Telemix 512

Gisteren was bij het tv-programma Op1 Diederik Jekel te gast. Hij kwam vertellen over Chriet Titualaer.

op1

Hij had een apparaat meegenomen dat Chriet Titualaer in één van zijn uitzendingen (de ‘Wonderlijke Wereld’) ooit eens had gedemonstreerd: de Telemix 300, een geïntegreerde spraak-data-terminal door PTT in 1984 op de markt gezet. Het apparaat bestond uit twee gescheiden delen: een telefoon voor twee lijnen en een terminal  bedoeld voor aansluiting op een mainframe-computer.

1 telmix

Ik herkende het apparaat.  In mijn begintijd bij KPN – ik kwam in 1985 in dienst bij wat toen de PTT heette – heb ik zitten rekenen aan de integrale kostprijs van de opvolger van de Telemix 300:  de Telemix 512. In tegenstelling tot de Telemix 300 (geen commercieel succes) die was ontwikkeld door Northern Telecom besloot de PTT om zelf  een betere opvolger te ontwikkelen: de Telemix 512. Het werd gedaan door het toenmalige  Neherlaboratorium , een onderzoekslaboratorium van de PTT in Leidschendam. Ook waren er externe industriële ontwerpers bij de ontwikkeling betrokken.

1 neherHet Dr. Neher Laboratorium in Leidschendam; foto  Thea van der Heuvel;  Gefotografeerd voor Monumenten van Herrezen Nederland

De marketingafdeling en mijn afdeling (een afdeling die zich bij PTT Telecom bezig hield met allerlei kosten- en tarieven onderzoeken) werden er ook bij betrokken.  Bert B, een jongeman van de marketingafdeling, en ik twijfelden ernstig over de kansen van het product. We hadden er een zwaar hoofd in. Het ontwerpproces duurde en duurde maar. Uiteindelijk zou het liefst twee jaar duren voordat de Telemix 512 klaar was om in de markt gezet te worden.

Mijn integrale kostprijsberekening leverde een kostprijs op van zo’n 5000 toenmalige guldens en dat was veel hoger dan de prijs die we volgens de marketingafdeling op dat moment nog konden vragen. Door de lange ontwikkelingsduur waren de marktomstandigheden compleet veranderd. Er waren inmiddels pc’s op de markt gekomen die niet alleen veel meer konden maar ook veel goedkoper waren. Ik geloof dat we het nog een tijdje geprobeerd hebben om de Telemix 512 voor 2500 gulden te verkopen, maar ook dat lukte nauwelijks.

De definitieve genadeklap voor de Telemix 512 werd gegeven door Wim Dik. Deze was in 1988 door de toenmalige minister Neelie Smit-Kroes benoemd als de nieuwe hoogste baas van de PTT om de verzelfstandiging van het Staatsbedrijf der PTT ter hand te nemen. Een tv-programma maakte een rapportage over de nieuwe hoogste baas. Op zijn bureau stond een Telemix 512. Dik wees er vol trots op en zei dat het een stukje eigen ontwikkeling van de PTT was. De verslaggever vroeg daarop of Dik het apparaat wilde demonstreren, waarop Dik bekende dat hij niet wist hoe het apparaat werkte en wat je er precies mee kon doen.

De volgende dag belde Bert B.  me op. Zullen we nu maar adviseren om met de Telemix 512 te stoppen.  Leek me een goed voorstel.

 

De boekenclub in Uithuizen

In 1980 speelde Toon Hermans in zijn onemanshow de voorzitter van de vereniging ‘Ons Genoegen’,  die aankondigt dat de vereniging ‘Ons Genoegen’ is uitgebreid met een enkele nieuwe leden. Vervolgens leest Toon Hermans de hele lijst een aantal keer voor. “Mevrouw Peper, mevrouw  Zwaarmakers, juffrouw van der Stang, mevrouw Perenboom, mevrouw Stofregen, mevrouw Opdebeeke, mevrouw Deegroller, mevrouw Stip, mevrouw Hak, mevrouw Loofhutjes, mevrouw Kistenmaker en mevrouw Schroothamer.”.

voorzitter(Op de afbeelding klikken om het filmpje op YouTune te zien.)

toon hermansToon Hermans in 1980; foto  Koen Suyk, Nationaal Archief.

Aan deze sketch moest ik denken toen ik in twee van de boeken van Jan de Hartog – zie de vorige blogpost – een lijstje zag zitten met namen van dames van een leesclubje  in Uithuizen. Zie hier de namen van het lijstje uit 1965:

Mevr.Jeltsema, mevr. Immenga, mevr, Meinardie, mevr. Witkop, mevr. Schillhorn, mevr. Spieker – mijn schoonmoeder – , mevr. Klaassen, mevr. Kiel, mevr. Jansen, mevr. Eelsing,  mevr. Moorslag, mevr. Meijborg, mevr. Westerdijk, mevr. van Ess, mevr. Klema, mej. Ritzema en mevr. Wolthuis.

leesclubje

Ze hadden allemaal een boek ingebracht. Om de drie weken werden de boeken doorgegeven. De eerste keer zou  op 16 oktober 1965 zijn en op 17 september 1966 had ieder dan weer zijn eigen boek terug. Ook in een ander boek van Jan de Harog zat zo’n lijstje, dat betrof het leesclubje van het jaar 1961-1962. Hoe schattig zulke leesclubjes.

 

Jan de Hartog signeert.

Jan de Hartog, geboren in 1914 en overleden in 2002, was een Nederlandse schrijver. Na zijn vlucht tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Engeland in 1943 woonde en werkte hij het grootste gedeelte van zijn leven in Amerika.  Van zijn boeken  – hij schreef ze na de Tweede Wereldoorlog altijd eerst in het  Engels – zijn miljoenen exemplaren verkocht. Zijn bekendste boek is ‘Hollands Glorie’. Zie hieronder Jan de Hartog in 1984 en een kaft van Hollands Glorie van een editie uit 1942.

jan de hartog hollands glorie

Tot zijn vele fans behoorde ook mijn in 2008 overleden schoonvader Arie Jan Spieker. Althans, dat neem ik aan gezien het stapeltje boeken dat ik bij het opruimen op zolder aantrof.

In 1989 bezocht Jan de Hartog Harlingen, de woonplaats van mijn schoonouders, waar hij in de bibliotheek een lezing zou geven, georganiseerd door de plaatselijke boekhandel.

hartog lezing 1

Na afloop van de lezing was de wereldberoemde auteur bereid om vragen te beantwoorden en boeken te signeren.

hartog lezing 2

Uiteraard ging mijn schoonvader – ik vermoed dat mijn schoonmoeder (zij overleed in 2009)  ook mee was – naar dit buitenkansje om zijn favoriete auteur te ontmoeten.  Na afloop van de lezing meldde mijn schoonvader zich bij het tafeltje van Jan de Hartog om een boek te laten signeren.  Helaas voor de organiserende boekhandel was dit een exemplaar dat hij van huis had meegenomen.

Voor A.J. Spieker, met de beste wensen’ schreef de auteur er in, samen met zijn handtekening en de datum 7-8-89. Blijkbaar wilde mijn schoonvader de auteur niet vermoeien met het voluit laten schrijven van zijn naam en gaf hij alleen zijn voorletters door.

hartog 1

Hij was echter nog niet van mijn schoonvader af, want deze haalde uit vermoedelijk een boodschappentas  nog een boek ter signering. Deze keer schreef de auteur er in: ‘Voor A. J. Spieker’, gevolgd door zijn handtekening en de opmerking (de enige echte).

Gezien deze opmerking, vermoed ik dat mijn schoonvader of mijn schoonmoeder vlak hiervoor de opmerking heeft gemaakt dat het toch wel heel bijzonder was dat ze hier in Harlingen de beroemde Jan de Hartog uit het verre Amerika konden ontmoeten.

hartog 2

Mocht Jan de Hartog nu denken dat hij klaar was met mijn schoonouders, dan vergiste hij zich. Daar kwam het derde boek uit de tas. ‘Voor A.J. Spieker‘ gevolgd door zijn handtekening en de datum schreef  Jan de Hartog deze keer.

hartog 3

Ik kan me voorstellen dat de rij achter mijn schoonouders  wat onrustig werd toen mijn schoonvader een vierde boek uit de tas haalde. Drie jaar eerder had Jan de Hartog een prijs gekregen en een krantenberichtje daarover had mijn schoonvader in het boek geplakt.

Deze keer had de auteur geen zin meer om ook ‘voor A.J. Spieker’ te schrijven en beperkte hij zich tot alleen zijn handtekening en de datum.

hartog 4

Groot moet de ontzetting van de auteur, de boekhandelaar en de rij zijn geweest toen er nog een vijfde boek uit de tas kwam, maar gezien de signering, waar een duidelijke opluchting uit blijkt, zal mijn schoonvader of schoonmoeder verteld hebben dat dit toch echt het laatste boek was: “Verzamelaarsters! In dankbaarheid’ schreef Jan de Hartog.

hartog 5

Ik kan niet anders dan constateren dat Jan de Hartog een geduldig iemand was en mijn schoonvader een groot fan. En oh ja, Jan de Hartog heeft zo’n veertig boeken geschreven. Geen idee hoeveel boeken van hem mijn schoonvader had, maar het zou best wel eens kunnen zijn dat Jan de Hartog die avond goed is weggekomen. Het had veel erger kunnen zijn.

 

 

De eerste 15 jaar van twee sequoia’s

Elk jaar publiceer ik op YouTube een filmpje met foto’s van de ontwikkeling van twee sequoia gigantea boompjes, waarvan ik de zaadjes in 2007 in de grond heb gestopt. We zijn inmiddels toe aan het achtste filmpje. De boompjes zijn nu vijftien jaar oud. Zie hier hoe ze er thans bij staan (en hun geschiedenis).

sequoia filmpje

Op de afbeelding klikken om naar het filmpje op YouTube te gaan.

Wereldwijd heb ik momenteel zelfs 537 abonnees die jaarlijks vol smacht wachten totdat er weer een filmpje online verschijnt. Ze zijn er blij mee. Om een snelle  reactie te citeren op het jaarlijkse filmpje dat ik vanochtend heb geplaatst: “When the world needed him most he returned.”

Dus klik op het plaatje om de bomen te zien groeien en weet u bent niet de enige die naar zoiets zit te kijken. Bij elkaar hebben de filmpjes samen tot nu toe zo’n 300.000 ‘views’ gekregen.

Een mooie schelp

Vindt u dit een mooie schelp?

5 schelp

De meeste mensen wel. Toen deze foto – genomen  door ene Chris 73; zo noemen mensen op de Wikipedia zich soms – in 2005 op de Wikipedia werd geplaatst, werd hij direct genomineerd als één van de mooiste foto’s van het jaar.

Hebt u enig idee waarom mensen dit een mooie foto vinden? Waarschijnlijk komt het door de steeds kleiner wordende krommingen. Als u het zou gaan nameten, dan ziet u op een gegeven moment een verhouding tussen de elkaar opvolgende krommingen van 1,6 staat tot 1.

Dat is niet zo maar een verhouding, dat is de zogenaamde Gulden Snede verhouding. Mensen schijnen dat een prettige verhouding te vinden. Kunstenaars maken van dat gegeven wel eens gebruik. Kijkt u maar eens naar dit schilderij van de ‘Geboorte van Venus’,  een schilderij van de Italiaanse kunstschilder Sandro Botticelli.

5 pingala botticeli

In dit geval zit de gulden snede verhouding niet in de schelp, maar in de lengte-breedte verhouding van  het schilderij. Nu is de gulden snede verhouding van een voorwerp geen voldoende voorwaarde dat mensen iets mooi vinden. Ik kan ook wel iets maken met allerlei gulden snede verhoudingen er in, maar dat wil nog direct een echt kunstwerkje opleveren. Zie hier bij voorbeeld mijn heel snel in elkaar gezette blauwe rechthoeken, allemaal rechthoeken met een gulden snede verhouding.

gulden snede

Nu zult u zich misschien afvragen, waarom schrijf je over de gulden snede verhoudingen, maar dat komt omdat in mijn serie over de mensen achter de computer ik het (geheel herziene) portret over de Indiaanse taalkundige Pingale weer op de site heb geplaatst. Wat deze taalkundige – hij leefde 2200 jaar geleden – met computers en de gulden snede te maken heeft, dan kan u hier terug lezen.

p.s. In de natuur zie je heel vaak de gulden snede verhouding terug komen. Niet alleen in schelpen maar bijvoorbeeld ook in bloemkolen (kijkt u maar eens naar de verhoudingen van de bloemkoolroosjes.) Dus als u iemand in de supermarkt heel verrukt naar een bloemkool ziet staren, dan weet u hoe dat komt.

bloemkool

Over een hoop zand, de CIA en Archimedes

U vraagt zich misschien af waar de titel van deze blogpost op slaat. Dat zal ik u uitleggen. We beginnen met het zand.

6 sahara

U ziet hier de Sahara. Dat is de grootste zandwoestijn op Aarde. Dan de CIA: de foto is afkomstig van de CIA, ‘the Central Intelligence Agency ‘. Tot slot Archimedes: de foto komt voor in mijn geheel herziene verhaal over hem. en voila, daar heeft u het: zand, de CIA en Archimedes

Nu zult u zich misschien afvragen, wat heeft de CIA te maken met Archimedes. Ze zullen hem 2300 jaar geleden toch niet gevolgd hebben?  Dat klopt. De foto staat in mijn verhaal over Archimedes omdat hij een keer het zandgetal heeft willen berekenen, zijnde het aantal zandkorrels nodig om het hele heelal te vullen. Weliswaar een volkomen nutteloze exercitie, maar wel eentje die mij aanspreekt.

De foto van de woestijn is afkomstig van de CIA en staat in hun 2011 rapport ‘The World Factbook – Algeria; 2011‘, een rapport over Algerije. Ik heb geen flauw idee wat die foto in dat rapport doet, Wel weet ik wat die foto in mijn verhaal doet, hij dient als een  illustratie van verschrikkelijk veel zandkorreltjes.

Wilt u het fijne daarvan weten, dan kunt u het verhaal over Archimedes hier terug lezen.

Weer wat mensen achter de computer.

Er zitten weer wat mensen achter de computer. Zie ze hier bezig.

abacus klas

Oké, dit zijn ze niet echt.

Wat ik wilde zeggen is dat ik weer twee, geheel vernieuwde, verhalen uit de serie ‘de mensen achter de computer’ heb terug gezet op mijn site. Het eerste verhaal gaat over degene die de abacus heeft bedacht. Uit dat verhaal is bovenstaande afbeelding afkomstig.

Uit het andere verhaal is deze foto afkomstig. Enig idee wie dit is?

5 eisnetin 14

Deze foto komt uit het verhaal over Euclides, een oude Griek die zo’n 2300 jaar geleden leefde. U ziet hier uiteraard niet Euclides, maar een jonge Albert Einstein. Hij is hier 14 jaar oud op de foto.

Het verhaal over de abacus kunt u hier teruglezen,

Het verhaal over Euclides hier.

Alleen onder toezicht

Mijn vrouw (64) was wat verkouden, dus voor de zekerheid deed ze een coronatest die we gratis van de overheid hadden gekregen. Gelukkig testte ze negatief. Trots kan ik melden dat ze de test op haar leeftijd helemaal zelfstandig deed. 😉

00000 trapDe trap des ouderdoms: “Van de wieg tot aan t graf legt den mensch dees loopbaan af’. Daarboven een opschrift met de tekst ‘O mensch wil merken De tyd heeft vlerken.’ Vervaardigingsjaar, ergens tussen 1856 en1900; bron Koninklijke Bibliotheek.

Over zes jaar mag ze test volgens de gebruikershandleiding echter niet meer zelfstandig doen, want volgens de handleiding moet ze de test  dan doen onder toezicht van een volwassene.  Zie hier:

00000 test 2

Doet me een beetje denken aan die lollig bedoelde toegangsbordjes die je  wel eens ziet met de tekst: “Personen boven de tachtig jaar hebben gratis toegang (*).

Dat (*) staat dan voor de kleine lettertjes: ‘Mits vergezeld van hun ouders.’

Maar goed, dat geldt niet hier. Iedereen, ongeacht hoe oud hij of zij is, mag hier zonder begeleiding lezen. Ik geef wel een waarschuwing als het niet voor jeugdige lezertjes geschikt is.

Een tellende kraai

Kent u het het fraaie ‘urban legend’ verhaal van de tellende kraai? Hij gaat als volgt.

Er was eens een Amerikaanse boer die last had van een kraai die op zijn graanzolder nestelde. De boer wou de kraai daar weg hebben, maar als de boer de ladder naar de hooizolder op klom om hem te vangen, dan vloog de kraai weg en ging hij buiten in een boom zitten wachten totdat de boer weer de ladder afdaalde. Op een dag had de boer een plan bedacht. Hij ging samen met een knecht de hooizolder op. Hij ging daarna weer met de trap omlaag maar liet de knecht op de hooizolder achter. De kraai bleef echter in de boom zitten wachten totdat ook de knecht de ladder was afgedaald.

De volgende dag probeerde de boer het met twee knechten – hijzelf en één van de knechten daalde met hem af; de andere bleef zitten –maar ook dat hielp niet. Pas toen ze alle drie weer beneden waren vloog de kraai weer naar de hooizolder. Idem dito toen de boer het daarna met drie en vier knechten probeerde – het was een komen en gaan van knechten. Pas toen de boer met vijf knechten de zolder opging, raakte de kraai de tel kwijt. Toen de boer en vier knechten waren afgedaald, vloog de kraai terug naar de hooizolder en kon de vijfde knecht het beest pakken. De kraai kon blijkbaar niet verder dan vijf tellen.

kraai

Een tellende kraai

Dit verhaal komt voor in mijn serie over de mensen achter de computer. Wat die kraai daarin doet, kunt u hier nalezen. Weer een herziene aflevering. “NIEUWE FORMULE!’

20.000 jaar voor Christus

De titel van deze blogpost klinkt als een historische film met Raquel Welch, maar die film ging wat verder terug in de tijd, namelijk naar 1 miljoen jaar voor Christus.

00 racquel welch

Klik op de afbeelding om de trailer van deze film uit 1966 op YouTube te zien. (Based on a true story, nou ja misschien niet.)

Die ‘20.000 voor Christus’ slaat op het jaar dat er ergens in Afrika iemand rondliep die streepjes in bavianenbotjes kraste. Deze botjes worden vrij algemeen gezien als het eerste rekenhulpmiddel van de mens. (De in 2014 overleden Hugo Brandt Corstius zei ooit eens: “Eén ding zal de computer nooit kunnen: van de apen afstammen.” Dat had hij dus fout gezien.)

1 botje vier zijden

De vier zijden van één van de botjes.  Ze komen uiteraard voor in mijn verhalenbundel over de mensen achter de computer.  Zie hier de vandaag geplaatste nieuwste bijdrage, namelijk het algemene overzicht van de periode 20.000 jaar voor Christus tot het jaar 1.

Ik kan me overigens voorstellen dat u misschien liever naar Raquel Welch in bikini kijkt dan naar de botjes. Iemand die dat in ieder geval deed was Andy Dusfrene (gespeeld door Tim Robbins) in de film Shawshank Redemption uit 1994. Hij bedekte het gat dat hij in de muur van zijn cel in de gevangenis aan het hakken was met een poster van eerst Rita Hayworth, daarna Marilyn Monroe en ten slotte met een poster van Raquel Welch (met een foto afkomstig uit de film ‘One Million Years B.C’).

Leuk detail, in de film ontsnapt Andy Dusfrene in 1966. De film ‘One Million Years B.C’, werd weliswaar in1966 opgenomen maar kwam  pas in 1967 uit en de poster met Raquel Welch er op dateert (hoogstwaarschijnlijk) ook uit dat jaar, een jaar nadat Andy Dusfrene ontsnapte. Dat kunnen we dus wel als een filmfoutje betitelen.

 

Positief en negatief schrijversnieuws

De goede lezers zal het misschien zijn opgevallen dat ik hier een paar maanden weg ben geweest. Komt omdat ik druk doende was met schrijversactiviteiten. Laten we beginnen met het positieve schrijversnieuws.  Ik sta weer met “een verhaal” in Hard Gras, in nummer 141 deze keer dat begin december is verschenen. Nou ja, verhaal, eigenlijk is het een soort fotorapportage.

00 hard gras 141

Ik heb namelijk op de site van het Nationaal Archief gezocht naar de meest  interessante foto’s van voetballers op Schiphol (en soms daarbuiten) en heb bij elk van die foto’s een korte toelichting geschreven. Een voorbeeld van zo’n foto genomen op Schiphol:

00 cruijff2

Ik neem aan dat ik niet hoef te zeggen wiens gezin hier in 1977 op Schiphol rondloopt. Nog een voorbeeldje, deze keer van een foto genomen in Groningen in 1959.

00 pele

We zien hier hoe op 3 juni 1959 de achttienjarige Pelé een spelletje kaart speelt in een hotel in Groningen. De plaatselijke jeugd staat met hun neuzen tegen het raam gedrukt om er maar niets van te missen.

Dat het kaft van Hard Gras gebaseerd is op mijn verhaal, maakt het natuurlijk extra leuk.  Eerder was dat ook het geval bij een verhaal van mij in Hard Gras nr. 87, dit verhaal verscheen in december 2012 over de strafzaak Johan Cruijff (hij was in november 1966, als eerste Nederlands international ooit, het veld uit gestuurd) en  ook het kaft van Hard Gras nr. 116,  verschenen in oktober 2017, was gebaseerd op een verhaal van mij (over een vrij onbekende voetballer die op de hoes van de Sergeant Pepper elpee van de Beatles stond.)

Hard Gras    hard gras 116

Er is nu in totaal elf keer een verhaal van mij in Hard Gras, een literair voetbaltijdschrift van Henk Spaan, Matthijs van Nieuwkerk en Hugo Borst, opgenomen: twee keer als lezerspost en negen keer als “medewerkersverhaal”.

Maar nu het minder goede schrijversnieuws, wellicht was het u opgevallen dat de verhalen van mijn serie over de mensen achter de computer van mijn site waren verdwenen. Dat had twee redenen. De eerste reden was dat ik ze wilde herschrijven. Ze moesten wat anders vond ik, wat minder “wetenschappelijk”, wat meer human interest-achtig. De tweede reden was dat het mij een goed idee leek om  de nog ontbrekende verhalen eindelijk ook eens te schrijven en dan van al die verhalen samen een mooi boek te maken. Ik stuurde mijn uitgeverij, waarvan ik niet zal zeggen welke dat is, omdat het Atlas-Contact is, een voorstel hiertoe.

Die uitgever van mij, die boft maar met mij, dacht ik nog,  maar ik echter niet met hen, want na drie maanden kreeg ik dit mailtje terug van Atlas: ” Eindelijk een antwoord, maar geen positief antwoord ben ik bang. We hebben naar je manuscript gekeken, en hoewel we de insteek leuk vinden, hebben we toch het gevoel dat het commercieel voor ons helaas niet haalbaar is“.

Wat? Niet commercieel haalbaar? Wat is dat voor een onzin. Sinds wanneer is dat een reden om wel of niet een boek uit te geven. Maar enfin,  voor u is dit eigenlijk allemaal goed nieuws, want ik heb besloten om de herschreven stukken en al die nieuw geschreven stukken op mijn site te zetten, waar u ze dus gratis en voor niets – oké, dat is dubbelop – kan lezen. Vraag niet hoe het kan, maar profiteer er van.

De komende tijd zal ik ze er op zetten. De eerste twee staan er inmiddels al.

  • Voor de algemene toelichting: zie hier.
  • Voor de Inleiding: zie hier

 

 

My WordPress Blog