Category Archives: Dagelijks leven

Een middagje duurzaamheid

Zaterdagmiddag was er in het raadhuis van onze gemeente het ‘Festival Samen Duurzaam’. De gemeente had een heel programma georganiseerd met allerlei workshops, onder andere over ecologisch tuinieren, zonnepanelen, woning verduurzamen, recyclen en het maken van een insectenhotel. Die laatste workshop was een workshop voor kinderen. Daarnaast waren er allerlei stands en kraampjes.

De fietsersbond – Marianne is hier lid van en ze zit ook in het bestuur van de plaatselijke afdeling –  had ook een kraam. Marianne had toegezegd om een paar uurtjes in het kraampje te staan en daarom besloot ik om na de lunch even bij haar langs te gaan.

Mijn binnenkomst zorgde direct voor enige opwinding in het raadhuis. Enkele vrouwen die achter een kraampje stonden, keken me hoopvol aan. (Ik wil hier het woordje ‘smachtend’ niet gebruiken, want Marianne leest dit blog ook.)

Nu heb ik die uitwerking op vrouwen wel vaker, maar in dit geval kwam het omdat er nauwelijks bezoekers waren voor het festival. Er liepen voornamelijk mensen van de gemeente, en familie en kennissen van de deelnemers rond. Wellicht hoopten de dames van de kraampjes op een nieuwe (schaarse) bezoeker. Helaas voor hen viel ik ook in categorie ‘familie en kennissen’ en nadat ik kort met Marianne had gesproken ging ik er weer vandoor.

Buiten stonden overigens best veel mensen voor het raadhuis, maar die kwamen niet voor het duurzaamheidsfestival maar voor een trouwerij. Ze waren zo te zien in afwachting van het bruidspaar dat nog niet gearriveerd was. Overigens eindigt tegenwoordig 39% van alle huwelijken in een echtscheiding; niet elk huwelijk is dus duurzaam.

Na mijn bezoek aan het raadhuis fietste ik naar de plaatselijke kringloopwinkel. Mijn zwager was twee weken geleden bij ons door een tuinstoel gezakt en dat had hij niet overleefd – de stoel bedoel ik uiteraard, niet mijn zwager. Ik besloot om even bij de kringloopwinkel te kijken of ze daar soms een soortgelijke stoel hadden, heel duurzaam dus.

Op weg naar de kringloopwinkel wilde ik door onze plaatselijk dorpsstraat fietsen maar dat ging niet. Er was daar een manifestatie aan de gang met oude auto’s en ik moet zeggen dat dit festival veel meer bezoekers trok dan het ‘samen duurzaam festival’ van de gemeente dat tegelijkertijd werd gehouden.

00 auto

Bij de kringloopwinkel hadden ze vier blauwe stoelen – die pasten niet zo bij onze witte tafel – en één witte stoel. Die was echter weer net iets anders dan onze overgebleven stoelen, dus dat vraagt om een beleidsbeslissing. Dat wil zeggen, daar moet Marianne ook maar even naar kijken.

Tot slot, in de etalage van de kringsloopwinkel zag ik een opvallend kledingstuk, namelijk een trouwjurk.

00 jurk

Het zou toch niet zo zijn dat de bruid van het stel waar de mensen bij het raadhuis op stonden te wachten zich op het allerlaatste moment bedacht had? Maar mocht dat wel zo zijn, dat was het wel heel duurzaam dat ze haar jurk aan de kringloopwinkel had geschonken.

Een debatwedstrijd

Terwijl ik over het Binnenhof loop, word ik voorbij gelopen door een drietal middelbare scholieren. Ze zijn zo te horen op weg naar een debatwedstrijd. Een zekere Kevin, vermoedelijk een klasgenoot, heeft de finale gehaald. Ze hebben het over zijn kansen. Ze hebben er wel vertrouwen in.

Nummer één: “Kevin is echt een geboren debater”; Nummer twee: “Hij debatteerde al toen hij nog maar zeven was.”; Nummer drie gaat daar nog eens over heen. “De eerste twee woordjes die Kevin sprak, waren ‘Ja maar’.”

Ik geef Kevin een goede kans.

0 mark rutteDe tegenstander van Kevin bereidt zich ondertussen voor op het debat. Foto Sebastiaan ter Burg

Plastic Bertrand

Je hebt van die muzieknummers die ‘cult’ worden en vaak ook in films te horen zijn. Little Green Bag van “onze eigen”  George Baker Selection uit 1969 is zo’n nummer. Niet alleen is het regelmatig te horen in de Lidl-commercials maar het werd bijvoorbeeld ook gebruikt in de film ‘Reservoir Dogs’ van regisseur Quentin Tarantino.

Ook zo’n nummer is ‘Ca Plane Pour Moi’ van Plastic Bertrand uit 1977. Dit nummer is onder andere te horen in de films ‘National Lampoon’s European Vacation’, ‘127 Hours’, ‘The Wolf of Wall Street’ en ‘Super Troopers 2’.

0 ca planeZie hierboven een optreden van Plastic Bertrand in TopPop in 1977. Als u op kantoor zit, gewoon even op het plaatje klikken en de volumeknop maximaal open zitten. Genieten! “Ça plane pour moi,  Hou! Hou! Hou!!” 

Plastic Bertrand, zijn moeder had hem overigens zo niet genoemd maar hem de naam Roger François Jouret gegeven, was een Belgische zanger die met het nummer een wereldwijde hit had. Het Franstalige nummer stond zelfs in de Amerikaans hitlijst. In totaal zijn er bijna een miljoen singles van verkocht. Het zou zijn enige hit blijven. Al zijn vervolgplaten flopten. In 1987 nam hij namens Luxemburg nog deel aan het Eurovisie Songfestival. Hij eindigde als een na laatste.

In 2010 voerde Lou Deprijck, de producer van het nummer, een rechtszaak om de rechten van het nummer. Hij stelde dat hij niet alleen het nummer had geschreven en geproduceerd maar het ook had ingezongen. Plastic Betrand playbackte volgens hem het nummer alleen maar tijden tv-optredens. In een interview met de Belgische krant ‘Le Soir’ gaf Plastic Bertrand later toe dat hij het nummer niet zelf had gezongen, net zo min overigens als de nummers op zijn eerste vier lp’s.

In de minidocumentaire Plastic Bertrand – Ça Plane Pour Moi; Het verhaal achter het nummer uit Top 2000 a gogo vertelt Lou Deprijck in 2010 in Thailand over het ontstaan van het nummer.

Waarom moest ik nu opeens aan Plastic Bertrand denken? Vanwege dit fenomeen dat ik van de week zag.

0 bakken

Het winkelcentrum bij ons in de buurt wordt verbouwd. Er is een straat opengebroken, waardoor het afvalbedrijf nu niet meer met zijn wagen bij de afvalbakken kan. De gemeente heeft echter de bak niet afgesloten en ja, dan raakt zo’n bak op een gegeven moment vol. Wat doe je dan als je je zak plastic niet meer kwijt kan in de bak? Dan neem je hem weer mee terug en breng je de zak naar een andere bak. Nee, natuurlijk niet. Je zet hem er gewoon naast.

Het lijkt overigens wel of er telkens meer spullen in plastic worden gepakt. Kijk ik bijvoorbeeld bij onze Albert Heijn dan zie ik allerlei groente en fruit zoals komkommers en paprika’s onnodig in plastic zitten. Albert Heijn neem eens een keer je verantwoording zou ik zeggen. Zelf sjouwen we tegenwoordig allerlei herbruikbare netjes mee om losse groentes en fruit in te pakken.

Het probleem van de bakken die niet meer geleegd worden is gisteren overigens opgelost. Het plastic is weg gehaald, evenals de bakken.

Uitverkoop

Vroeger was er twee keer per jaar uitverkoop. Mensen zaten soms de avond er voor al bij winkels op de stoep, niet alleen bij dure elektronicazaken maar ook bij voorbeeld bij een lampenwinkel (Iedere klant kan slechts 2 artikelen kopen’).

uitverkoop 314 januari 1961; foto Hugo van Gelderen; Anefo; Nationaal Archief

Tegenwoordig is het één doorlopende uitverkoop. Overal zie je in etalages posters met aanbiedingen hangen. Maar de tijd dat er gewoon “korting 10%’ op stond ligt al ver achter ons. Soms moet je zelf eerst gaan rekenen hoeveel korting je krijgt. Van de week liep ik door de Spuistraat in Den Haag. Binnen tien meter zag ik daar de volgende posters.

actie 2

De helft van de helft dus. Dat is dus 25% of te wel 75% korting. Of ik kan niet rekenen of iemand is vergeten die poster van 50% korting weg te halen. Verwarrend.

Bij deze dacht ik even dat als je drie producten tegelijk kocht, dat je ze dan gratis mocht meenemen. Eem misverstand.

actie 3

En in deze zaak golden er allerlei voorwaarden om de korting te krijgen:

actie 1Bi

Je kreeg dus 20% extra korting – boven op wat? – op één artikel naar keuze, mits je dat artikel die dag kocht voor 14.00 uur en je in bezit was van een ‘geactiveerde Jouw extra voordeel kaart’.  – die rare hoofdletter J van Jouw heb ik gewoon overgenomen, evenals die spatie in ‘voordeel kaart’.

En oh ja, een aantal producten was uitgesloten van deze aanbieding. Die stonden vermeld in de heel kleine lettertjes (als u goed kijkt, dan kunt u ze onder op de poster zien staan.) Ik heb ze even voor u bestudeerd. Het betrof ongeveer het hele assortiment van de winkel, plus dat van de winkels ernaast.

Nee, neem dan vroeger. Gewoon ‘Verkoop tegen iedere prijs!” ‘Knalkoopjes’  en ‘Hier is geld te verdienen’.  Dan wist je tenminste waar je aan toe was.

uitverkoop 4Amsterdam 7 januari 1958; foto Eric Koch; Anefo; Nationaal Archief

En bedrijven deden ook niet aan uitsluiten van producten. Daar gingen ze overigens best ver in. Neem de KLM in 1961. Die deed niet alleen de vliegtickets in de uitverkoop maar ook de vliegtuigen zelf.

uitverkoopVraag niet hoe het kan, maar profiteer er van!; foto Jac de NIjs; Anefo; Nationaal Archief

Overigens de foto die mij het meest intrigeerde van de zoekresultaten die ik kreeg toen ik op de site van het Nationaal Archief zocht met de zoekterm ‘uitverkoop’ was deze.

uitverkoop 2Datum 2 januari 1953; Foto J.D. Noske; Anefo; Nationaal Archief; 

De beschrijving bij de foto luidt: ‘Uitverkoop. Man voor etalage van C&A’. 

Ik zie hier direct een tragisch verhaal in. Een arm gezin – man, vrouw en een ziek kind. Ze hebben helemaal geen geld en moeten elk dubbeltje drie keer omdraaien om de ziektekosten van het kind, een meisje, te kunnen betalen. De man bezorgt ‘s morgens een ochtendkrant, werkt overdag tegen een karig loon op een kantoor waar hij een vreselijk vervelende baas heeft. Als hij ‘s avonds thuis komt, gaat hij eerst nog de avondkrant bezorgen. Maar hij blijft blijmoedig. De vrouw, handig met draad en naald, die overdag herstelwerk voor de hele buurt doet, maakt ondertussen het eten klaar. Veel goedkope stamppotten.

De vrouw heeft al drie jaar geen nieuwe kleren gekocht. De man droomt er van om een keer voor zijn vrouw een nieuwe jurk te kopen. En onder deze omstandigheden zien we hem voor de etalage van C&A staan. Koopt hij een jurk of niet …………

Spoiler alert. We verplaatsen ons nu 66 jaar in de tijd. Een Nederlandse vrouw ontruimt in een verzorgingstehuis de kamer van haar zojuist op 90-jarige leeftijd overleden moeder. In de kast treft ze een ruitjesjurk aan. “Die mag nooit weg” had haar moeder altijd gezegd. “Het is de jurk die ik van pap heb gekregen. We hebben er toen nog vreselijk ruzie over gehad maar pap – hij is tien jaar eerder overleden – weigerde hem terug te brengen.”  Een traantje biggelt over haar wangen.

 

 

Een klein drama

Terwijl ik in de keuken aan het werk ben, hoor ik opeens een hoop gefladder en gekrijs van vogels. Een Vlaamse gaai zit op een tak van de boom in de achtertuin. Om hem heen vliegt een krijsende kraai en twee luid kwetterende koolmezen. De Vlaamse Gaai heeft iets in zijn bek, legt het op de tak en begint er in te pikken. Veertjes dwarrelen omlaag. De twee koolmezen vliegen er opgewonden om heen. Als ik wat langer kijk, zie ik dat de Vlaamse gaai een jong koolmeesje te pakken heeft.

Ik heb geen zin in allemaal veertjes in het gras onder de boom, doe de keukendeur open en roep ‘Ksssst’. De Vlaamse gaai laat het koolmeesje vallen en vliegt op. Als ik naar het vogeltje in het gras kijk, zie ik dat hij hartstikke dood is.

Uit:  Kikker en het vogeltje (1991) – Max Velthuijs: “Toen ze bij de rand van het bos gekomen waren, wees Kikker naar de grond. ‘Kijk,’ zei hij, ‘kapot. Hij doet het niet meer.’

Hier valt niks meer te reanimeren. Ik doe de deur van de keuken dicht, maar zo gauw ik dit gedaan heb, komt de Vlaamse gaai weer terug en begint opnieuw in het beestje te pikken. De veertjes stuiven wederom in het rond. Ik doe de deur van de keuken weer open en roep tegen de Vlaamse gaai “En nu snel wegwezen.” Hij vliegt weer op, maar loert vanaf een tak in de boom naar zijn buit in het gras.

00000000 gaaiCorvus G., de verdachte van de koolmeesmoord

Ik pak een stoffer en blik en schuif het vogeltje er op. Daarna gooi ik het in de afvalbak, de groene bak uiteraard. Ik weet wel, het is de natuur, de Vlaamse gaai kan het niet helpen, maar het is toch een klein drama wat zich zojuist voor mijn ogen heeft afgespeeld. En voor de twee koolmezen en het jonge koolmeesje in bijzonder natuurlijk een groot drama. Maar het leven gaat verder.

Uit:  Kikker en het vogeltje (1991) – Max Velthuijs  “Diep onder de indruk gingen ze terug. Plotseling rende Kikker er vandoor. ‘Laten we tikkertje spelen,’ riep hij. ‘Varkentje, jij bent hem!’

Doris Day, Charles Manson en Jochem Myer

U zult zich misschien afvragen wat Doris Day, Charles Manson en Jochem Myer samen in deze blogpost doen?

00000000 doris day 00000000 charles manson 00000000 Jochem Myer

Dat komt omdat ik nu eenmaal altijd van de hak op de tak spring. Om u daar een voorbeeldje van te geven, de uitdrukking ‘van de hak op de tak springen’ betekent volgens Onze Taaltelkens een nieuw onderwerp aansnijden, onsamenhangend spreken of schrijven’ – dat herken ik dus heel goed. Volgens de site van Onze Taal zijn er twee mogelijke verklaringen voor de oorsprong van de uitdrukking. Ik citeer:

‘Volgens het Groot uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006) betekent hak hier ‘haakvormige, kromme boomtak’ – hak is dus een specifieke tak. Wie van de hak op de tak springt, springt dus al sprekend of schrijvend van tak naar tak – wellicht is het beeld van op en neer hippende vogels ook van invloed geweest. […]

 Het Etymologisch Woordenboek van het Nederlands (EWN, 2003) zet echter vraagtekens bij deze uitleg. Het EWN ziet geen verband met haak, maar met hakken (‘houwen, met een bijl in stukken slaan’). Hak zou in deze uitdrukking betrekking hebben op de plaats waar een tak van de boom is afgehakt. Van de hak op de tak springen betekende dan letterlijk: ‘op en neer springen tussen de plaats waar de tak is afgehakt en de afgehakte tak zelf’. De uitdrukking zou dan oorspronkelijk iets betekenen als ‘terugkomen op iets wat al afgehandeld is’, en vandaar ‘ongeorganiseerd spreken/denken’ en ‘van het ene onderwerp (weer) naar het andere overgaan’.

Ik ga voor de eerste verklaring. Het lijkt me moeilijk om weer terug te springen op een afgehakte tak. Maar goed, tot zover dit uittakje, terug naar Doris Day, Charles Manson en Jochem Myer.

De reden dat Doris Day in deze blogpost zit, is dat zij gisteren op 97-jarige leeftijd overleed. Ze was typisch iemand waarbij je bij het horen van haar overlijden zegt “Goh, leefde die nog?”. Aanvankelijk was ze zangeres, later werd ze een bekend actrice. Ze speelde in 39 films, veelal romantische komedies, maar ook speelde ze in films als ‘Calamity Jane’ en de Alfred Hitchcock-film ‘The Man Who Knew Too Much’. Het was in deze film dat ze haar beroemdste liedje ‘Que sera, sera’ zong. (Het zingen in de film was overigens functioneel. Ze speelde een zangeres die bij een moordcomplot betrokken raakte.) Later speelde ze nog vijf jaar lang in de televisieserie ‘The Doris Day Show’ die ook in Nederland werd uitgezonden.

Nadat ze daar in 1973 mee stopte, trok ze zich terug in Carmel, een plaatsje aan de kust in Californië, waar ze de rest van haar leven zou wonen. Ze werd er de mede-eigenaresse van een hotel. Even weer van de hak op de tak springend, Clint Eastwood was ook inwoner van Carmel. Sterker nog, hij was van 1986 tot 1988 zelfs burgermeester van Carmel.  Maar terug naar Doris Day weer, ze hield zich “na haar pensionering” vooral bezig met dierenwelzijn en had zelf ook veel huisdieren.

Tijdens haar filmcarrière gold ze als ‘the girl next door’. Groucho Marx maakte ooit de grap “I knew Doris Day before she was a virgin.” Haar privéleven was echter heel wat rumoeriger dan haar imago. Ze trouwde liefst vier keer. Haar eerste echtgenoot, met wie ze trouwde toen ze negentien was, mishandelde haar. Toen ze zwanger raakte, wilde hij dat ze abortus pleegde, wat zij weigerde. Een paar maanden na de geboorte van het kind (een zoon, genaamd Terry Melcher; het was haar enige kind) scheidde ze.

Ze hertrouwde in 1946 maar deze man (“een echte goeierd”) besloot om in 1949 van haar te scheiden. Doris Day maakte in die tijd carrière en hij wilde geen leven in de schaduw van een beroemdheid.

00000000 doris day 2Doris Day in 1946; foto Library of Congress

Na de scheiding ging ze een aantal keer uit met Ronald Reagan, toen nog acteur, later president van Amerika. Toen ze echter zijn agent  Martin Melcher ontmoette, verlegde ze haar aandacht naar deze man en ze trouwden in 1951. Ze zouden tot zijn dood in 1968 getrouwd blijven. Na haar dood kwam ze er achter dat haar man samen met zijn zakenpartner niet alleen haar hele vermogen had verduisterd maar haar ook had opgescheept met een schuld van $500.000. Ook had hij buiten haar om een vijfjaarscontract voor een televisieserie voor haar afgesloten. Ze besloot het contract uit te dienen, ook al omdat ze het geld nodig had om de schulden af te betalen. In 1976 hertrouwde ze voor de vierde maal. Van deze man scheidde ze in 1981. Tot zover Doris Day.

Nu Charles Manson. Hoe kom ik daar nou op? Dat komt door Veronica Inside, het voetbalpraatprogramma met Johan Derksen en René van der Gijp. Daar kwam het overlijden van Doris Day ook even aan bod en Johan Derksen vertelde dat de zoon van Doris Day in de jaren zestig een aantal platen van the Byrds had geproduceerd. Dat vond ik interessant en ik zocht in de Wikipedia daarom even op deze zoon. Terry Melcher, de achternaam is niet de naam van zijn vader maar de naam van de derde echtgenoot van Doris Day, was inderdaad de producer van enige platen van de Byrds.

Begin jaren zestig vormde hij samen met Bruce Johnstone nog even het zangduo Bruce & Terry – later zou Bruce Johnston bekend worden als één van de Beach Boys. Halverwege de jaren zestig was Terry Melcher werkzaam als producer, onder andere dus van The Byrds. Iemand anders waar hij mee in aanraking kwam en die ook muzikale ambities had, was Charles Manson. A ha, daar hebben we hem. Charles Manson deed auditie voor hem maar Terry Melcher nam hem niet onder contract.

Later zou Charles Manson de sekteleider worden die opdracht gaf om willekeurige mensen te vermoorden, waaronder Sharon Tate, de acht maanden zwangere echtgenote van filmregisseur Roman Polanski. De moord op Sharon Tate en op vier anderen vonden plaats in het huis waar eerder Terry Melcher woonde. Volgens sommigen was dit dan ook de reden dat Manson dit huis – hij was er in de tijd dat Terry Melcher er woonde een aantal keren geweest –  uitkoos voor de moordpartij, dit om wraak te nemen omdat hij geen platencontract had gekregen. Andere bronnen zeggen echter dat Manson wist dat Terry Melcher daar niet meer woonde.

Tot zover Charles Manson, nu Jochem Myer. Wat doet deze cabaretier in deze blogpost? Dat komt door de achternaam van Doris Day en daarbij bedoel ik niet Day, dat is haar artiestennaam, maar haar werkelijke achternaam: Kappelhoff. Die naam klinkt heel Europees. Ze is dan ook afstammeling van Duitse immigranten. Echter Kappelhoff is ook een Nederlandse naam en als we even op internet zoeken dan zien we dat ze een dochter is van Wilhelm von Kappelhoff, geboren in Amerika in 1890, die op zijn beurt de zoon is van Franz Joseph Kapellhoff, geboren in 1843 in Duitsland, en die op zijn beurt weer de zoon is van Harmanus Kapelhoff die in 1814 in Farnsum in Groningen is geboren. Hé, Doris Day heeft Nederlandse voorouders.

00000000 stamboom2

En waar blijft Jochem Myer nu? Dat komt doordat Harmanus Kapelhoff de zoon is van Carlo Sormani, een Italiaan die omstreeks 1800 van Italië naar Groningen emigreerde en daar trouwde met Geesssie Kapelhof. En zoals u op deze site kan nalezen, kent ook Jochem Myers Carlo Sormani als voorvader. Of te wel Doris Day en Jochem Myer hebben een gemeenschappelijke voorvader.

Het is overdreven om te zeggen dat ze naaste familie van elkaar zijn, maar toch, wel een gemeenschappelijke voorvader. Maar misschien bent u ook wel familie van Doris Day. Immers “in the long run everybody is dead and in the beginning, everybody is family.”

Kortom, zie hier het verband tussen Doris Day, Charles Manson en Jochem Myer. Had ik u trouwens al verteld van ………

Opmerkelijke duiven

Gisteren publiceerde Stadt Bocholt deze foto van een duif die te hard langs een flitspaal vloog. (Bocholt is een Duitse stad net over de grens bij Aalten en voor wie niet weet waar Aalten ligt, dat ligt in de Achterhoek vlakbij Bocholt).

000000 duif boekFoto Stadt Bocholt

Op de plek waar de flitspaal staat mag het verkeer 30 km per uur rijden, maar deze duif vloog er met een snelheid van 45 km per uur langs. Hij activeerde daarmee de flitspaal en werd op de foto gezet. Na een correctie van de snelheid bleef er een overtreding van 12 km per uur over. Daar staat in Duitsland een boete van 25 euro op (even tussen haakjes, dat valt mij mee of tegen; het is maar hoe je het bekijkt). De overtreding werd al een tijdje geleden gemaakt (op 13 februari) maar de politie is niet in geslaagd om de identiteit van de duif te achterhalen, zodat het er op lijkt dat hij er mee weg komt.

Zo’n bericht vraag natuurlijk om woordspelingen: “De vogel is gevlogen”, “Een echte snelheidsduifel”, “Roekoekeloos gedrag” om er maar een paar te noemen, maar dat zal ik maar niet doen omdat honderden andere mensen die woordspelingen natuurlijk ook gaan maken.

Laatst was er ook al een duif in het nieuws. Dat was de Vlaamse postduif Armando. Die werd op een veiling voor 1,25 miljoen euro verkocht. Voor dat bedrag had ik hem ook verkocht. Die durf je toch niet meer te laten vliegen. Een havik zou hem maar onderweg oppeuzelen of een Franse boer die hem met een luchtbuks uit de lucht schiet. De nieuwe eigenaar, een Chinees, gaat de duif gebruiken om te fokken.

En over duiven gesproken, in 2005 had ik een column in de Volkskrant, getiteld ‘Het Nutteloze Kennisparadijs’.  Eén van de afleveringen ging over opmerkelijke duiven. In het kader van ‘wie wat bewaart, heeft wat’ (een hoop rotzooi zou Maria Kondo zeggen), hier deze column.

Cher Ami, de dappere doffer

Op 5 september 2005 stond er op het ‘Kladblok’ (Teletekst NOS; pagina 402) een opmerkelijk bericht over een postduif.

De Britse wedstrijdduif Tyson is weer terecht. De vogel was in juni voor een wedstrijd vrijgelaten in Frankrijk, maar in plaats van koers te zetten in de richting van de eilanden vloog Tyson 5.000 km de verkeerde kant op. Hij strandde in Port Harcourt, Nigeria, voor de deur van Godwin Agbagidi, die zich over de vogel heeft ontfermd. Hij gelooft dat wie de duif kwaad doet, zal worden getroffen door zwarte magie. Nadat een krant over de duif berichtte, is Tyson uitgegroeid tot een attractie. Talloze nieuwsgierigen komen naar Godwins huis om de superduif te zien.

Een dag later stond er weer een bericht over Tyson op het Kladblok, dat zijn prestatie in een iets ander daglicht plaatste.

Gisteren deed Kladblok verslag van de avonturen van de Britse duif Tyson, die de verkeerde kant op vloog en in Nigeria uit kwam. Een mailtje van Mark van Nispen werpt een ander licht op de zaak. Mark is de tweede stuurman op de Marlene Green en voer deze zomer van Livorno (Italië) naar Onne, Nigeria. Tijdens een groot deel van de reis zat er een duif als verstekeling aan boord. De bemanning voerde hem en gaf de doffer te drinken. Eenmaal in Nigeria was de vogel gevlogen. “In feite heeft die duif geen meter gevlogen, maar gewoon een beetje de toerist uitgehangen” schrijft Mark.’

Ook al had Tyson het grootste gedeelte van de vijfduizend kilometer liftend afgelegd, hij verdient een eervolle vermelding in de geschiedenis van de duivensport, die meer beroemde postduiven kent.

De beroemdste van allemaal is Cher Ami, die tijdens de Eerste Wereldoorlog in dienst was van de Amerikanen. Hij redde de levens van meer dan tweehonderd soldaten van de ‘77th Infantry Division’, beter bekend als de “The Liberty Division” – de meeste leden van deze divisie kwamen uit New York en droegen een insigne met een afbeelding van het vrijheidsbeeld op hun mouw.

De divisie was tijdens de gevechten met de Duitsers gescheiden geraakt van de andere Amerikanen en volledig door de vijand omsingeld. Tot overmaat van ramp richtten de overige Amerikanen, die niet precies wisten waar hun lost battalion zich bevond, ook nog eens de kanonnen op hun positie, waardoor het 77ste onder eigen vuur kwam te liggen.

De enige communicatiemogelijkheid die het bataljon nog restte, was een jonge postduif, genaamd Cher Ami. Het bataljon stuurde Cher Ami er met de volgende boodschap op uit: ‘We are along the road parallel to 276.4. Our own artillery is dropping a barrage directly on us. For heaven’s sake, stop it.’

De Duitsers die Cher Ami zagen opstijgen, begrepen dat hij een boodschap bij zich droeg en openden het vuur. Cher Ami werd geraakt in zijn oog en in zijn borst; het pootje met het kokertje met de boodschap werd er bijna afgeschoten. Even dreigde de duif neer te storten maar hij vloog zwaargewond door naar zijn nest,  25 kilometer verderop, waar de boodschap werd gelezen. Zo kon het bataljon worden gered.

De dappere doffer verloor bij deze actie een oog en een pootje. Hij kreeg alle mogelijke medische verzorging en de Franse overheid onderscheidde hem met het “Croix de Guerre avec Palmes.” Cher Ami werd overgebracht naar Amerika waar hij een heldenontvangst kreeg. Hij overleed in 1919. Na zijn dood werd hij opgezet en hij is nog steeds te bewonderen in het National Museum of American History, het Smithsonian Institution, in Washington.

000000 duif cher ami

Cher Ami op zijn ene pootje zoals hij te zien is in het Smithsonian Institution in Washington.

Zelf heb ik als kind ook duiven gehad. Twee jaar geleden heb ik op dit blog daar een tweetal afleveringen aan gewijd. Zie Duifjes en Duifjes (2)

 

 

 

 

Een wandeling naar de ANWB

Mijn wandelschoenen hebben het gehad. Zelfs de schoenmaker zag er geen omzet meer in. Einde verhaal dus (van de schoenen, niet van deze blogpost).

Mijn wandelschoenen had ik een paar jaar geleden gekocht in de ANWB-winkel in het hoofdkantoor van de ANWB in Den Haag. Omdat de schoenen wel lekker zaten, besloot ik gisteren om naar de ANWB-winkel te wandelen. Misschien hadden ze mijn schoenen nog wel in het assortiment. Het was wel lekker weer voor een wandelingetje. Ok, normaal koop je dus eerst wandelschoenen en ga je daarna wandelen, maar het kan ook andersom.

Ik liep eerst door wat wijken van Den Haag, daarna door wat landgoederen op weg naar de ANWB. In een slootje in de buurt van het Louwman-museum zag ik een moedereend. Ze was vergezeld van één klein eendje. Het beestje probeerde zo dicht mogelijk bij zijn moeder te blijven.

00 eend

Eenden broeden zo’n zes tot tien eieren uit, maar een hoop jonge eendjes halen de eindstreep niet – de formule 1 liefhebbers zouden zeggen: waarschijnlijk hebben die een Renault-motor. Deze moedereend was er dus al een hoop kwijt.

De moedereend maakte wel een erg beschermende indruk. Even tussendoor, wist u dat als de jongen in gevaar komen de moedereend zich vaak gaat gedragen alsof zij is aangeschoten. Ze gaat dan klapperen met haar vleugels zodat het lijkt alsof ze niet meer kan vliegen in de hoop dat de vijand achter haar (het grotere hapje) aangaat om de vijand zo bij de jonge eendjes weg te lokken. Maar goed, mocht deze moedereend deze tactiek ook hebben toegepast, dan niet met zoveel succes.

Aangekomen bij de landgoederen Oosterbeek en Clingendael zag ik veel mensen hun hond uitlaten. Het viel me op dat de honden er in twee maten waren: of het waren kleine hondjes of het waren heel grote honden. Aan een tussenmaat werd niet gedaan. Eén dame droeg haar hond (een kleintje) in haar armen. Toen ik zei “Zo kan je een hond natuurlijk ook uitlaten” zei ze dat ze dit deed, omdat ze vlak bij haar auto was en niet wilde dat de hond nog vies zou worden. Ok, snap ik.

Er stonden links en rechts ook diverse bordjes voor de honden. Deze snapte ik wel, niet poepen hier.

00 bord poepen 2

De vraag is natuurlijk waar dan wel? Maar met het volgende bord had ik wat meer moeite. Het toonde het achterste deel van een hond, een plus-tekentje, en het voorste deel.

00 bord dierenambulance

Bedoelen ze daarmee te zeggen dat als je hond uit elkaar valt dat je dan beide delen aan de dierenambulance moet mee geven?

Opeens sprak een vrouw met een hond mij aan. Was ik niet Martin die vroeger bij de KPN had gewerkt? Inderdaad, we bleken ruim twintig jaar geleden allebei  bij de automatiseringsclub van KPN te hebben gewerkt (maar niet op dezelfde afdeling). Ze zei haar naam, maar het zei me niks meer.  Mijn geheugen gaat er niet op vooruit.  Zij wist daarentegen zelfs nog in welke straat ik woonde. Daar fietste ze vroeger wel eens door heen op weg naar ouders. Die waren inmiddels al lang verhuisd, dus ze kwam er niet meer. We praatten een tijdje over vroeger en bij het afscheid zei ik ‘Tot over twintig jaar dan maar weer.”

Na een tijdje bereikte ik het ANWB-hoofdkantoor. Volgens een bord op de parkeerplaats bevond ik me op nog maar 3 km afstand van De Bilt. Ik had dus behoorlijk wat meer gelopen dan dat ik van plan was.

00 bord anwb

Uiteraard hadden ze in de winkel mijn schoenen niet meer. Ik zag verder niks van mijn gading en onverrichte zake keerde ik huiswaarts. Op de terugweg zag ik moedereend en haar kleintje weer.  Het kleintje, twee uur ouder nu,  waagde zich nu iets verder van zijn moeder af. Was dat wel verstandig?

00 eend 2

Tot zover een dagje wereldnieuws.

Muziek om bij dood te gaan

Ik zie er blijkbaar slecht uit. Laatst vroeg Marianne al een keer wat voor een muziek ik bij mijn begrafenis wilde en vorige week vroeg één van de dochters dat ook al. Wat weten ze meer dan ik?

Ook Amnesty International houdt al rekening met mijn overlijden. Die sturen mij brieven waarin ze mij op de mogelijkheid wijzen om hun organisatie in mijn testament op te nemen. Moeten ze vooral doen zeg, zulke brieven sturen. (Dat doen ze waarschijnlijk omdat ik al 45 jaar lid ben. Die denken natuurlijk dat ik stokoud ben, maar ik was gewoon heel jong toen ik lid werd.)

Maar goed, de muziek bij je begrafenis is natuurlijk wel iets om van te voren even over na te denken. Eigenlijk is het jammer dat je zelf niet bij je eigen begrafenis kan zijn. Ok, je bent er natuurlijk wel bij, maar dat is toch anders. Tja, wat voor een muziek moet het zijn? Ik moet er in ieder geval wel zelf iets mee hebben. Gelukkig, heb ik wat ideeën. Familie, noteren jullie even?

Allereerst het laatste nummer – hopelijk is dit niet te verwarrend voor mijn familie; ik ken ze een beetje – het laatste nummer dus dat gespeeld moet worden is een makkelijke keuze – easy question –  ‘Imagine’ van John Lennon.

0 imagine

Op YouTube staan meerdere versies. Bovenstaande versie (op het plaatje klikken om naar YouTube te gaan) lijkt me wel een mooie. De muziek begint hier namelijk pas na zo’n veertig seconden. Eerst hoor je het  geluid van voetstappen en het geluid van fluitende vogeltjes. Kan er door de zaal nog even gehoest en gekucht worden. U ziet, ik denk met u mee.

Ook moet er natuurlijk wat romantisch gedraaid worden. Mijn keuze valt dan op ‘Unchained Melody’. Dat nummer is door meer dan 1500 mensen opgenomen, maar ik wil de uitvoering van de Righteous Brothers, en dan nog specifiek de live-uitvoering. Die is beter dan de studio-opname. (U ziet, ik ben een echte kenner.)

0 Unchained melody

Overigens heten de Righteous Brothers helemaal geen Righteous, zijn het ook geen broers en is het nummer een solo optreden van één van de twee ‘broers’.

En voor wat het lied betreft, het woord ‘unchained’ komt helemaal niet in de tekst voor. Het nummer heet zo omdat het afkomstig is uit de film ‘Unchained’ uit 1955. (Dat is overigens het jaar waarin ik  ben geboren.) Die film gaat over een gevangene die twijfelt of hij moet ontsnappen om naar zijn vrouw te gaan of niet. Spoiler alert: hij ontsnapt uiteindelijk niet. (Ik zal binnenkort wel eens een blogpost over dit nummer schrijven.)

‘Unchained Melody’ van de Righteous Brothers is overigens typisch een begrafenislied. Zie hier  bijvoorbeeld wat reacties op YouTube.

0 Unchained melody 2

Begrafenisondernemer Yarden houdt overigens een top 10 bij van de meest gedraaide nummers in Nederland tijdens begrafenissen,

0 top tien

Er staan twee nummers op (van Frans Bauer en Rob de Nijs) die ik zelfs helemaal niet ken.

Maar goed, verder dus. Mijn begrafenis mag ook wel een vrolijke noot – letterlijk dus – hebben. Ik zat hiervoor te denken aan de kraker ‘Go Ahead is niet te kraken van Co Hagedoorn. Een lekkere meezinger voor de zaal. Voor wie dit nummer uit 1967 – op de achterkant van de single staat het meesterwerk ‘Deventer Koek’ ; “Deventer, je koek is zo fijn; dat is wel iets om heel trots op te zijn” – niet kent, kan hieronder oefenen.

0 Go Ahead is niet te kraken

Verder reken ik er een beetje op dat de sprekers alleen mijn goede eigenschappen zullen vermelden. (“Wanneer iedereen u prijst is uw begrafenis aan de gang” – Julien de Valckenaere).  Als iedereen het alleen maar over mijn goede eigenschappen heeft, dan moet er nog ruimschoots genoeg tijd zijn voor nog een nummer. Ik weet echter nog niet precies welke. ‘The Rose van Bette Middler, ‘Perhaps  Love in de uitvoering van John Denver samen met Placido Domingo, ‘Het Dorp‘ van Wim Sonneveld of ‘Seasons in the Sun’ van Terry Jacks zijn mogelijkheden. Daar moet ik nog even over nadenken.

Hoewel, ik weet nog een beter nummer, namelijk de plaat die in de week van 26 juli tot 1 augustus 2055 op de eerste plaats van de top 40 staat. Waarom dat nummer? (Dat ik nu uiteraard nog niet ken.) Omdat dit het nummer is dat op nummer 1 stond tijdens mijn honderdste verjaardag. Dat is wel iets om later tijdens mijn begrafenis te spelen.

Brand in de Notre-Dame

Ik zal geen primeur hebben met de onthulling dat er gisteren brand was in de Notre-Dame. Duizenden foto’s van de brand staan er inmiddels al op internet. Alleen Google Earth is nog niet bij. Daar is de Notre-Dame nog in al zijn volle glorie te bewonderen. Traag, we zijn al twaalf uur verder. Daar had toch al lang een satelliet een nieuwe foto van kunnen maken?

notre dame google

De tekst bij het rode bolletje op de Google Earth foto is niet goed leesbaar, daarom hier even uitvergroot.

notre dame tekst

De Notre-Dame is een ‘bekende gotische kerk met literaire link‘, aldus Google Maps. Over die omschrijving moet iemand nagedacht hebben. Dat zal beslist geen Fransman zijn geweest. Een ex-collega van mij was ooit eens ergens op vakantie in Frankrijk toen hij aan een Fransman vroeg wat voor een kerk er in de verte stond. Hevig verontwaardigd had de Fransman geantwoord: “Église? Église?? C’est une cathedrale!!!”

Even nieuwsgierig heb ik op Google Maps wat omschrijvingen opgezocht van wat andere bekende gebouwen. De Eiffeltoren is een ‘Toren uit de 19e eeuw van 324 meter hoog en de Golden Gate brug is een ‘Iconisch art-decobrug uit 1937’

eiffel toren golden gate brug

Hier is overduidelijk iemand met een toeristisch gidsje bezig geweest. Kijken we naar Nederland, dan zien we op Google Maps dat de Erasmusbrug een ‘Witte brug met bijnaam ‘De Zwaan” is en dat het het Koninklijk Paleis op de Dam een ‘Sierlijk paleis uit de …” is.

Erasmusbrug koninklijk paleis

Blijkbaar moest de man van Google Earth bij het paleis op de Dam nog uitzoeken uit welke eeuw het paleis stamde en typte hij voorlopig drie puntjes … – dat zoek ik later wel op. Vervolgens is hij het vergeten en nu zitten de Google Maps lezers voor eeuwig met het raadsel uit welk jaar het paleis stamt. (Het is 1655.)

Met de omschrijving van het Witte Huis in Washington heeft Google Maps het in de Nederlandse versie ook moeilijk. Ze kunnen blijkbaar niet kiezen tussen de Nederlandse en de Engelse omschrijving en dan krijg je dit.

witte house

‘The Witte House’ heet de ‘Woning van de president van Amerika’ in Google Street View

En over de bewoner van The Witte House’ gesproken,  die had gisteren nog een advies voor de Franse brandweer – uiteraard zou ik bijna schrijven.

trump tweet

Perhaps flying tankers could be used to put it out.‘ twitterde hij.

Maar het mooiste was zijn slotzin:  ‘Must act quickly!‘ Daar had de Franse brandweer nog niet aan gedacht. Goed dat hij mee dacht.

 

 

 

 

 

 

Dansen op zijn Italiaans

In 2001 gingen we naar Italië op vakantie. De dochters waren acht en zes jaar oud. De autoslaaptrein bracht ons en de auto naar Bologna en vandaaruit reden we naar Toscane. In de auto moesten we de hele tijd naar liedjes van K3 luisteren. Ik kan er zo nog een paar mee zingen. We reden over een tolweg, maar toen we er af reden hoefden we niet te betalen. Er zat niemand in het hokje en de slagboom stond omhoog. De Italianen waren weer eens aan het staken.

De eerste week sliepen we in een Eurocamp-tent op een camping bij Sarteano. De camping lag pal naast het dorp en de faciliteiten werden ook deels door de plaatselijke bevolking gebruikt. ‘Een van de zwembaden is exclusief voor de gasten van de camping’ aldus de juichende Eurocamp-recensie. Wat ook gemeenschappelijk werd gebruikt was de dansvloer van het amfitheater op de camping.

In het weekend kwam de plaatselijke bevolking naar de camping. Om te dansen op het podium van het amfitheater. Van oude dametjes in het zwart gekleed tot de jeugd in jeans. Op Italiaanse volksmuziek deden ze een soort line dancing. De voorste van de groep deed telkens een bepaalde beweging – een stapje naar rechts, een draai naar links, een rare handbeweging; dat soort werk – en de rest volgde het voorbeeld.

dorpelingenDansende dorpelingen, zoals vastgelegd door Peter Paul Rubens omstreeks 1630

Een paar campinggasten waagden zich ook op de vloer en gingen met de groep mee dansen. De dochters wilden graag dat papa en mama ook mee deden. Na lang aandringen, vooral duwen, waagden wij ons ook op de dansvloer. Maar wel helemaal achteraan.

De ‘dansleider’ deed een stapje naar rechts, de groep en wij deden een stapje naar rechts. De dansleider deed een stapje naar links; de groep en wij deden een stapje naar links. De dansleider klapte drie maal in de handen en draaide een halve slag om; de groep en wij klapten drie maal in de handen en draaiden een halve slag om. En toen waren wij dus de voorsten van de groep en daarmee dansleider.

Oeps, dat was niet de bedoeling. Daarvoor stonden we niet achteraan. We deden een stapje naar links; de groep deed een stapje naar links. We deden nog een stapje naar links; de groep deed ook weer een stapje naar links. En na nog twee stapjes naar links stonden we bij het trapje en konden we van het podium af en naar onze kinderen lopen. De groep bleef gelukkig op het podium staan.

Zo, dat was leuk hè” zeiden we tegen de kinderen.

Een stemfoutje dat goed uitpakte

Nederland telt momenteel 21 waterschappen (ook wel hoogheemraadschappen genoemd).

0000000000 water

Vroeger waren het er veel meer. Zo telde Nederland bijvoorbeeld in 1950 nog zo’n 2600 waterschappen. Elke polder had toen bij wijze van spreken zijn eigen waterschap.

De allereerste waterschappen ontstonden al in de dertiende eeuw. Het eerste officiële waterschap was het Hoogheemraadschap van Rijnland, dat in 1255 door graaf Willem II van Holland werd ingesteld. In 1273 volgde Schieland. Delfland ontstond in 1289. Deze drie waterschappen (weliswaar in gewijzigde vorm) bestaan nog steeds (het zijn de nummer 11 t/m 13 op bovenstaande kaart.)

Waterschappen in Nederland zorgen voor de waterhuishouding. De belangrijkste taken van een waterschap zijn:

  • Het beheren van dijken
  • Het regelen van de waterstand met hulp van gemalen en sluizen;
  • Het afvalwater zuiveren
  • De kwaliteit van het zwemwater controleren
  • Zorgdragen voor het natuurbeheer in en aan het water. (Ook hebben een aantal waterschappen vaarwegen en landwegen in hun beheer.)

000000000 water

000000000 water3

000000000 water0Afbeeldingen afkomstig van de site van www.waterschappen.nl.

Elk waterschap heeft een (gekozen) algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Beide besturen worden voorgezeten door een dijkgraaf. Zijn functie is te vergelijken met die van een burgemeester in een gemeente. De dijkgraaf heeft geen stemrecht in het algemeen bestuur van het waterschap. Hij zit het alleen voor. In het dagelijks bestuur heeft de dijkgraaf ook zitting en daar heeft hij wel stemrecht. Een dijkgraaf wordt door de regering benoemd voor een periode van 6 jaar. Het zijn vooral mannen. Slechts drie van de 21 dijkgraven zijn vrouw.

0000000000 dijkgraafLinks Robbert Dijkgraaf (directeur van het Institute for Advanced Study in Princeton; één van zijn voorvaderen zal ongetwijfeld dijkgraaf zijn geweest); Rechts een ingezetene van het Waterschap Rijn en IJssel.

0000000000 Herman DijkHerman Dijk – hij heet echt zo – is de dijkgraaf van het waterschap ‘Drents Overijsselse Delta.’; foto Schubbie01

Het algemeen bestuur van een waterschap kan je vergelijken met een gemeenteraad. Het stelt het beleid van het waterschap vast en controleert of het dagelijks bestuur – dat bestaat uit de heemraden (zeg maar de wethouders van een gemeente) – dit goed uitvoert. Het aantal algemeen-bestuursleden is afhankelijk van de grootte van het waterschap. Het varieert tussen de 21 en 30.

Het is wel toepasselijk om te zeggen dat het algemeen bestuur van de waterschappen een typisch voorbeeld is van het Nederlandse poldermodel (zowel letterlijke als figuurlijk). Er zitten vier categorieën vertegenwoordigers in. De grootste categorie (in Delfland bijvoorbeeld 21 van de 30 leden) zijn ‘de ingezetenen’, dat zijn de inwoners van het waterschap. De mensen die namens ‘de ingezetenen’ in het Algemeen Bestuur zitten worden om de vier jaar gekozen via de waterschapsverkiezingen.

De andere leden van het algemeen bestuur zijn vertegenwoordigers van bedrijven, boeren en natuurorganisaties. Zij worden niet gekozen via verkiezingen maar aangewezen door hun ‘beroepsvereniging’. Zij hebben zogeheten geborgde zetels. Er zijn discussies gaande of het systeem van geborgde leden moet worden afgeschaft.

Vorige week waren er tegelijkertijd met de verkiezingen voor de provinciale staten ook de verkiezingen voor het waterschap.

0000000000 hans BrinkerEén van de kandidaten voor het bestuur van het Waterschap Rijnland. Foto Wikifrits

Sommige politieke partijen (o.a. VVD, PvdA, CDA , de Partij voor de Dieren, de ChristenUnie-SGP en 50plus) hebben hun eigen lijst. Andere partijen hebben geen eigen lijst maar ondersteunen onafhankelijke lijsten. Zo heeft de lijst ‘Water Natuurlijk’ de voorkeur van GroenLinks en D66.

Niet iedereen ziet het nut er van in om bij de waterschaps-verkiezingen te gaan stemmen. Het maakt toch niet uit op wie ik stem, waterbeheer is toch gewoon waterbeheer? Dat is niet helemaal waar. Waterbeheer kan op verschillende manieren worden gedaan. Zo hebben boeren bijvoorbeeld belang bij een laag grondwaterpeil – dat zorgt voor droge landbouwgrond – maar dat is weer nadelig voor huizenbezitters die bij een laag grondwaterpeil juist kans lopen op schade aan de heipalen onder hun huis. Die willen liever een hoger grondwaterpeil.

Om te komen tot een onderbouwde stemkeuze zijn er, net zoals bij andere verkiezingen, tegenwoordig ook voor waterschaps-verkiezingen stemwijzers ontwikkeld. De jongste dochter had met hulp van zo’n stemwijzer haar keuze bepaald. Het werd geen politieke partij maar een onafhankelijke lijst, iets met ‘water’ in de naam. Zo gezegd zo gedaan.

Thuis gekomen zag ze echter dat ze in het stemhokje op de verkeerde lijst had gestemd. Ze had haar voorkeurslijst verward met een andere lijst die ook het woordje water in zijn naam had staan. In de familie WhatsApp-groep klaagde ze hierover, waarop Marianne  – die in tegenstelling tot mij nog geen verantwoorde keuze had gemaakt – zei dat ze ter compensatie dan wel op de voorkeurslijst van de dochter zou stemmen.

Ook vertelde ze haar ‘foutje’ aan haar vriend en aan een vriendin en ook die twee besloten om ter compensatie op haar voorkeurslijst te stemmen. Het netto effect van dit alles was dat haar voorkeurslijst drie stemmen voor de prijs van één kreeg. Ik verdenk haar er dan ook van dat ze het hele verhaal van verkeerd stemmen heeft verzonnen opdat haar voorkeurslijst meer stemmen zou krijgen.

De lijst waarop ze per ongeluk op stemde verloor uiteindelijk een zetel. De lijst die dankzij haar drie extra stemmen kreeg handhaafde haar aantal zetels.

Lente

De aarde kent – Breaking news! – vier seizoenen: lente, zomer, herfst en winter. Ik citeer even een stukje van de site van de KNMI.

De seizoensverschillen komen voort uit de schuine stand van de as waar de aarde om draait. Hierdoor komt de zon op het noordelijk halfrond in de zomer hoger boven de horizon dan in de winter. De zon schijnt daardoor in de zomer langer dan in de lente, herfst en winter

000000 1Linksboven de stand van de aardas tijdens de lente, rechtsboven tijdens de herfst, linksonder tijdens de zomer, rechtonder de winter. (Bron: Eumetsat)

Vandaag – 21 maart –  begint (op ons noordelijk halfrond) de lente. Althans dat 21 maart was vroeger bij ons thuis het begin van de lente. Op die dag zette mijn moeder altijd een bos bloemen op tafel en zei: “Zo, de lente is begonnen”. Meestal begon ze daarna samen met onze hulp in de huishouding het huis schoon te maken – de voorjaarschoonmaak –  en was het voor ons vooral zaak je niet te laten zien, anders moest je meehelpen “Ruim je rommel nou eens een keer op!” Mijn vader vluchtte op zo’n dag meestal naar zijn ‘kantoortje’.

Tegenwoordig ligt dat – niet het schoonmaken maar het begin van de lente – een stuk ingewikkelder. Allereerst is er het onderscheid tussen de meteorologische lente (ook wel klimatologische lente genoemd) en de astronomische lente.

De meteorologische lente loopt altijd van 1 maart tot 1 juni. Als u dacht dat die meteorologische lente iets is wat in deze tijd is bedacht, dan heeft u het mis. De afspraak over een meteorologische lente is al in 1780 gemaakt op een congres georganiseerd door de Societas Meteorologica Palatina dat onder leiding stond van de Duitse keurvorst Karl Theodor. (Keurvorst is tegenwoordig een uitgestorven beroep. Het laatste keurvorstendom (Hessen-Kassel) ging in 1866 na de zogenaamde Duitse Oorlog ten onder.)

De astronomische lente daarentegen kent geen vaste begindatum. Hij begint wanneer de zon loodrecht boven de evenaar staat. Nu dacht ik altijd dat dit op 21 maart het geval was, maar dat is al een aantal jaar niet meer het geval. Sterker nog, pas in 2102 begint de lente weer voor het eerst op 21 maart. Tot dan is het telkens op 20 maart met uitzondering van de jaren 2044 en 2048. In die jaren begint de lente zelfs al op 19 maart.

Ik zal dus naar alle waarschijnlijk nooit meer het begin van de lente op 21 maart mee maken. Dat is toch wel een beetje een deprimerende gedachte.

De zomer begint dit jaar nog wel op zijn ”vaste dag” (21 juni) maar dat is volgend jaar anders, dan begint hij op 20 juni (om 23.44 uur om precies te zijn). De zomer begint op het moment dat de zon de Kreeftskeerkring bereikt. Na dat moment worden de dagen op het noordelijk halfrond elke dag een beetje korter. De temperatuur daarentegen neemt na 21 juni gelukkig nog wel toe. Dat 21 juni niet de warmste dag van het jaar is, heeft met de zeeën te maken. Ik citeer weer even een stukje van de site van het KNMI.

Als de luchttemperatuur direct en alleen op de zon zou reageren, zou 21 juni (de langste dag) de warmste moeten zijn. Die dag zou dan midden in de zomer moeten vallen. In werkelijkheid loopt de temperatuur langzamer op. Dat komt door de invloed van oceanen en zeeën. De opwarming van zeewater door de zon gaat langzamer dan de opwarming van land. Een deel van de warmte wordt meteen teruggegeven aan de lucht. Een ander deel van de warmte komt in diepere aard- en oceaanlagen terecht. Die diepere lagen in de oceaan geven hun opgeslagen warmte langzaam af aan de lucht.”

Maar goed, de lente is dus al een dag bezig. Ik ben te laat voor de schoonmaak. Dan volgend jaar maar. Het bloemetje, een bonusaanbieding van AH, staat gelukkig wel al in huis.

0000 tulpen

Denkend aan Holland

De bekendste dichtregel van Nederland luidt waarschijnlijk: “Denkend aan Holland zie ik breede rivieren traag door oneindig laagland gaan, rijen ondenkbaar ijle populieren als hoge pluimen aan den einder staan;”

Ze zijn afkomstig uit het gedicht ‘Herinnering aan Holland ’ van Hendrik Marsman.

00000 gedicht1

Hendrik Marsman publiceerde het gedicht in 1936. Hij was toen 36 jaar oud. Marsman verbleef vaak en lang in het buitenland. Vermoedelijk heeft hij het gedicht in Frankrijk geschreven.

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, bevond hij zich samen met zijn vrouw ook in Frankrijk. Hij besloot om samen met een twintigtal andere vluchtelingen met een boot van Bordeaux naar Engeland af te reizen, maar zou er niet aankomen.

00000 Marsman 00000 mevrouw MarsmanHendrik Marsman en zijn vrouw Rien Marsman-Barendregt.

Op 21 juni 1940 werd het schip, de Berenice, in de golf van Biskaje (vermoedelijk) getorpedeerd door de Duitse onderzeeër U65. (Sommige bronnen houden het echter op een ontploffing in de machinekamer.) Alleen de acht personen die zich aan dek bevonden, waaronder Marsman’s vrouw Rien Marsman-Barendregt, zouden de ramp overleven.

Marsman bevond zich benedendeks en stierf op veertigjarige leeftijd. Op de site van het Literatuurmuseum staat een uitgebreid verhaal over het overlijden van Marsman. Ik citeer even een paar regels.

Alleen wie zich op dat moment bovendeks bevindt heeft een kans de ramp te overleven. Voor slechts acht van de 47 opvarenden is dat het geval: de kapitein, zes bemanningsleden en – als enige van de vluchtelingen – Rien Marsman. Haar redding heeft ze te danken aan twee nogal triviale omstandigheden: als enige passagier draagt ze permanent een zwemvest aan boord, en ook bevindt ze zich als enige passagier op het bovendek, waar ze bezig is het ontbijt klaar te maken.

Volgens Riens eigen verhaal is ze door de explosie in zee geslingerd en heeft ze zich drijvende kunnen houden aan een stuk wrakhout. Ze wordt opgepikt door een schip dat vanaf Bordeaux met de Berenice in konvooi voer. Daarmee bereikt ze Engeland, waar een maandenlang verblijf in ziekenhuizen volgt. Rien heeft dermate zware verwondingen aan haar voet opgelopen dat ze meermalen moet worden geopereerd

Tijdens de oorlog raakte ze bevriend met Koningin Wilhelmina. Rien Marsman-Barendregt zou in 1948 onder de titel ‘Haar werk ging door’, een boek over het verblijf van prinses Juliana in Canada schrijven. Ze stierf in 1953 op 56-jarige leeftijd.

Ik moest gisteren opeens aan het gedicht van Marsman denken toen ik al fietsend in onze gemeente een bedrijf bezig zag met het omzagen van een ‘rij ondenkbaar ijle populieren’.

00000 pop 1

00000 pop 3

00000 pop 2

Het is maar goed dat Marsman niet heden ten dage in onze gemeente leefde. Dan zou het gedicht er ongetwijfeld heel anders uit hebben gezien.

00000 gedicht2