussen in Zoetermeer

Bericht van de twitter-pagina van de politie van Zoetermeer

zoetermeer

De man is natuurlijk niet zonder reden gearresteerd. Misschien heeft hij spijt en wilde hij schoon schip maken.  Sorry, te flauw.

Mocht het komen tot een taakstraf dan heeft hij deze alvast uitgevoerd.

 

Ondertussen in Ommen

Bericht van de facebookpagina van de Politie Ommen;

politie

“Vanmiddag kregen wij een nogal opzienbarende melding van onze meldkamer. Volgens de meldkamer zou er een olifant door de tuin van de melder lopen en ook al aan het eten zijn van zijn perenboom. De melder gaf desgevraagd aan dat het geen grapje betrof..

Onderweg naar het adres van de melder –in het buitengebied van Ommen- vroegen wij ons al af hoe wij in hemelsnaam een olifant zouden moeten vangen. Dit was voor ons ook de eerste keer. Na enige minuten kwamen wij ter plaatse bij de woning van de melder en zagen wij meteen al grote bulten ontlasting op de oprit liggen. We zagen direct dat deze ontlasting daadwerkelijk wel eens afkomstig van een olifant kon zijn.

Bij de woning troffen wij de behoorlijk geschrokken bewoners, die ons vertelden dat de eigenaar van de olifant het beest zojuist had opgehaald en was vertrokken via een bospad.
Nadat wij dit bospad enkele honderden meters hadden gevolgd, troffen wij inderdaad de olifant aan, inclusief zijn eigenaar.

Het bleek dat de eigenaar een circusmedewerker was, die dagelijks enkele keren met de olifant ging wandelen in het bos. Op een onbewaakt moment, zag de olifant kans om een tuin in te lopen. Volgens de eigenaar doet het dier dit normaal gesproken nooit. De olifant hoorde bij een circus, welke deze dagen op een camping in de omgeving is neergestreken.

De eigenaar van het dier baalde stevig van het incident en is vervolgens samen met ons teruggegaan naar de geschrokken bewoners. Hier heeft de eigenaar de ontlasting op de oprit en in de tuin opgeruimd en de bewoners financieel gecompenseerd voor de geleden schade.

Als klap op de vuurpijl mochten wij als Politie ook nog even met de ‘boosdoener’ op de foto. Hier hebben wij meteen gebruik van gemaakt, alleen al om te voorkomen dat niemand ons gelooft 

olifant

Als of Dan

Forum voor Democratie leider Thierry Baudet heeft gemeend de mensheid een plezier te doen door een naaktfoto van hemzelf op Instragram te plaatsen. (Geen angst; ik plaats de foto hier niet.)

Dat lokte uiteraard de nodige reacties uit, zowel van voor- als van tegenstanders van Baudet. Zo ontstond er bijvoorbeeld op de twitter-pagina van de Telegraaf een hele discussie over de foto. Daar waren de nodige aanhangers van Thierry Baudet te vinden, zoals ene Erna Bons.  Zij twitterde: “Natuurlijk zie ik 1000 x liever Thierry Baudet dan een zwetend/rukkend griezeltje met verrekijker vanuit zijn Penthouse

Althans, dat had zij waarschijnlijk willen twitteren, maar helaas voor haar wist ze niet goed wanneer ze ‘dan’ en wanneer ze ‘als’ moest gebruiken en toen typte ze: “Natuurlijk zie ik 1000 x liever Thierry Baudet als een zwetend/rukkend griezeltje met verrekijker vanuit zijn Penthouse

Tja, en nu staat er echt heel iets anders. Ene Yorienvdh merkte terecht op:

baudet 2

Daarom voor iedereen die moeite heeft met het gebruik van als en dan, zie deze pagina van de site van OnzeTaal:

baudet 3

Pipo de Clown (2)

Jaren niet aan Pipo de Clown gedacht en wat gebeurt er de dag nadat ik over hem heb geschreven? Ik zet de tv aan voor de Tour de France en zie daar Pipo de Clown.

Niet op de fiets maar op de zender die in beeld verscheen toen ik de tv aanzette. Ik was iets te vroeg. De tour was nog niet begonnen. Het betrof een nieuw gemaakte serie voor de jeugd met een nieuwe Pipo, een nieuwe Mamaloe en een nieuwe Kluk Kluk. Ook zong Pipo een nieuw liedje. Het ging over een vergeet-mij-nietje. Zie hier de clip op YouTube waarin Pipo het bloemetje toe zingt

pipo 2

Kijk even goed naar het bloemetje in zijn hand dat hij toezingt. Dat is beslist geen vergeet-mij-nietje. Het is overduidelijk een viooltje. Voor Pipo, een vergeet-me-nietje ziet er zo uit.

vergeet me nietje

De vergeet-me-nietjes waren natuurlijk wat lastiger te verkrijgen en geven ook niet zo’n mooi plaatje als je ze toe zingt.  Om met Pipo te spreken: Dag vogels, dag bloemen.

Taalfoutjes in de Volkskrant

Gisteren publiceerde de Volkskrant onder de kop ‘Tips om jezelf en je medemens koel te houden’ een artikel met een zevental tips om de huidige hittegolf te doorstaan.

  1. Drink voldoende
  2. Draag dunne kleding
  3. Zoek de schaduw op
  4. Smeer de huis in met zonnebrandcrème
  5. Beperk lichamelijke inspanning ‘s middags
  6. Houd de woning koel
  7. Let extra op kwetsbare mensen

De vierde tip trok de meeste aandacht. Die bevatte een knoeperd van een taalfout.huis insmeren

“De Huis”. Ai, de Volkskrant toch! Of zoals iemand het in een ingezonden brief in de krant van vandaag opmerkt: “Hoe vaak moet ik het nog zeggen. Het is HET huis en niet DE huis.”

Overigens in de eerste zin van punt 4 (“Vertrouw daarbij niet teveel op waterbestendige zonnebrandcrème…”) staat het woordje ‘teveel’ aaneengeschreven. Je kan je afvragen of dit niet ‘te veel’ moet zijn? De algemene regel is dat je het los moet schrijven als te veel ‘meer dan nodig’ betekent en dat je het als ‘teveel aaneen moet schrijven als het een zelfstandig naamwoord is: het teveel of een teveel (in de betekenis van ‘het/een overschot’). Eerst dacht ik dat het hier ‘te veel‘ moest zijn, maar nu twijfel ik toch een beetje. Je zou de zin namelijk ook kunnen schrijven als “… een teveel aan water-bestendige zonnebrandcrème… “.

Maar goed daar ga ik mij niet druk over maken. Veel te warm voor. Eerst maar eens naar de Gamma om een 50 liter blik zonne-brandcrème te kopen om het huis in te smeren. Of zou 50 liter te veel zijn? (Het is in ieder geval niet teveel; taalkundig gezien uiteraard).

Daarna wellicht naar Scheveningen.

hittegolf27 juni 1976; Scheveningen tijdens een hittegolf; fotograaf Rob Mieremet; Nationaal Archief

Hoewel, misschien is dat niet zo’n goed idee. Overduidelijk ‘te veel’ mensen.

 

 

 

Een fietstochtje (2)

Ook gisteren was het mooi weer – u ziet dat u bij deze blogpost er ook nog eens een gratis weerman bij krijgt – en besloten Marianne en ik om te gaan fietsen. Thuis smeerden we wat boterhammetjes voor onderweg en stopten deze in een oud overblijftrommetje van de kinderen – ach, hoe schattig. Ook namen we de nodige hoeveelheden water en twee appeltjes mee.

We hadden niet echt een route in gedachten, maar omdat het best wel hard waaide, besloten we om eerst maar eens tegen de wind in te fietsen zodat we op de terugweg, als we wat vermoeider zouden zijn, de wind mee zouden hebben. We besloten daarom richting Delft te gaan. Terwijl we een stukje langs de A12 fietsten, zagen we hoe daar iemand bezig was het gras in het talud te maaien.

0000000000000 00 talud

Zou zo iemand niet bang zijn dat zijn machine omslaat?

Om half één besloten we langs een watertje in het Delftse Hout te gaan lunchen. Daar kwam ik er achter dat ik het boterham-trommeltje op het aanrecht had laten staan.

0000000000000 00 delftse hout 2

Oeps, gelukkig was er een uitspanning in de buurt en konden we daar lunchen. Het ging wel ten koste van de erfenis voor de kinderen. Die is nu twintig euro lager. Op een tafel stond een schenkkan waar je gratis water uit kon tappen. Dat was een aardig gebaar voor de gasten. Wat ik wat minder vond, was dat er in de kan een goudvis zwom. Dat is toch niet hygiënisch zei ik tegen Marianne, maar die beweerde dat ik dat niet goed zag.

0000000000000 00 goudvisZeg eens eerlijk, hier zwemt toch een goudvis in?

Anyway, we vervolgden even later onze tocht en via Delfgauw (wind tegen), Oude Leede (wind tegen), De Zweth (wind tegen), Negenhuizen (wind tegen), Schipluiden (wind tegen) en Het Woudt (wind tegen) reden we via Delft (eindelijk wind mee) weer terug naar huis.

Marianne nam onderweg nog de nodige foto’s. Ik zal u de meeste besparen op de volgende drie foto’s na.

0000000000000 00 boom0

Allereerst deze boom. Blijkbaar was hier sprake van een tak die er spijt van had dat hij zich van de stam had afgescheiden en weer terug was gegroeid naar de boom. Wonderlijk

En in Het Woudt zagen we dit  kerkje dat zijn oorsprong vindt in de veertiende eeuw.

0000000000000 00 kerk2

Niet alle onderdelen stammen overigens uit die tijd en zijn er later aan toegevoegd. Kijkt u maar eens goed naar de klok. Die lijkt geïntegreerd in de kerk te zitten, maar als je de kerk van opzij ziet en in zoomt, dan zie je dat de klok er in 1913 los opgezet is.

0000000000000 00 klok

Maar goed, het blijft een schattig kerkje.

Uiteindelijk hebben we zo’n 56 kilometer gefietst waarvan zeker 46 km met wind tegen. Hoe kan dat?