De eerste zin

Dit is de tweede zin van dit stukje. Ok, zult u misschien denken, dan telt hij de titel zeker ook mee. Nee, dat doe ik niet. “Maar waar is dan de eerste zin van dit stukje?” Simpel, die staat gewoon aan het begin. Hij luidt: ‘Dit is de tweede zin van het stukje.” Dat hij inhoudelijk niet juist is, is misschien wat verwarrend, maar het is wel degelijk de eerste zin van dit stukje.

U begrijpt deze blogpost gaat over eerste zinnen van boeken. Schrijvers willen graag hun boek met een geweldige openingszin laten beginnen. Daar wordt soms uren op gepuzzeld. Er zijn een paar klassiekers:

‘Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliano Buendia denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs. Uit ‘Honderd Jaar Eenzaamheid’ van Gabriel Marquez)

Iemand moet Josef K. belasterd hebben, want zonder dat hij iets kwaads gedaan had, werd hij op een ochtend gearresteerd” uit ‘Het Proces’ van Franz Kafka.

En een bekend Nederlands voorbeeld: “Behalve de man die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond, heb ik nooit een wonderlijker kerel gekend dan de uitvreter.” Uit:  ‘De uitvreter’ van Nescio

Begint een boek met een goede openingszin, dan zit je gelijk in het verhaal, maar helaas, lang niet altijd lukt het de schrijver om een goede eerste zin te produceren. Even een stukje zelfreflectie met de openingszinnen van mijn vijf boeken.

  • ‘De Oranje Rapporten: “Er is een verband tussen voetbal en seks.”
  • Het Nutteloze Kennisparadijs: “Tweeduizend jaar geleden schreef de Romeinse filosoof Seneca: ‘Het is natuurlijk veel beter nutteloze dingen te weten dan helemaal niets.”.
  • Heel het land is van streek: “In 1998 scoorde de groep The Super Furry Animals een bescheiden hitje in Engeland.”
  • Een kleine geschiedenis van het voetballen: “Wie heeft er als klein kind niet op straat gevoetbald?”
  • De Titanic: “April 1912: vraag van senator Williams Smith, voorzitter van de Amerikaanse onderzoekscommissie die de ramp met de Titanic onderzocht, aan Harold Lowe, de vijfde stuurman op de Titanic: ‘Waaruit bestaat een ijsberg?”

Die laatste openingszin is natuurlijk veel te lang, ik had veel beter met het antwoord van Harold Lowe “Ik vermoed ijs, meneer” kunnen beginnen. Maar nu ik die openingszinnen zo terug lees, moet ik zeggen dat die uit De Oranje Rapporten wel een goede openingszin is. Ik heb gelijk de neiging om verder te gaan lezen.

Nu is het strikt formeel zo dat mijn openingszinnen niet de echte openingszinnen van mijn boeken waren. Voor elk boek van mij schreef de journalist-schrijver Bert Wagendorp namelijk een voorwoord en eigenlijk zijn de openingszinnen uit die voorwoorden daardoor de openingszinnen uit mijn boeken. Dan kan krijg je het volgende rijtje:

  • ‘De Oranje Rapporten: “In december 2000 kwam ik voor de eerste keer in contact met de VIENO (Vereniging voor Interessante Edoch Nutteloze Onderzoeken).”
  • Het Nutteloze Kennisparadijs: “Ergens eind maart 2005 stuurde Martin van Neck mij een opmerkelijk verhaal voor zijn Nutteloze-Kennisrubriek in de Volkskrant.”.
  • Heel het land is van streek: “De mensheid kan ruwweg opgedeeld worden in twee soorten.”
  • Een kleine geschiedenis van het voetballen: “Boeken met een titel als ‘Een kleine geschiedenis van het voetballen’ verschenen tot dusver alleen in Engeland.”
  • De Titanic: “Er zijn van die onderwerpen waarover je beter geen boek kunt schrijven.”

 Vooral die laatste is leuk. Maar goed, heb je als schrijver niet echt een goede eerste zin, dan kan je nog altijd de suggestie van de Amerikaanse schrijver Marc Laidlaw gebruiken. Deze twitterde onlangs namelijk dat je de eerste zin van elk verhaal kan verbeteren door deze te laten volgen door de zin ‘And then the murders began’.

000 tweet

Zijn tweet werd massaal gedeeld en mensen begonnen spontaan op Twitter deze ‘Laidlaws Rule’ toe te passen op allerlei bekende boeken. Vooral bij kinderboeken krijg je dan opmerkelijke verhalen. Zo kwam ene Trevor Rines aanzetten met het kinderboek ‘Charlotte’s Web’ van E.B. White. Dat begint met:  ‘Where’s Papa going with that axe?’ said Fern to her mother as they were setting the table.” Laat je dat nu echter volgen door: “And then the murders began”, dan is het niet echt meer een boek dat je je kinderen gaat voorlezen.

Ook kan het invoegen van de zin een boek een heel andere invalshoek geven. Zo zag ik bij de Bruna een biografie over Nick en Simon liggen. Niet echt een boek dat ik zou kopen. Maar had de schrijver ‘Laidlaws Rule’ gebruikt en was hij zijn boek als volgt begonnen: “De eerste keer dat ik Nick Schilder en Simon Keizer ontmoette was als docent Nederlands op het Don Bosco College in Volendam. En toen begon het moorden.” dan had ik gedacht  ‘hé, een spannende thriller”

Er zijn ook boeken waarin je de zin probleemloos kan opnemen zonder de strekking van het verhaal aan te tasten. Neem  de Bijbel. Had je de openingszin: “In den beginne schiep God hemel en aarde’ laten volgen door ‘En toen begon het moorden.’ dan had die zin daar niet misstaan.

Maar goed, nu nog een trucje voor de laatste zin. En toen hield het moorden op?

One thought on “De eerste zin”

Comments are closed.