Pipo de Clown (2)

Jaren niet aan Pipo de Clown gedacht en wat gebeurt er de dag nadat ik over hem heb geschreven? Ik zet de tv aan voor de Tour de France en zie daar Pipo de Clown.

Niet op de fiets maar op de zender die in beeld verscheen toen ik de tv aanzette. Ik was iets te vroeg. De tour was nog niet begonnen. Het betrof een nieuw gemaakte serie voor de jeugd met een nieuwe Pipo, een nieuwe Mamaloe en een nieuwe Kluk Kluk. Ook zong Pipo een nieuw liedje. Het ging over een vergeet-mij-nietje. Zie hier de clip op YouTube waarin Pipo het bloemetje toe zingt

pipo 2

Kijk even goed naar het bloemetje in zijn hand dat hij toezingt. Dat is beslist geen vergeet-mij-nietje. Het is overduidelijk een viooltje. Voor Pipo, een vergeet-me-nietje ziet er zo uit.

vergeet me nietje

De vergeet-me-nietjes waren natuurlijk wat lastiger te verkrijgen en geven ook niet zo’n mooi plaatje als je ze toe zingt.  Om met Pipo te spreken: Dag vogels, dag bloemen.

Taalfoutjes in de Volkskrant

Gisteren publiceerde de Volkskrant onder de kop ‘Tips om jezelf en je medemens koel te houden’ een artikel met een zevental tips om de huidige hittegolf te doorstaan.

  1. Drink voldoende
  2. Draag dunne kleding
  3. Zoek de schaduw op
  4. Smeer de huis in met zonnebrandcrème
  5. Beperk lichamelijke inspanning ‘s middags
  6. Houd de woning koel
  7. Let extra op kwetsbare mensen

De vierde tip trok de meeste aandacht. Die bevatte een knoeperd van een taalfout.huis insmeren

“De Huis”. Ai, de Volkskrant toch! Of zoals iemand het in een ingezonden brief in de krant van vandaag opmerkt: “Hoe vaak moet ik het nog zeggen. Het is HET huis en niet DE huis.”

Overigens in de eerste zin van punt 4 (“Vertrouw daarbij niet teveel op waterbestendige zonnebrandcrème…”) staat het woordje ‘teveel’ aaneengeschreven. Je kan je afvragen of dit niet ‘te veel’ moet zijn? De algemene regel is dat je het los moet schrijven als te veel ‘meer dan nodig’ betekent en dat je het als ‘teveel aaneen moet schrijven als het een zelfstandig naamwoord is: het teveel of een teveel (in de betekenis van ‘het/een overschot’). Eerst dacht ik dat het hier ‘te veel‘ moest zijn, maar nu twijfel ik toch een beetje. Je zou de zin namelijk ook kunnen schrijven als “… een teveel aan water-bestendige zonnebrandcrème… “.

Maar goed daar ga ik mij niet druk over maken. Veel te warm voor. Eerst maar eens naar de Gamma om een 50 liter blik zonne-brandcrème te kopen om het huis in te smeren. Of zou 50 liter te veel zijn? (Het is in ieder geval niet teveel; taalkundig gezien uiteraard).

Daarna wellicht naar Scheveningen.

hittegolf27 juni 1976; Scheveningen tijdens een hittegolf; fotograaf Rob Mieremet; Nationaal Archief

Hoewel, misschien is dat niet zo’n goed idee. Overduidelijk ‘te veel’ mensen.

 

 

 

Pipo de Clown

In mijn prille jeugd was Pipo de Clown – “Sapperdeflap!” – de belangrijkste televisiefiguur, althans voor mij. Reuze spannend vond kleine Martin de avonturen van de clown. Als de serie begin jaren zestig op zaterdagmiddag op de televisie kwam – het waren afleveringen van zo’n 30 minuten – zat ik gespannen voor de buis.

pipo.214 februari 1962; Pipo de Clown (Cor Witschge), de circusdirecteur ‘Dikke Deur’ (Willy Ruys) en Pipo’s vrouw Mamaloe (Christel Adelaar); fotograaf Wim van Rossem; Nationaal Archief

Pipo beleefde allerlei avonturen. Hij werd daarin geholpen door zijn vrienden Kluk Kluk (“Mij zijn niet van de bange, mij zijn van de voorzichtige!”) een indiaan die altijd mis schoot (“Floepens, mis!”), de zigeuner Felicio (“Hmmm, soep met sliertjes”) en de zwerver Mik (gespeeld door Donald Jones). Tegenstanders waren veelal zijn oude circusbaas de Dikke Deur (“Pipooo, koeieeee!”) en de schurken Snuf (“M-m-mooie p-p-parels, f-f-fijne p-p-parels.”) en Snuitje.

De serie werd geschreven door Wim Meuldijk. Deze bemoeide zich tijdens de opnames werkelijk met alles. Zo had hij niet alleen hoogst persoonlijk de acteurs voor de serie uitgekozen, maar ook had hij eigenhandig de eerste huifkar voor Pipo gebouwd. Die Pipowagen was echter voor het ezeltje Nononono veel te zwaar om te trekken en er moesten dan ook tijdens de opnames cameramannen aan te pas komen om de kar – zonder dat hun benen in beeld kwamen – te duwen.

Uit een interview van Wim Meuldijk met de Leeuwarden Courant van 19 april 1968: “Sinds acht jaar woont Wim Meuldijk in een oud huis met enorme tuin in de Bussumse wijk ‘Het spiegel’. Achterin die tuin staat de woonwagen van Pipo. Aanvankelijk probeerden we met bestaande woonwagens te werken: dat gaf niet het gewenste decor. Toen heb ik voor zes tientjes bij een boer een wagenonderstel gekocht en heb een romantische circuswagen getekend. Daarna ben ik er 2,5 maand mee bezig geweest om het ding te bouwen, intussen dromend van nieuwe avonturen. De NTS heeft me nu een groot stuk zeildoek geleend, want als voorbijgangers het ding zien willen ze er ook in en je kunt het ze niet altijd weigeren. Tenslotte is Pipo nu niet alleen meer van mij maar wordt hij door menigeen als gemeenschappelijk bezit beschouwd.”

pipo 1958Pipo de Clown met zijn vrouw Mamaloe, dochter Petra en zijn vriend Kluk Kluk (Herbert Joeks)

pipo4 november 1963; Pipo en zijn vriend Felicio de zigeuner (Jan Pruis); fotograaf Harry Pot.

snuf en snuitje12 oktober 1963; De schurken Snuf (Rudi Falkenhagen) en Snuitje (Will Spoor)

Later, in de tweede helft van de jaren zestig, werden er dagelijks verhaaltjes van vijf minuten uitgezonden, die als verhaaltjes voor kinderen voor het slapen gaan dienden – “Dag vogels, dag bloemen, dag kinderen…”. In totaal werden er 480 stuks uitgezonden. Hoe populair Pipo in de tijd was, blijkt wel uit het feit dat in 1967 in de speciale uitzending die de Nederlandse televisie de dag na de geboortedag van prins Willem-Alexander uitzond Pipo de Clown ook een rol speelde.

pipo 1967Geboorte prins Willem-Alexander; speciale uitzending op de televisie, welke ‘s avonds werd uitgezonden. Pipo de Clown bij ziekenhuis te Utrecht. Hij krijgt beschuit met muisjes aangeboden; 28 april 1967; fotograaf Ron Kroon.

Waarom schrijf ik nu over Pipo de Clown? Dat komt omdat in één van zijn avonturen Pipo het oude vrouwtje kwam helpen dat precies op het vierwindenpunt woonde. Op dat punt kwamen de winden uit de vier windrichtingen samen en waaiden allerlei verloren schatten van de hele wereld naar haar huis. De schurken onder leiding van Snuf en Snuitje wilden daarom dat huisje van haar afpakken.

Ok, en waarom dacht je daar nu aan? Dat komt omdat ik denk dat ons huis toevallig ook op zo’n vierwindenpunt staat. Daardoor komen alle warme en koude luchten van heel de wereld onder bepaalde omstandigheden samen bij ons huis. En daardoor kan het onder uitzonderlijk omstandigheden gebeuren dat, terwijl het om ons heen dertig graden is, het bij ons in de tuin sneeuwt. Kijk, zo ziet onze tuin er momenteel uit.

sneeuw

Last van de warmte? Inderdaad.

 

Een plakkende Mondriaan en een bordurende Vermeer

Vandaag is het blogpost nummer 600. Dat moet dus niet zo maar een niemendalletje zijn maar een weloverwogen goeddoordachte blogpost. Daarom een wetenschappelijk verhaal en wel over hoe schilders  tot hun compositie komen. Het antwoord daarop luidt: ieder heeft zijn eigen methode.  Zo, daar kijkt u van op of niet?

Ik pak er even twee voorbeelden bij. Allereerst Piet Mondriaan. Zijn laatste schilderij was de Victor Boogie Woogie.

mondriaan 2Dit schilderij was toen de schilder in 1944 overleed nog niet af. Daardoor kunnen we zien hoe hij werkte. Als je goed naar het schilderij kijkt, dan zie je namelijk dat hij gebruikte maakte van gekleurde stukjes cellotape.

mondriaan

Als de compositie hem beviel, dan haalde hij de cellotape weg en schilderde hij het vakje in de goedgekeurde kleur en afmeting.

Een heel andere werkwijze had Johannes Vermeer. Die borduurde eerst zijn ontwerp voordat hij het schilderde.  Vermeer, een bekwaam borduurder,  was een veeleisend man. De compositie moest eerst perfect zijn voordat hij deze met verf op het doek zette. Voordat hij zich aan het schilderen zette, had hij al honderden borduurwerken van het onderwerp gemaakt.

Zo zag ik van de week twee van deze Vermeer-borduursels in onze plaatselijke kringloopwinkel.

vermeer

Het geborduurde melkmeisje is zo te zien al bijna de definitieve versie.

vermeer melkmeisje

Dat geldt echter niet voor ‘Het glas wijn’ dat in het Gemälde Museum in Berlijn hangt.

vermeer glas wijn

vermeer berlijnUw deskundige gids in 2015 in Berlijn 

Vergelijk het borduursel van Vermeer eens met de uiteindelijke versie. Het is een wereld van verschil.

vermeer glas wijn 2JPG vermeer glas wijn

De definitieve kleuren zijn anders en ook in de compositie heeft hij heel wat  veranderingen gebracht. Wel is de rudimentaire opzet van het schilderij al goed te zien

Tot slot, ik hoor het u vragen, zijn die borduursels van Vermeer ook veel geld waard? Helaas, het antwoord is nee. Dit omdat hij er zo veel van heeft gemaakt.  Voor elke schilderij wel honderden, soms wel duizend.  Zo weinig Vermeer schilderde, zo veel borduurde hij. En daarnaast zijn er ook nog eens veel vervalsingen van zijn borduurwerken in omloop.

Ik heb deze twee borduurwerkjes dan ook laten staan.

 

Klimmen en Dalen (3)

Ruim een maand geleden had ik twee blogposts met als thema ‘klimmen en dalen’,  eentje met Mark Rutte en eentje met Joop den Uijl.

0000 klimmen 2

Die met Rutte was nog wel aardig, die met Den Uijl was al een stuk minder. Ik had toen ook nog een derde aflevering gemaakt, namelijk eentje met Willy Alberti. Voor de wat jongere lezertjes, dat was de vader van Willeke Alberti. En voor de nog wat jongere lezertjes, Willeke Alberti is de moeder van Johnny de Mol. En voor de nog wat jongere lezertjes Johnny de Mol is de vader van Johnny de Mol jr, maar die is nog maar drie maanden oud en dus nog niet bekend. Maar de overgrootvader van Johnny de Mol jr is dus Willy Alberti, wie kent hem niet.

Anyway, de ‘klimmen en dalen’ aflevering over Willy Alberti heb ik toen niet geplaatst. Ik vond hem niet goed genoeg om hem te plaatsen. Maar met dit warme weer ben ik lang zo kritisch niet meer, dus hoppa, uit de serie: klimmen en dalen: Willy Alberti in 1958 op weg naar het vliegveld om naar New York te reizen.

0000 willy alberti 1958b

Klimmen en dalen Willy Alberti 1958

Tom Tom Uit

In Nootdorp heb je een voor auto’s doodlopende weg. Echter, sommige navigatiesystemen denken dat je er met de auto wel door heen kan.

Dit levert de volgende opmerkelijke verkeersborden links en rechts van de weg op.

tom tom. 3

tom tom

Om een zekere Lao Tzu te citeren: “Een goede reiziger heeft geen vastomlijnde plannen en de aankomst is niet zijn doel.” 

 

 

Een dorpje in Ghana

Zoals ik hier wel eens eerder heb geschreven, werkt de oudste dochter momenteel voor GHEI, een Amerikaanse hulporganisatie in Ghana. Ze woont en werkt in Humjibre, een dorpje op zo’n zeven uur rijden van de hoofdstad Accra.

We hebben haar wel eens gevraagd om wat foto’s te maken van het dorpje zodat we een indruk konden krijgen van het  dorp. Nu luisteren de kinderen al jaren niet meer naar ons. De laatste keer was in 2013 en dat was nog omdat de  dochter ons toen verkeerd verstond. Maar goed, de dochter heeft nu toch wat foto’s van het dorp gemaakt en op haar instragram-pagina  geplaatst, waar vandaan ik ze even brutaal gekopieerd heb. Zie hier wat beelden uit Humjibre .

ghana 0

ghana 1

ghana 3

ghana 2

ghana 4

ghana 5

ghana 6

ghana 7

ghana afval

Deze laatste foto laat het verbranden van het afval zien. Dat wordt niet opgehaald maar wordt verbrand.

ghana 9

ghana 8

De jongen op deze foto heeft wat krabben in zijn hand. Ik citeer even wat de dochter bij deze foto op haar instragram-paginga heeft geschreven.

This boy asked me to take a picture of him and his catch of the day. He catches these crabs, which were still very much alive, by sticking his hand elbow-deep down a narrow water-filled hole in which these crabs live.

Tot zover wat beelden (copyright van de foto’s voorbehouden aan de dochter) uit Humjibre.

 

Een fietstochtje (2)

Ook gisteren was het mooi weer – u ziet dat u bij deze blogpost er ook nog eens een gratis weerman bij krijgt – en besloten Marianne en ik om te gaan fietsen. Thuis smeerden we wat boterhammetjes voor onderweg en stopten deze in een oud overblijftrommetje van de kinderen – ach, hoe schattig. Ook namen we de nodige hoeveelheden water en twee appeltjes mee.

We hadden niet echt een route in gedachten, maar omdat het best wel hard waaide, besloten we om eerst maar eens tegen de wind in te fietsen zodat we op de terugweg, als we wat vermoeider zouden zijn, de wind mee zouden hebben. We besloten daarom richting Delft te gaan. Terwijl we een stukje langs de A12 fietsten, zagen we hoe daar iemand bezig was het gras in het talud te maaien.

0000000000000 00 talud

Zou zo iemand niet bang zijn dat zijn machine omslaat?

Om half één besloten we langs een watertje in het Delftse Hout te gaan lunchen. Daar kwam ik er achter dat ik het boterham-trommeltje op het aanrecht had laten staan.

0000000000000 00 delftse hout 2

Oeps, gelukkig was er een uitspanning in de buurt en konden we daar lunchen. Het ging wel ten koste van de erfenis voor de kinderen. Die is nu twintig euro lager. Op een tafel stond een schenkkan waar je gratis water uit kon tappen. Dat was een aardig gebaar voor de gasten. Wat ik wat minder vond, was dat er in de kan een goudvis zwom. Dat is toch niet hygiënisch zei ik tegen Marianne, maar die beweerde dat ik dat niet goed zag.

0000000000000 00 goudvisZeg eens eerlijk, hier zwemt toch een goudvis in?

Anyway, we vervolgden even later onze tocht en via Delfgauw (wind tegen), Oude Leede (wind tegen), De Zweth (wind tegen), Negenhuizen (wind tegen), Schipluiden (wind tegen) en Het Woudt (wind tegen) reden we via Delft (eindelijk wind mee) weer terug naar huis.

Marianne nam onderweg nog de nodige foto’s. Ik zal u de meeste besparen op de volgende drie foto’s na.

0000000000000 00 boom0

Allereerst deze boom. Blijkbaar was hier sprake van een tak die er spijt van had dat hij zich van de stam had afgescheiden en weer terug was gegroeid naar de boom. Wonderlijk

En in Het Woudt zagen we dit  kerkje dat zijn oorsprong vindt in de veertiende eeuw.

0000000000000 00 kerk2

Niet alle onderdelen stammen overigens uit die tijd en zijn er later aan toegevoegd. Kijkt u maar eens goed naar de klok. Die lijkt geïntegreerd in de kerk te zitten, maar als je de kerk van opzij ziet en in zoomt, dan zie je dat de klok er in 1913 los opgezet is.

0000000000000 00 klok

Maar goed, het blijft een schattig kerkje.

Uiteindelijk hebben we zo’n 56 kilometer gefietst waarvan zeker 46 km met wind tegen. Hoe kan dat?

Een fietstochtje

Gisteren was het mooi weer, hoog tijd voor weer eens een fietstochtje. Een flesje water voor de dorst mee, een appeltje voor de dorst mee en me ingesmeerd met zonnebrandspul, wat altijd een vakantiegevoel geeft.

Nu verwacht u natuurlijk hier een uitgebreid verslag met allerlei schitterende natuurfoto’s, maar ik had alleen mijn mobieltje en geen fototoestel bij me en u zult het dus met de onderstaande sfeerrapportage moeten doen. Bedenk daarbij dat de zon de hele tijd op mijn schermpje scheen en ik dus niet veel zag. Ik drukte dus vooral op goed geluk af. Mocht u het idee hebben dat de horizon soms niet altijd recht staat, bedenk dan dat de aarde rond is. Dit allemaal gezegd hebbende, zie hier mijn fotorapportage.

Uit de serie: Bomen die er wel eens beter uitgezien hebben: een boom die er wel eens beter heeft uitgezien.

0000000000000 00 boom1

Uit de serie bomen die net wat hoger zijn dan andere bomen: een boom die net wat hoger is dan andere bomen.

0000000000000 00 boom2

Uit de serie bomen die hergebruikt worden: een boom met een nest er op.

0000000000000 00 boom3

Uit de serie waar kan je een lantaarnpaal ook nog voor gebruiken: een lantaarnpaal als zitplaats voor vier vogels.

0000000000000 00 vogel

Even eerder kwam ik overigens langs een vogelhut bij een waterplas bij Leidschendam. Een vogelhut is geen hut voor vogels maar een hut waar mensen vogels e.d. kunnen bestuderen die bij de plas zitten. Er zaten twee mensen in de hut die over de plas tuurden. Het grappige was dat boven op de hut – dat konden de mensen in de hut niet zien – een aantal vogels zaten. Misschien waren dat wel juist de vogels waar de vogelaars naar op zoek waren.

Na een tijdje had ik behoefte aan een pauze om mijn appeltje voor de dorst te eten. Midden tussen de weilanden liep een fietspad met halverwege een schaduwrijk plekje waar een bankje en twee picknicktafels stonden.

0000000000000 00 fiets

Ik stuurde via de familie-WhatsApp het volgende korte gedicht:

Denkend aan Holland / zie ik een bankje staan /  waar een vermoeide fietser / zo op plaats gaat nemen / Zijn fietst / staat al op de standaard.

Het gedicht was aan de familie niet besteed. Terwijl ik mijn appeltje zat op te eten, kwam er een oude vrouw in een rolstoel aan rijden, even later gevolgd door een wat ouder echtpaar op elektrische fietsen, die direct allemaal een gezellige praatje begonnen.  Dit is mijn voorland dacht ik. Opeens realiseerde ik me dat dit niet mijn voorland was maar al mijn huidige land. Ik at mijn appeltje op en vervolgde mijn weg.

Uit de serie: legale graffiti-fietstunneltjes: het tunneltje waar men zich aan de regels houdt.

0000000000000 00 grafittitunnel

De graffiti-kunstenaars hielden zich keurig aan het gebod ‘Hier geen graffiti’. Ik vermoed dat ze vroeger ook altijd binnen de lijntjes kleurden.

Uit de serie gebodsborden voor padden: het oversteekbord.

0000000000000 00 padden

U moet voor de gein eens een keer even voor zeven uur komen. Dan staan er honderden padden te wachten totdat ze mogen oversteken.

Uit de serie: industrieel verval: de gesloten fabriek met een olifantslurf.

0000000000000 00 fabrek 0000000000000 00 fabrek2

Op de terugweg naar huis had ik geen water meer voor de dorst, ook geen appeltje meer voor de dorst, maar nog wel dorst. Verkeerde planning dus. Bezweet bereikte ik uiteindelijk huis. Thuis dronk ik direct twee bekers karnemelk achter elkaar op. Merkwaardigerwijze drink ik dat alleen maar als het warm is.

Tot zover mijn fietstochtje.

Drie sportevenementen

Dit weekend waren er drie grote sportgebeurtenissen. In Moskou was er de finale van het WK voetbal. In Wimbledon waren er de tennisfinales en in Scheveningen werd er op het strand een  beachvolleybal toernooi gehouden. Bij dit laatste toernooi deed onze jongste dochter mee.

De dochter vroeg ons of we kwamen kijken. ‘s Morgens – ze speelde toen volgens een WhatsApp berichtje op veld 44 – haalden we het niet om op tijd te komen om haar te kunnen zien spelen en zonder onze steun verloor ze  drie van de vier wedstrijden, waardoor ze ‘s middags, afgezakt naar veld 57, in een  verliezers-poule mocht spelen. Dankzij onze steun ging dit beter en wonnen ze twee van de drie wedstrijden.

0000000000000 0 volleyball

Op een gegeven moment moest ze tegen een team waar zo te zien iemand uit het Nederlands beachvolleybalteam in zat, althans hij droeg een oranje Nederlands beachvolleybalteamshirt. Gezien zijn spel had ik wat twijfels of hij daadwerkelijk in het Nederlands team zat, maar zijn enthousiasme maakte veel goed.

Er was nog iets opvallends. Hij was ongelooflijk sportief. Op een gegeven moment sloeg één van zijn tegenstanders een mooie bal in de hoek. Terwijl hij nog een wanhopige poging deed om de bal met een duik  te halen, riep hij al, terwijl hij nog in de lucht zweefde,  “Mooie bal!”. Ook bij veel andere ballen complimenteerde hij steeds de tegenstander. Kijk, dat was nog eens een sportieve  speler.

Ook de twee toeschouwers van de wedstrijd – het was niet uitverkocht – konden zijn enthousiasme waarderen.

 

Toen we nog wereldkampioen waren

Vandaag is de finale van het WK voetbal. Daarom uit de serie ‘Toen we nog wereldkampioen waren’:

Wereldkampioen dameskapper Georges Forst in Krasnapolski; 11 september 1950; fotograaf: Jac. De Nijs

0000000000000 kappen

Heer Klijzing te Purmerend, wereldkampioen pijproken; 21 januari 1952; fotograaf Harry Pot

0000000000000 pijp

Wereldkampioen ploegen Wim de Lint uit Zevenbergsehoek; aankomst op Schiphol; 28 september 1957; fotograaf Wim de Lint

0000000000000 ploegen 2

Maurice Nuisker, wereldkampioen accordeonspelen, voor de Magere Brug in Amsterdam; 24 oktober 1961; fotograaf Jac de Nijs

0000000000000 arcordeaon

 

cirkels

Nog even terug komen op het blog van gisteren over pijlen in Amerika die vanuit de lucht zichtbaar zijn. Je hebt in Amerika ook grote cirkels die je van uit de lucht kan zien liggen. Zie bijvoorbeeld deze cirkels waar Marianne mij op wees. Ze liggen vlakbij Boise, Idaho.

0000000000000 rondjes

Wat zien we hier?

  • Boeren die een  groot bordspel in de natuur spelen?
  • Een door aliens achtergelaten boodschap?
  • Moderne kunst?
  • Moderne landbouw versus oude landbouw?

Het laatste antwoord is goed. De cirkels zijn het gevolg van het het gebruik van moderne irrigatietechnieken. Het water wordt over het droge land geïrrigeerd, veelal door een machine die het water in een rondje spuit. De boeren zaaien hun aanplant daarom dan ook in een rondje. Je kan ook zien waar in eerdere jaren iets stond en dit jaar niks.

En tot slot, aan de rechthoeken (waar de cirkels in staan) kan je zien hoe vroeger, voor de moderne irrigatietechniek,  het land in stukken werd verdeeld om het te bewerken.

En de boer, hij ploegde voort.

 

 

De voorloper van GPS

Niet zover van Boise, een stad in Idaho USA, kan je langs de I84 vanuit de lucht deze oranje pijl zien.

0000000000000 pijlAfbeelding Google Earth; coördinaten: 43°21’56.9″N 115°57’24.3″W

 Misschien vraagt u zich af: “Wat is dat voor een pijl?” Het antwoord luidt: dit is een soort prehistorisch GPS-systeem, bedoeld voor piloten van de US-Airmail. Tussen 1926 en 1931 werden, over heel Amerika verspreid, honderden soortgelijke gele pijlen aangebracht. Ze waren bedoeld om piloten, vooral ’s nachts, de weg te wijzen. Zo ongeveer om de 25 mijl waren deze pijlen vanuit de lucht te zien. Ze dienden als bakens en elk pijl wees de piloot in de richting van het volgende baken. Naast de pijlen, ze waren oorspronkelijk geel geschilderd, stond een lichttoren die de pijlen verlichtte.

De opkomst van satellieten en GPS zorgden er in de jaren zeventig van de vorige eeuw voor dat de pijlen niet langer nodig waren om piloten ‘s nachts de weg te wijzen en het systeem werd niet langer meer onderhouden. De torens en hun verlichting verdwenen veelal en de verf bladerde van de pijlen af. Sommige pijlen, zoals bovenstaande, werden oranje geschilderd.

Ik las over deze pijlen in een interessant artikel op CNN, dat ging over het echtpaar Brian en Charlotte Smith. Brian (70 jaar oud momenteel) en Charlotte (67 jaar) lazen een keer over de pijlen, raakten geïnteresseerd in het fenomeen en besloten zoveel mogelijk van de nog resterende pijlen op te sporen en er foto’s van te nemen. De foto’s werden bij voorkeur genomen met een drone. Het echtpaar heeft inmiddels 121 pijlen terug gevonden. De foto’s daarvan hebben ze op hun website dreamsmithphotos.com geplaatst.

0000000000000 pijl2

Daarnaast hebben ze op hun website ook allerlei informatie en historische bronnen over de pijlen opgenomen. Zie hierbij voorbeeld een kaart voor piloten uit 1927 waar de locatie van een deel van de pijlen op de route van New York naar  Boston staat aangeven.

0000000000000 route boston

Het echtpaar hoopt nog zoveel mogelijk (restanten van) pijlen te ontdekken voordat ze helemaal verdwijnen. Die toewijding van het echtpaar is ontroerend. “When we started our arrow quest in the summer of 2013 we did not realize the adventure and impact it would have on our lives. We have met many wonderful people along the way and realize how remarkable America and the pursuit of history can be. It is remarkable that these dusty broken hunks of concrete in isolated locations can bring out a passion in us and the people we encounter.”

En wat helemaal schattig is, is deze waarschuwing op hun site: “This site provides historical information only, do not use for navigation purposes.“  Opdat u het maar weet.

Wilt u meer informatie over dit historisch “GPS-systeem” bezoek dan hun site.

 

Koninklijke zeepkisten

In 2012, het jaar waar Willem-Alexander tijdens Koninginnedag liet zien dat hij een bekwaam wc-pottengooier was, nam prinses Máxima (samen met prinses Annette, de echtgenote van prins Bernhard – niet van de oude maar van de jonge prins Bernhard) plaats in een zeepkist. Haar echtgenoot keek lachend toe.

0000000000000 zk0

Voor de fotografen was het maar goed dat Willem-Alexander die dag niet zelf plaats nam in het autootje, want de laatste keer dat hij werd gefotografeerd tijden het rijden in een trapauto c.q. een zeepkist  – dat was in 1976 tijdens een bezoek aan de toenmalige verkeerstuin in Assen – reed hij als negenjarig brutaaltje bewust op een groep fotografen in. Het kostte één fotograaf zijn toestel. (Voor het verhaal over dat gebeuren en een foto van Willem-Alexander in het trapautootje, zie hier dit stuk uit de Volkskrant.)

Het rijden in een trapauto c.q. zeepkist  – het verschil is dat een zeepkist meestal geen trapmechanisme heeft maar dat je er van een helling af moet rijden dan wel getrokken moet worden om vaart te krijgen – is iets dat al heel lang in de koninklijke familie zit. Oma Juliana kwam tijdens werkbezoeken zelfs regelmatig in een trapauto aanrijden.

0000000000000 zk2Zie haar hier met de AA-00-13.

En ook haar dochters reden regelmatig in een trapauto. Zie bijvoorbeeld deze foto’s op de site van het Nationaal Archief (in verband met copyrights kan ik de foto’s niet hier plaatsen).

De reden dat ik over koninklijke trapauto’s schrijf is dit autootje wat wij onlangs in de stallen van het paleis het Loo in Apeldoorn zagen staan.

0000000000000 zk3

Volgens het bijbehorende informatiebordje zou Prins Claus dit wagentje hoogst persoonlijk voor zijn kinderen in elkaar hebben geknutseld. Als je goed naar het stuur kijkt, dan zie je daar een schattig detail. Prins Claus heeft daar voor de jongens een foto van hun moeder geplakt. “Denk aan mij…”

0000000000000 zk4

De foto is niet helemaal scherp – dat is een understatement – maar op het stuur staat dus een afbeelding van Beatrix geplakt.

Even rondkijkend op het internet zijn er nog wel meer foto’s van koninklijke trapauto’s en zeepkisten te zien. Zie hier bij voorbeeld de dochters van de Noorse koning Olav V in 1934 in zo’n autootje.

0000000000000 zk1

Wij hadden vroeger thuis ook een zeepkist. (De reden dat die autootjes zeepkisten worden genoemd is dat ze vroeger vooral van grootverpakkingen van zeep werden gemaakt.) Alleen hadden wij niet zo’n mooie als de koninklijke kinderen. De onze was gemaakt van een onderstel van een oude kinderwagen met daar bovenop een soort kist van plankjes. Je moest aan een touw trekken om er mee te kunnen rijden.

Een foto van onze zeepkist heb ik helaas niet meer, wel van het onderstel toen dat nog diende als onderdeel van onze kinderwagen.

0000000000000 zk5

Zie mijn broertjes naast en ik in de kinderwagen. De wielen van deze kinderwagen functioneerden later als de wielen van onze zeepkist. Veel met de zeepkist hebben we niet gereden. We hadden meestal ruzie wie moest trekken en wie er in mocht zitten.

Een trotse pauw

Op het terras van de Prins Hendrik garage – dat is geen garage maar een  grand café  gelegen bij de hoofdingang van het Paleis het Loo in Apeldoorn tegenover het stallencomplex  – loopt een trotse pauw rond. Regelmatig zet hij zijn verenpracht uit om indruk te maken op een vrouwtje dat even verderop loopt.

000000000000 0p2

000000000000 0p

“Weest geen pauw in uw gewaad, geen papegaai in uwen praat, geen ooievaar wanneer gij eet en geen gans als gij daar henen treedt.”

De voorkant van deze dieren is algemeen bekend, maar heeft u zich wel eens afgevraagd hoe zo’n beest er van achteren uit ziet? Marianne wel en zij nam daarom deze foto’s.

000000000000 0p4

000000000000 0p3

Zo ziet een trotse pauw er dus van achter uit.

Tot slot van deze biologieles, weet u waarom bij veel vogels de mannetjes er veel mooier en opvallender uit zien dan de vrouwtjes? Niet alleen omdat de mannetjes de vrouwtjes moeten versieren (indruk op moeten maken), maar ook omdat het de vrouwtjes zijn die de eieren uitbroeien en dan is het handig in verband met roofvogels dat ze niet al te veel opvallen.

 

 

 

 

My WordPress Blog