Max Verstappen en de oudste mens ter wereld

Met de mededeling dat Max Verstappen de Grand Prix van Spanje heeft gewonnen, heb ik waarschijnlijk geen primeur. Ok, hij had wel wat geluk. Zo waren bijvoorbeeld de twee Mercedesrijders zo vriendelijk om elkaar in de eerste ronde van de weg af te rijden. Cruijff zou zeggen: “Je wint de Grand Prix niet in de eerste ronde maar je kan hem er wel verliezen”. Maar het was een mooie prestatie van Max. Zo hield hij heel knap de Ferrari van Raikonen achter zich. Deze was met 36 jaar twee keer zo oud als Max en had nog tegen zijn vader Jos gereden.

Formule 1 racen is vooral een kwestie van wie de snelste auto heeft en dat hangt weer af van het budget van het team. Zo beschikten vorig jaar de topteams van Red Bull, Mercedes en Ferrari elk over een budget van meer dan 400 miljoen euro. Torro Rosso, het vorige team van Verstappen, moest zich toen “behelpen” met een budget van ‘slechts’ 137 miljoen euro en heeft dan ook een langzamere auto. In totaal spendeerden de teams in 2015 samen meer dan 2,6 miljard euro. Dat is best veel geld.

Op de twitter-pagina van Red Bull Racing staat een foto gemaakt na afloop van de race. Ik heb even staan tellen. Alleen al in Barcelona waren 104 mensen van Red Bull Racing tijdens de race actief. Dat is meer dan 50 man per auto.

 

Max Verstappen brak uiteraard ook allerlei records. Hij was vorig jaar met zeventien jaar al de jongste deelnemer ooit aan een formule 1 wedstrijd –hij reed toen zonder rijbewijs in zo’n wagen – maar hij is nu met zijn 18 jaar en 228 dagen ook de jongste rijder in de geschiedenis die een Grand Prix wint. Hij is ruim twee jaar jonger dan toen de Duitser Vettel, de vorige recordhouder, zijn eerste F1-overwinning behaalde.

En nu we het toch over leeftijdrecords hebben: Emma Morano is sinds donderdag officieel de oudste. Niet de oudste grand prix winnaar maar de oudste mens ter wereld. De Amerikaanse Susannah Mushatt Jones die de recordhoudster was, overleed namelijk die dag op de gezegende leeftijd van 116 jaar en 311 dagen en net zoals geldt: ”De Koning is dood, leve de koning!” geldt: “de oudste persoon ter wereld is overleden, leve de nieuwe oudste persoon” In dit geval dus de Italiaanse Emma Morano. Ze is momenteel 116 jaar en 169 dagen oud.

Ruim een jaar geleden zag ik een filmpje over haar toen ze 115 jaar oud was geworden en ze maakte toen de indruk of ze nog dagelijks oefeningen aan de rekstok in de gymzaal maakte. Op de site van RTL staat nu echter een filmpje waarin ze geïnterviewd wordt door de Italiaanse televisie naar aanleiding van het feit dat ze nu de oudste mens ter wereld is – ze is overigens ook de enige nog levende persoon ter wereld die in de negentiende eeuw is geboren (in 1899) –  en ik moet zeggen, ze maakt een iets minder kwieke indruk dan vorig jaar.

Maar voorlopig is ze nog gezond, dus wie weet, misschien slaagt zij er wel in om over een jaar of zes het wereldrecord oudste persoon ter wereld ooit af te pakken van de Franse Jeanne Calment. Toen deze laatste op 4 augustus 1997 overleed, was ze 122 jaar en 164 dagen oud. Ze voert daarmee de eeuwige ranglijst van oudste mensen ooit aan – het woordje ‘eeuwige’ is in dit verband wel toepasselijk. Emma Morano staat op deze ranglijst nu op plek 10 maar is nog volop in de race om te stijgen. De hele top 25 ziet er momenteel als volgt uit:

oudste personenDe groen gekleurde personen zijn de mensen op de lijst die nog in leven zijn. Klik op het plaatje voor een grotere afbeelding

Overigens, je weet het nooit, maar Max Verstappen is uiteraard ook nog in de race voor de titel ‘oudste mens ter wereld ooit’. Maar hij hoeft hij zich daar pas over 104 jaar druk over te gaan maken. Ik neem aan dat hij tegen die tijd niet meer in een raceauto rijdt.

p.s. Voor wie zich nu afvraagt: “welke formule 1 coureur is het oudst geworden – vooral vroeger was dat vaak een beroep waar je niet heel oud mee werd – en hoe oud was hij toen hij stierf?” luidt het antwoord: “Dat was de Duitse coureur Paul Pietsch. Hij is 100 jaar en 346 dagen oud geworden.” Hij reed in de jaren dertig van de vorige eeuw grand prix’s.

p.p.s Een kleine aanvulling d.d. 25 mei. We zijn inmiddels acht dagen verder en Emma Morano heeft de Japanse Tane Ikai te pakken. De Italiaanse is nu de nummer negen op de lijst.

 

Bernini versus Borromini

In 2012 schreef ik een boek over de Titanic. Voor dit boek checkte ik een hoop verhalen en mythes over het schip en vermeldde ik in het boek of de verhalen waar waren of niet. Maar bij één verhaal heb ik deze controle bewust niet gedaan en het ongecontroleerd in mijn boek opgenomen. Dat was  het verhaal van de hond die de ramp met het schip overleefde (hij kreeg een plekje in een reddingsboot), maar die na aankomst in New York de kade op rende om daar direct door een auto overreden te worden. Overleef je als hond het zinken van de Titanic overkomt je daarna dat. Ik heb sterk het vermoeden dat dit verhaal wel eens niet waar zou kunnen zijn, maar heb het desondanks gewoon (ongecontroleerd) in mijn boek opgenomen. Sommige verhalen moet je namelijk niet stuk checken. Die zijn te mooi om niet waar te zijn.

Hier moest ik aan denken toen ik gisteren even wat op internet opzocht over de vete tussen Bernini en Borromini. Dit zijn twee Italiaanse beeldhouwers en architecten uit het begin van de zeventiende eeuw. Ze waren grote concurrenten, die elkaar niet konden uitstaan. Zo vond Bernini Borromini eigenlijk maar een prutser. Nu is er een mooi verhaal over deze ruzie. In Rome heb je een plein, de Piazza Navona. Daar staat één van de beroemdste beeldhouwenwerken van Bernini: een fontein met een kleine kopie van een Egyptische obelisk met daarom heen vier beelden die de vier bekende grote rivieren uit die tijd representeren, één voor elk continent: de Donau (voor Europa), de Nijl (voor Afrika), de Ganges (voor Azië) en de Rio de la Plata (voor het Amerikaanse continent). Het beeld staat pal voor de St Agnes kerk die is ontworpen door Borromini.

beeld 1

Het beeld van Bernini met op de achtergrond de kerk van Borromini

Nu wil het verhaal dat Bernini twee van zijn fonteinbeelden een afkeurend gebaar richting deze kerk laat maken om aan te geven dat hij het ontwerp van deze kerk maar niks vond. Zo heft het beeld van de Rio de la Plata afwerend een hand op en bij de Nijl gaat hij zelfs nog een stapje verder. Die heeft een doek over zijn hoofd opdat hij maar niet de kerk van Borromini hoeft te zien. Op zijn beurt heeft Borromini op de kerk een beeld geplaats dat bewust de andere kant opkijkt zodat dit beeld niet naar de fontein hoeft te kijken. Heerlijk zo’n kinderachtige ruzie en een mooi verhaal.

beeld 3De Nijl met een doek over zijn hoofd. Op de achtergrond kijkt het beeld van Borromini  bewust niet naar de fontein.

Twee weken geleden waren Marianne en ik voor een korte vakantie in Rome en zijn we ook even op de Piazza Navona geweest om de fontein van Bernini te bekijken. En inderdaad de Nijl heeft een doek over zijn hoofd opdat hij de kerk niet hoeft te zien en het beeld van Borromini kijkt de andere kant op.

Waarschuwing; wie dit net zoals ik ook een mooi verhaal vindt, wordt aangeraden de rest van deze blogpost niet te lezen.

Maar wat lees ik nu opeens op internet? De fontein van Bernini stond al drie jaar op het plein voordat de St Agnes kerk werd gebouwd! En de reden dat de Nijl een doek over zijn hoofd heeft, is niet dat hij de kerk niet hoeft te zien, maar om te symboliseren dat de bron van de Nijl onbekend was (die was in die tijd nog niet gevonden.)

Het verhaal is dus helemaal niet waar. Maar dat wou ik helemaal niet weten! Dit is typisch een verhaal uit de categorie ‘Dat moet je niet stuk checken”. Gelukkig kan het bewust wegkijken van de fontein door het beeld van Borromini nog steeds waar zijn, maar daar ga ik nu ook al aan twijfelen. Ach, had ik maar niet gelezen dat de fontein er al stond voordat de kerk werd gebouwd.

De eerste negen jaar van twee Sequioa Gigantea’s

Zoals elders op deze site te zien is, ben ik een “kenner” – hum, hum – van de sequoia gigantea. Zelf heb ik ook twee van die boompjes gekweekt. Het duurt een jaar of tweeduizend voordat ze 100 meter hoog zullen zijn. Daar kan je dus niet vroeg genoeg mee beginnen.

De boompjes zijn nu negen jaar oud. Voor wie negen jaar groei in vier minuten wil zien, hierbij een YouTube filmpje.

De aapjeskast van V&D

In opdracht van de curator heeft Troostwijk Veilingen een deel van de inboedel van V&D geveild. Het meest werd geboden op item nummer 25: de Aapjeskast. Ach, de favoriete machine uit mijn jeugd toen ik nog een klein Martinnetje  was.

000 aapjes

De machine bracht liefst 22.500 euro op. In guldens omgerekend is dat ongeveer 48.000 gulden. Vroeger moest je er volgens mij een dubbeltje in werpen om de aapjes muziek te laten maken. Voor 48.000 gulden had je de machine dus 480.000 keer kunnen laten afspelen. In mijn herinnering speelden de aapjes een minuut lang.  Voor die 22.500 euro had je dus ook de aapjes 480.000 minuten, dat is 8.000 uur, non stop kunnen laten spelen.

 

Ouderdom (4)

Wilhelmus Antonius Alphonsus Hendriks is overleden. Wim Hendriks, zoals hij gewoonlijk genoemd werd, is 107 jaar en 62 dagen oud geworden. Hij was tot 21 maart de oudste man van Nederland. Gisteren stond er in De Volkskrant een mooi stuk van Peter de Waard over hem.

 

Het leek me wel een mooie man. Op de vraag van een verslaggever op zijn 107e verjaardag of hij trots was om de oudste man van Nederland te zijn, antwoordde hij gevat: “Je kan beter de jongste zijn.”

Tot op hoge leeftijd was hij gezond en ook actief. Tot zijn negentigste tenniste hij nog. In 2012 – hij was toen 103 jaar oud – verlengde hij zijn rijbewijs nog voor vijf jaar. Uiteraard werd er aan de krasse knar gevraagd wat zijn geheim was om zo oud te worden: niet stressen en eten en drinken met mate. Maar volgens Wim Hendriks was het eigenlijk een kwestie van de genen. Zo was zijn ene zus 101 jaar oud geworden, een andere zus 99 jaar en een broer 97 jaar. Oud worden was dan ook geen kwestie van verdienste vond hij. Na zijn dood mochten wetenschappers zijn hersens onderzoeken, maar hij had er geen haast mee.

Hij woonde nog zelfstandig maar onlangs was hij uit bed gevallen en in het ziekenhuis beland. Toen ging het opeens snel achteruit. Dat valt me wel vaker op. Als zeer oude mensen in het ziekenhuis belanden dan gaat het vaak snel mis.

Uiteraard is er nu een nieuwe oudste Nederlandse man. Dat is Jacob (Job) Berg uit Wieringerwaard. Hij is 105 jaar oud. Hij hoopt op 28 april 106 jaar oud te worden. Daarmee staat hij bij lange na nog niet in de top 100 van werelds oudste levende mensen. (De oudste is de Amerikaanse Susannah Mushatt Jones; zij is momenteel 116 jaar en 274 dagen oud.) De nummer 100 van die top 100 – en daarmee de jongste van die lijst – is momenteel de Amerikaanse Iris Westman. Zij is nu 110 jaar en 221 dagen oud.

Dat je met een leeftijd van 110 jaar toch nog ergens de jongste van een lijst kan zijn.

Blowing in the Wind

Afgelopen week las ik op verschillende internetsites een ANP-bericht dat een Engelse wetenschapper had ontdekt dat rondom zwarte gaten de wind een snelheid van 200 miljoen kilometer per uur kan bereiken, wat hetzelfde zou zijn als een orkaan van de categorie 77. Op NU.nl stond het bijvoorbeeld zo:

000 anp wind

Nu begrijp ik wel dat een wetenschapper een ronkend persbericht uitstuurt – hij moet tenslotte ook zijn onderzoeksubsidie veiligstellen – maar toch, het ANP had wel wat kritischer naar het bericht mogen kijken.

Het waait namelijk helemaal niet in de ruimte. Wind is een natuurlijke luchtbeweging van de atmosfeer. De wind ontstaat door horizontale luchtdrukverschillen. De ruimte, ook niet die rondom zwarte gaten, kent geen atmosfeer – laat staan luchtdrukverschillen –  dus het kan er niet waaien.  “De wind komt vandaag uit de richting Jupiter”. Wel zijn er quasars (“schijven van heet gas”) die met grote snelheid rondom zwarte gaten bewegen maar niet als gevolg van wind.

Ook die orkaan van de categorie 77 had te denken moeten geven. Dat is complete onzin. Ten aanzien van de windkracht zijn er twee bekende indelingen. De eerste is de windkracht volgens Beaufort, onderverdeeld in een schaal van 0 (stil) tot 12 (orkaankracht).

0 windkracht(De windkracht volgens Beaufort wordt bepaald uit het gemiddelde van de windsnelheid over tien minuten).  Klik op het plaatje voor een grotere weergave)

Daarnaast is er een indeling van orkanen in de klassen 1-5. Uit de wikipedia: 

“De schaal van Saffir-Simpson of Saffir-Simpson Hurricane Schaal is een classificatie die in de meteorologie wordt gehanteerd om orkanen naar hun kracht in te delen. Alle tropische cyclonen zijn gevaarlijk, maar sommige zijn gevaarlijker dan andere. Daarom is er een classificatie ontwikkeld om onderscheid te kunnen maken tussen bijvoorbeeld krachtige en verwoestende orkanen en om zich beter op de te verwachten schade te kunnen voorbereiden. […]

De schaal wordt gebruikt om een inschatting te maken van mogelijke schade wanneer de orkaan de kust bereikt. De schaal combineert te verwachten schade aan windsnelheid en stormvloed. Een orkaan van categorie 2, 3, 4 en 5 is respectievelijk 10, 50 100 en 250 maal zo verwoestend als een zwakke orkaan van categorie 1.”

 Kort samengevat ziet het orkaanplaatje er qua windsnelheid en te verwachten schade als volgt uit:

00windkracht

Voor een orkaan van categorie 5, de hoogste categorie, ziet het wind-  en stormvloedplaatje er volgens de Wikipedia als volgt uit.000 orkaanindeling

En voor de te verwachten schade – het andere criterium – geldt volgens de Wikipedia:

Categorie 5 is de hoogste categorie die een tropische cycloon kan krijgen op de Saffir-Simpson-schaal. Deze stormen veroorzaken totale dakbeschadiging op heel veel huizen en industriële gebouwen. Soms worden complete gebouwen al dan niet met utiliteitsvoorzieningen weg- of omvergeblazen. Instorting van grote daken en muren, vooral als ze weinig of geen interne ondersteuning hebben is gebruikelijk. Zeer zware en onherstelbare schade aan houtconstructies en totale vernietiging van mobiele en van plaatmateriaal gemaakte huizen is alom aanwezig.

Slecht enkele gebouwtypen zijn in staat om intact te overleven, en dan alleen maar als ze minstens 4 tot 8 km in het binnenland staan. Daartoe behoren kantoren, rijtjeshuizen, appartementencomplexen, en hotels die gebouwd zijn van beton of staal. Tevens kunnen publieke hoge betonnen parkeergarages met meerdere verdiepingen en huizen gemaakt van versterkte stenen of cementblokken met daken met een hoek minder dan 35 graden en geen enkel overhangend stuk de storm doorstaan (mits de ramen zijn gemaakt van orkaanbestendig veiligheidsglas of afgesloten zijn met rolluiken).

De stormvloedgolf veroorzaakt belangrijke schade aan de onderste verdiepingen van alle objecten langs de kust, en veel kustobjecten kunnen compleet met de grond gelijk gemaakt worden of gewoonweg weggespoeld worden door de vloed. Stormvloedschade kan ontstaan tot 2 à 3 kilometer in het binnenland met vloedgolven, afhankelijk van het terrein, tot 3 à 4 kilometer landinwaarts. Volledige evacuatie van bewoonde gebieden kan nodig zijn als de orkaan dichtbevolkte gebieden bedreigt.

Ik ben benieuwd welk schadecriterium de bedenker van orkaankracht 77 heeft opgesteld: “De aarde wordt compleet weggeblazen; check uw verzekeringspolis” waarschijnlijk. Misschien had het ANP iets kritischer naar het bericht moeten kijken.

Ik kan nog wel wat meer over de wind schrijven maar gezien het aantal lezers van dit blog is dat blazen in de wind.

bob dylan

Cruijff en Vermeer

Ze zijn allebei dood. De beide Johannen. Vermeer al een tijdje – al meer dan 350 jaar om precies te zijn; hij overleed op 15 december 1675 – en Cruijff sinds gisteren. Ik ben met Cruijff opgegroeid. Hij was een idool uit mijn jeugd. Maar soms was hij af en toe ook de vijand als hij met Ajax tegen Go Ahead speelde.

Ooit stond ik als kleine jongen tijdens een thuiswedstrijd van Go Ahead tegen Ajax in het “het kippenhok” (dat was de jongensrang; een kaartje kostte een gulden), toen Cruijff de bal volkomen verkeerd raakte. Hij schoot ver naast en de bal belandde in ons vak. We moesten bukken om hem niet op ons hoofd te krijgen. “Hé Cruijffie, uitkijken! Als je niet kan schieten, dan moet je dat niet doen!” brulde ik met mijn hoge jongensstemmetje. De jongens om mij heen vonden dat een puike opmerking en ik geloof dat Cruijff het ook had gehoord want hij keek naar ons vak. Even later schoot hij weer op het doel en deze keer belandde de bal in de bovenhoek. Doelpunt. Cruijff sprintte weg, sprong in de lucht en keek daarna naar onze jongensrang, alsof hij wilde zeggen: “Zie je wel, ik kan wel schieten.” Het voelde alsof het doelpunt mijn schuld was. Had ik maar niks geroepen.

Ik herinner me ook nog een andere wedstrijd van Go Ahead tegen Ajax. Het was een uitwedstrijd en ik luisterde zoals gewoonlijk bij uitwedstrijden op mijn kamer naar het verslag op ‘Langs de Lijn’. Mijn vader, ook een voetballiefhebber en Go Ahead-fan, luisterde meestal niet. Hij wou tijdens de wedstrijd de stand ook niet weten. Tenzij Go Ahead voor kwam, dan mocht ik dat wel komen vertellen. Eigenlijk heel kinderachtig maar misschien vond hij het te spannend. Bij de rust stond het 0-0. Dat beschouwde ik als een voorsprong en ging dat in de rust trots aan mijn vader vertellen. “We zijn er nog niet maar het is niet slecht” sprak mijn vader. Ik ging weer naar mijn jongenskamertje om naar de tweede helft te luisteren. Na een half uurtje kwam mijn vader opeens binnen. Hij wou toch even weten hoe het nu stond. “6-0 voor Ajax pap. Cruijff heeft in de tweede helft al vier keer gescoord.” Cruijff ja, die is goed.” sprak mijn vader en hij liep weer naar beneden.

Maar goed, Cruijff is nu dus dood. Achtenzestig jaar is hij geworden. Dat is niet oud. Vermeer werd overigens maar 43 jaar. Waarom ik het in deze blogpost ook over Vermeer heb? Dat komt omdat vlak voordat ik hoorde dat Cruijff was overleden – mijn oudste dochter zag het op haar Volkskrant-nieuwsalert-app en vertelde het me. Ze was daarmee net Marianne voor die mij even later het nieuws WhatsAppte – ik net een nieuwe bijdrage over Vermeer op mijn site had geplaatst.

In dit stuk (zie hier) kan je lezen hoe ik denk dat het Tweede Straatje van Vermeer er uit ziet. Het stuk zit vol aannames, maar zoals Cruijff zou zeggen: “Als je niets aanneemt, dan kan je ook niets veronderstellen”.

p.s. Voor Hard Gras heb ik een keer een verhaal over Cruijff geschreven. Het was een verhaal over hoe Cruijff in 1966  als eerste speler van het Nederlands elftal het veld werd uitgestuurd

Hard Gras 00 cruijffLinks de voorkant van het Hard Gras Nummer; rechts Scheidrechter Glöckner stuurt Cruijff van het veld; foto Eric Koch/Anefo; Nationaal Archief

Cruijff is nu definitief het veld uitgestuurd.

 

Vermeer en het Droste-Cacaobus Effect

Wat hebben het Straatje van Vermeer en ‘het Droste-Cacaobus Effect’ met elkaar te maken?

000 droste

Dat, en alles over de mensen die in 1667 in de Vlamingstraat in Delft woonden, kan je lezen in een nieuwe bijdrage over mijn speurtocht naar het tweede Straatje van  Vermeer. Zie hier voor deze bijdrage.

George Martin

George Martin is op negentigjarige leeftijd overleden. Hij was de producer van de Beatles die de Beatles mede groot heeft gemaakt. De violen op Yesterday en Elanor Rigbey, dat was bijvoorbeeld het idee van George Martin. Hij was ook de man die de ideeën van John Lennon kon omzetten in muziek, vaak op een bijzondere wijze. Ik citeer even uit een stuk over het overlijden van Martin – van George Martin dus, ik ben niet overleden – zoals dat vandaag in De Volkskrant staat. Menno Pot begint zijn ode aan George Martin als volgt:

“Februari 1967, John Lennon heeft een liedje geschreven gebaseerd op een circusposter uit de 19de eeuw. Hij zegt tegen producer George Martin dat het liedje een ‘kermissfeer’ moet hebben, dat je het ‘zaagsel op de vloer‘ moet kunnen ruiken. Of Martin dat even wilde regelen. Martin aan de slag. Draai- en stoomorgels, een versneld opgenomen Hammondorgel, hij kon het gewenste effect niet vinden, waarop Martin opnamenleider Geoff Emmerick opdracht gaf de tapes te verknippen en in willekeurige volgorde weer aan elkaar te plakken. En zie daar, het tollende geluid van Being For The Benefit Of Mr. Kite: flarden van pierementen, schijnbaar van alle kanten tegelijkertijd. Kermis. Martin had het hem weer geflikt.

Uiteraard regende het reacties op het overlijden van de vijfde Beatle zoals Martin ook wel werd genoemd. Zo stuurde Ringo Starr twee tweets de wereld in. Eerst:

0 george martin 2

Op  het Cultuurblog van De Volkskrant Online schreef een journalist naar aanleiding van deze tweets over een ‘emoji-necrologie’: “Starr zwaait de overledene uit met vijf emoji’s, die volgens hem staan voor de persoon George Martin: Hij was cool: smiley met zonnebril /  Met hem zijn we groot geworden: V-teken voor Victorie / Hij was geweldig: stralend sterretje [..]”

Vermoedelijk was deze journalist er niet van op de hoogte dat Ringo Starr al zijn tweets met deze emoticons ondertekent. 00

En nu we het toch over Ringo Starr hebben, ik was eigenlijk wel nieuwsgierig naar de reactie van Pete Best op het overlijden van George Martin. Pete Best was twee jaar lang, van augustus 1960 tot augustus 1962, de drummer van de Beatles. Maar toen de Beatles in 1962 een platenopname mochten maken voor Parlophone, vertelde producer Martin tegen Brian Epstein, de manager van de Beatles, dat hij voor de plaatopname de drumpartij door een studiomuzikant wilde laten inspelen. Dit omdat hij het drumspel van Pete Best niet sterk genoeg vond. Dit zette een proces van gebeurtenissen in gang wat er in resulteerde dat Pete Best door Ringo Starr werd vervangen. Iets waarover George Martin altijd een schuldgevoel had.

I decided that the drums, which are really the backbone of a good rock group, didn’t give the boys enough support. They needed a good solid beat, and I said to Brian, ‘Look, it doesn’t matter what you do with the boys, but on record, nobody need know. I’m gonna use a hot drummer.’ Brian [Epstein] said, ‘Okay, fine.’ I felt guilty because I felt maybe I was the catalyst that had changed his [Best’s] life…” aldus George Martin geciteerd op de Engelse Wikipedia.

Overigens speelde op de studio-opname van ‘Love me do’ niet Ringo Starr de drumpartij maar de studiomuzikant Andy White.

Pete Best zou ruim dertig jaar later dankzij Martin toch nog miljonair worden. In 1995 stelde George Martin namelijk de historische Anthology  Beatles albums samen. Voor Anthology 1 koos Martin er voor om ook de Decca en Parlophone audities op te nemen waarop Pete Best meespeelde. Na verluid heeft dit Pete Best een bedrag van tussen de één en vier miljoen pond opgeleverd. Kan je nagaan wat het de andere Beatles heeft opgeleverd.

Maar goed, van de vijf man op de foto die Ringo Starr rond tweette zijn er inmiddels al drie overleden.

Timemanagement

Begin jaren negentig werkte ik bij KPN op een afdeling die zich bezig hield met allerlei financieel-economische berekeningen. KPN was net geprivatiseerd en we hadden het razend druk. Onze manager vond dat we nog wel wat meer konden doen, mits we maar wat efficiënter met onze tijd omgingen. Als hulpmiddel kregen we daarom allemaal een Time Management agendasysteem. De manager had er als enige eentje met een luxe leren kaft. Het was een losbladig systeem. Elk jaar moest je een dure navulling kopen. Ook had je een speciale zes-gaten-perforator nodig – slim bedacht van de fabrikant – als je eigen papieren in de agenda wou stoppen, wat overigens niet de bedoeling was. KPN had toen echter nog geld genoeg, dus dat was geen probleem.

0 perforator

De jaarlijkse navullingsdoos en de speciale perforator

We gingen ook gezamenlijk op een tweedaagse timemanagement cursus. De docente begon de cursus met een experiment. Ze zette een glazen bloemenvaas op tafel en vulde deze met grote kiezelstenen die ze uit een Chinees-afhaalrijstmaaltijdbakje haalde. Toen de vaas vol zat, vroeg ze ons of er nog meer kiezelstenen in konden. Nee, dat dachten we niet. Ze haalde daarop nog een rijstbakje tevoorschijn waarin kleinere kiezelsteentjes zaten. Deze goot ze ook in de vaas waar de steentjes een plekje vonden tussen de grote stenen. Toen de vaas weer vol zat, vroeg ze of er nog meer in kon. Waarschijnlijk wel zeiden we – ja, ja, we pikten de boel snel op – en inderdaad, ze pakte nog een rijstbakje – ze was vermoedelijk geen keukenprinses – uit haar koffertje  en zette dit ook op tafel. Er zat fijn zand in. Ze strooide dit zand ook in de vaas, waar het een plek vond tussen de kiezelsteentjes. Nu zat de vaas echt helemaal vol dachten we en toen ze wederom vroeg of er nog iets bijkomt zeiden we, weliswaar aarzelend, van nee. Dat was fout gedacht, want ze pakte een gieter met water en schonk dit in de vaas. Het zand nam het water op en nu zat de vaas echt helemaal vol.

Ze keek ons aan en vroeg wat ze hier mee wilde demonstreren. Onze manager keek naar ons en sprak triomfantelijk: ”Dat er in elke agenda nog wel een gaatje zit om iets extra’s te doen.“ Ze zuchtte. Nee, dat was niet wat ze hier mee wilde demonstreren. Ze probeerde zo duidelijk te maken, dat je eerst de grote dingen moest plannen en daarna pas de kleinere zaken, de waan van de dag. Helemaal waar maar ik geloof dat het alleen voor onze manager een eyeopener was.

Ik geloof dat we de agenda nog een jaar of twee hebben gebruikt. Daarna vond het management de jaarlijkse navulling te duur.

Dit ben ik: kinderen in de Volkskrant

De Volkskrant heeft een wekelijkse serie getiteld: ‘Dit ben ik, portret van een kind in zijn slaapkamer.’ In deze serie worden kinderen geïnterviewd over hun leven en toekomstplannen, vergezeld van een foto van het kind in zijn/haar kamer. Ik mag de interviews graag lezen, heel ontwapend altijd. Deze week was het de beurt aan een zekere Map Reichwein (7) uit Utrecht.

Zie hier enkele van de vragen en antwoorden:

Vraag: Op welke school zit je? AntwoordIk zit in groep vier van de Jenaplanschool De Brug in Utrecht. Het liefst ga ik rekenen, want daar ben ik best goed in, vind ik zelf.

Vraag: Wat wil je later worden? Antwoord: Schrijver of hockeyer, als ik daar goed genoeg in ben. Als ik schrijver word, ga ik alleen maar geheimzinnige boeken schrijven.

Vraag: Wat is je grootste droom? Antwoord: Dat ik heel vaak op skivakantie ga als ik groot ben. Ik neem dan sowieso mijn broers mee, maar mijn ouders weet ik nog niet. Als ik groot ben, zijn zij al 60 en dan kunnen ze het niet meer goed en dan moet ik langzamer.

Kijk, dat is nog eens vooruitdenken en daar kunnen wij zestigers het mee doen. Bij twee van haar antwoorden op andere vragen moest ik aan mijn dochters denken toen ze nog klein waren. De ene vraag was:

Vraag: Wie zou je een dagje willen zijn? Antwoord: Onze kat Pico, alleen ging hij een dag voor de verjaardag van mijn broer dood. Maar hij ligt wel bij ons in de tuin.

Wij hebben ook een huisdier gehad dat in de tuin begraven ligt en wel Bibi, het konijn van onze oudste dochter. Die ging op een dag onverwacht dood, waarschijnlijk als gevolg van een virus dat toen in Den Haag en omstreken rondwaarde, driekwart van de konijnen in de duinen stierf toen.

Eigenlijk had Bibi al direct na zijn komst in ons huis dood kunnen zijn. Hij mocht namelijk aanvankelijk los in de huiskamer lopen en wij hadden er even niet aan gedacht dat het een knaagdier was. Hij knaagde ergens achter een bank het snoer van een lamp door en met een grote knal ging het licht uit. Heel voorzichtig keken we achter de bank waar we een geroosterd konijn verwachten, maar daar zat Bibi levend en al met grote verbaasde ogen naar het snoer te kijken.

Maar goed, een half jaar later lag Bibi ’s morgens opeens dood in zijn hok. Het verdriet was groot bij de dochter en Bibi kreeg een staatsbegrafenis van haar. Hij werd in een lege schoenendoos gelegd met allerlei spulletjes die Bibi volgens de dochter leuk vond zoals bloemen, een wortel, een speeltje, een halsbandje, een poppetje en de lievelings-cd van de dochter. Gelukkig konden we haar overreden om die cd niet mee te begraven. Met de nodige plechtigheid werd Bibi vervolgens in de tuin begraven. Over een paar duizend jaar zullen archeologen ongetwijfeld hele discussies houden over wat ze daar dan aantreffen.

Het meest schattige antwoord in het interview gaf Map Reichwein op de vraag: Heb je huisdieren? Antwoord: Nee, ik heb wel luizen.

Hoe aandoenlijk. Ook onze dochters, en ook wij, hebben luizen gehad. Op de lagere school had je bij ons in die tijd de LOL-moeders. LOL stond voor ’Let Op Luizen’. Een paar keer per jaar, meestal na een vakantie, controleerden een aantal vrijwilligers (altijd moeders; nooit vaders) op school alle kinderen op de aanwezigheid van luizen. Als ze geweest waren, dan kon het gebeuren dat je kind een brief mee kreeg. In het gunstige geval stond er in dat er bij één of meerdere kinderen in de klas luizen waren geconstateerd maar niet bij jouw kind. De kinderen moesten dan wel een plastic zak mee om hun jassen in op te bergen zodat de luizen niet via de kapstok konden overlopen naar de andere jassen, iets wat met de kennis van nu een overbodig actie was.

(Van de site van het RIVM: Vraag: Hoe krijg je hoofdluis? Antwoord: Hoofdluis kun je krijgen van contact met iemand die hoofdluis heeft: de luizen lopen van het ene hoofd naar het andere. Ze verplaatsen zich niet via kleding. Springen kunnen ze niet. Kinderen tussen de 3 en de 12 jaar krijgen vaker hoofdluis omdat ze tijdens het spelen vaak letterlijk de hoofden bij elkaar houden

Voor hoe je met luizen moet omgaan zie hier het hele artikel op de site van de RIVM.)

In het ongunstige geval stond in de brief dat er bij jouw zoon of dochter luizen waren geconstateerd. Je werd dan dringend verzocht om het kind een anti-luizen behandeling te geven. Verder stonden er allemaal tips in hoe je met de plaag om moest omgaan. Ook onze kinderen kregen op een dag de gevreesde brief mee en snel kwamen we er achter dat niet alleen onze beide dochters luizen hadden maar wij zelf ook. Direct kriebelde het drie keer zo erg als daarvoor. We haalden luizenkammen in huis en met een anti-luizen shampoo – als je de dop opende dan ging je zelf al bijna dood – wasten we ons haar. Alle lakens werden op 90 graden gewassen en boven de wastafel werd er druk met de luizenkam gekamd. “Is dat een luis of is het een zwart schilfertje? Volgens mij beweegt het, volgens mij niet.” Zo stonden we dan in de badkamer. Ook voelde je het overal kriebelen. Al met al duurde zo’n operatie twee weken, want niet alleen de luizen moesten dood, maar ook de neten (de eitjes.) Nee, brrr, echt leuk was het niet en nu ik het weer opschrijf voel ik gelijk weer iets kriebelen.

Ook voelde je een beetje beschaamd. Wat natuurlijk grote onzin is want iedereen kan het krijgen. Toch heb ik nooit op kantoor, als onze secretaresse helemaal over mij heen gebogen naar de stukken keek, tegen haar gezegd: “Kijk een beetje uit dat je niet met je haar tegen mijn haar aankomt, want ik heb last van luizen.” Ok, onze secretaresse hing nooit over mij heen gebogen dus dat was niet nodig, maar toch, ik heb het op kantoor nooit verteld. Ik hoop echt dat ik er daar niemand heb ingeluisd.

 

Cruijff, Verstappen en de BBC

Momenteel zijn er in Barcelona trainingssessies voor de formule 1. Ook het Torro Rosso team met Max Verstappen rijdt er zijn rondjes. Woensdag had hij “een  vrije dag”. Zijn teamgenoot Carlos Sainz reed die dag in de auto. Omdat Max Verstappen daardoor wat meer tijd had, hadden hij en zijn vader Johan Cruijff uitgenodigd om een kijkje te komen nemen. Cruijff woont om de hoek in Barcelona, dus dat was ondanks zijn ziekte wel te doen en hij bracht dan ook een bezoek.

Verstappen maakt een selfie van hem met Cruijff en plaatste die vol trots op zijn twitteraccount.  Cruijff retweette het bericht en beiden schreven met groot respect over elkaar.

1 Cruijff

Een dag later verscheen de foto van Verstappen met Cruijff ook op de site van de BBC. Maar wat schreven die in het onderschrift bij de foto?! “Toro Rosso’s Max Verstappen (right) found time to pose with Dutch football legend Johan Cruyff during testing in Barcelona.”

Ai! Alsof Cruijff zich opdringt om met Verstappen op de foto te gaan. Opvallend is ook dat de BBC achter de naam Max Verstappen (right) schrijft. Alsof de mensen anders zouden denken dat de man links op de foto Verstappen zou zijn. Nog even en de BBC vraagt wie die oude man is die naast Verstappen staat. @gebrekaanrespect en @roemisvergankelijk heet dat geloof ik in twittertaal.

Vermeer: Heeft professor Grijzenhout ongelijk?

Mijn veronderstelling (zie hier) dat op ‘het tweede straatje van Vermeer’ wellicht het huis staat afgebeeld van de zuster van Vermeer is mede gebaseerd op de ontdekking van professor Frans Grijzenhout dat op het eerste ‘Straatje van Vermeer’ het huis (Vlamingstraat 42 in Delft) van de tante van Vermeer staat afgebeeld.

boekkaft grijzenhout

Nu is er recent op de site ‘EssentialVermeer.com’  een stuk verschenen van een zekere Philip Steadman, een Engelse emeritus-professor, waarin wordt betoogd dat professor Grijzenhout ongelijk heeft. De huizen op het Straatje zouden niet de Vlamingstraat 40 en 42 zijn, maar huizen die vroeger op de Voldersgracht in Delft stonden (en wel op de plaats waar vroeger het pand van het Sint-Lucasgilde stond). Dit is overigens geen nieuwe theorie maar eentje die in al in 1950 werd geopperd door een zekere Pieter Swillens (en die door Grijzenhout in zijn boek verworpen wordt).

Nu is de site Essentialvermeer niet zo maar een site. Het is één van de best geïnformeerde sites over Vermeer die ik op het internet ben tegen gekomen. Wie informatie over Vermeer en zijn schilderijen wil lezen, wordt dan ook van harte aangeraden om deze site te bezoeken. De site heeft nu dus ruimte gegeven aan Steadman voor een kritisch stuk over het onderzoek van Grijzenhout. Philip Steadman is een Engelse emeritus hoogleraar architectuur die onder andere les heeft gegeven aan de University College London. Hij heeft ook een boek geschreven over het mogelijk gebruik van de camera obscura door Vermeer. Hij weet dus wel iets van Vermeer en van huizen af. Kortom, we zien hier een echt hooglerarendispuut tussen professor Grijzenhout en emeritus-professor Steadman.

essential vermeer site

Mocht de theorie van professor Grijzenhout geen stand houden, dan zou dat ook vervelend voor mijn onderzoek zijn. Niet dat het huis op het tweede straatje van Vermeer dan niet het huis van zijn zuster zou kunnen zijn, maar als de onderliggende bouwsteen – Vermeer schilderde op het eerste straatje een huis van een familielid – niet juist is, dan mist mijn gedachtenbouwwerk – op de beide straatjesschilderijen staan huizen van familieleden van Vermeer – een heipaaltje. Daarom heb ik het stuk van emeritus-professor Steadman dan ook met de nodige aandacht gelezen.

Na bestudering van de argumenten van Steadman is mijn conclusie echter dat Steadman het bij het  verkeerde  eind heeft en dat de theorie van Grijzenhout vooralsnog overeind blijft staan (en mijn heipaaltje dus ook). Voor wie wil weten hoe ik tot deze conclusie kom, lees het hele verhaal in deze aflevering van CSI Holland.

V&D, Perry Sport en Monopoly

V&D heeft definitief haar deuren gesloten. Dit was ons laatste aankoop: vier schrijfblokken.

v en d bonv en d bon 2

Het mocht niet baten. Wie koopt er, behalve wij, nou ook nog schrijfblokken in deze tijd?

1 V&D 2

1 V&D

V&D Den Haag, februari 2016

Ook Perry Sport is failliet. Ze zaten met een aantal winkels in een V&D-pand en gecombineerd met de problemen die ze al hadden, was dat te veel van het goede. Bij berichten over het faillissement van Perry Sport las ik iets wat ik niet wist. Het was namelijk Perry & Co, de voorganger van Perry Sport, die het Monopoly-spel naar Nederland heeft gebracht. Ook heeft Perry & Co de namen en de straten bedacht van de Nederlandse steden op het bord.

Perry Sport komt voort uit Perry & Co. Dit was van oorsprong een Engels warenhuis. In 1866 werd er ook in Nederland een winkel geopend en wel aan de Kalverstraat in Amsterdam. Later verschenen er  ook in andere Nederlandse steden filialen. Aanvankelijk verkocht Perry & Co reisartikelen en speelgoed – zo waren ze in 1910 bijvoorbeeld het bedrijf dat Mahjong naar Nederland haalde. Later richtten ze zich steeds meer op sportartikelen.
Het Monopoly-spel werd in de jaren dertig in Amerika bedacht. De eerste Amerikaanse editie uit 1934 bevatte allemaal straatnamen uit de omgeving van Atlantic City. Al snel verscheen er ook een Engelse editie met Londense straatnamen. Deze editie werd door Perry & Co naar Nederland gehaald. Toen in 1940 de Duitsers Nederland bezetten, stopte uiteraard de import van deze spellen. Daarop bedacht Frederik Verster, de toenmalige directeur van de Amsterdamse vestiging van Perry &Co, om een Nederlandse editie te maken.

Hij koos voor straten uit steden waar Perry op dat moment een vestiging had. Dat van die steden was een geheel nieuw idee. Tot dan hadden alle Monopoly-spelen in de wereld altijd straatnamen uit één stad gehad. De Nederlandse editie was daarmee de eerste editie in de wereld waar straten uit verschillende steden op voorkwamen.

Het hoofdkantoor van Perry &Co in Nederland zat aan de Kalverstraat in Amsterdam. Dat werd dus de duurste straat. Andere vestigingen van Perry & Co zaten bijvoorbeeld in de Ketelstraat in Arnhem, de Vreeburg in Utrecht, de Heerenstraat in Groningen, het Plein in Den Haag en de Coolsingel in Rotterdam, In de Barteljorisstraat in Haarlem zat een groot magazijn van Perry. De andere namen van de straten van de betreffende steden waren grote winkelstraten die vlakbij de vestigingen van Perry zaten. De enige uitzondering hierop was de Houtstraat in Haarlem. Die bestaat helemaal niet. Wel heb je er een Grote Houtstraat, een Kleine Houtstraat en een Korte Houtstraat. Waarschijnlijk zijn deze drie straten door Verster samengevoegd tot Houtstraat.

En daarnaast heb je nog uiteraard Dorpstraat, ons Dorp en Brink, Ons Dorp. Wie het kleine niet eert, is het grote niet weert. Of die uitspraak iets met de faillissementen van V&D en Perry Sport te maken heeft, durf ik echter niet te zeggen.

(Zie hier en hier voor meer informatie over de Amerikaanse en Nederlandse ontstaansgeschiedenis van Monopoly.)

My WordPress Blog