Category Archives: Uncategorized

Voornamen (3)

Willem-Alexander is met Maxima getrouwd. Ok, dat is niet direct ‘breaking news’, zelf geen opvallend nieuws, maar wel opvallend. Want als je op de voornamensite van het Meertens Instituut kijkt, dan zie je dat er in 2014 maar 31 mannen in Nederland wonen met de voornaam Willem-Alexander en dat er zelfs maar 22 vrouwen in Nederland zijn die de voornaam Maxima hebben. De kans dat een Willem-Alexander met een Maxima trouwt is dus erg klein. Geen wonder dat Willem-Alexander zijn Maxima helemaal uit Argentinië moest halen.

Dat er maar 22 vrouwen in Nederland zijn die Maxima heten is veel minder dan ik had gedacht. Ik had eerlijk gezegd een hoger aantal verwacht, maar blijkbaar willen de ouders van nu hun kinderen niet opzadelen met dezelfde voornaam als de koningin. Dat was vroeger wel anders. Liefst 98.201 vrouwen heten Wilhelmina, 2.066 vrouwen Juliana en 2.389 vrouwen Beatrix. Vergelijk die aantallen eens met die 22 van Maxima.

Toen ik naar de populariteit van  namen van deze vier koninginnen keek, viel mij iets opmerkelijks op. Zie hier de grafiek van Beatrix.

Beatrix

We zien twee grote pieken. De eerste is in 1938, het geboortejaar van Beatrix. In dat jaar gaven 206 andere ouderparen hun dochter ook de naam Beatrix. De tweede grote piek is in 1941. Liefst 299 kinderen kregen toen de naam Beatrix. Bij haar moeder Juliana en haar zuster Irene zien we in 1941 ook een soortgelijke piek. Kijken we naar het enige mannelijk lid van het Koninklijk Huis in die tijd, prins Bernhard, dan zien we ook voor zijn naam in 1941 een piek.

Bernhard

De meest aanmerkelijke verklaring die ik voor deze pieken heb, is dat een paar honderd ouders in 1941 als een soort stil protest tegen de Duitse bezetting hun pasgeboren kind de naam van een lid van de koninklijke familie hebben gegeven.

Behalve naar de invloed van de namen van leden van het koninklijk huis op de populariteit van voornamen heb ik ook even gekeken of de populariteit van bekende voetballers effect heeft  op de populariteit van hun voornamen. Voor Abe (Lenstra), Faas (Wilkes), Willem (van Hanegem) en Johan (Cruijff) is geen enkel effect te zien. Wel voor Ruud (Gullit) en Marco (van Basten) die met Nederland in 1988 Europees kampioen voetballen werden.

Ruud

We zien dat de met de opkomst van Ruud Gullit als voetballer in de jaren tachtig de populariteit van de voornaam Ruud mee stijgt met als hoogtepunt het jaar 1988, en dat met de neergang van Gullit als voetballer in de jaren negentig de populariteit van de voornaam Ruud weer afneemt. Dit kan toeval zijn  – de populariteit van de naam Ruud was al aan het stijgen –  maar we zien in de jaren tachtig wel een versnelling. Kijken we naar Marco, dan zien we dit:

Marco

Ook voor de naam Marco is een kortstondige piek te zien. Alleen hier is iets merkwaardigs aan de hand. De piek voor Marco ligt niet omstreeks 1988 maar al rond 1970. Ik kan me geen enkele Marco uit die tijd voor de geest halen, die verantwoordelijk kan zijn voor deze kortstondige piek. Het enige wat ik kan verzinnen is dat omstreeks 1970 een flink aantal mensen allemaal tegelijkertijd een voorspellende droom of een visioen moeten hebben gehad waarin werd aangegeven dat iemand met de naam Marco Nederland in 1988 Europees kampioen voetballen zou maken en dat ze daarom hun pasgeboren zoon de naam Marco hebben gegeven. Ja, dat moet het zijn.

Tot slot van mijn wetenschappelijke onderzoek: had de moord in 2002 op Pim Fortuyn door Volkert van de G. invloed op de populariteit van de namen Pim en Volkert?

Allereerst Volkert. Daar is geen enkel effect te zien. Maar dat komt omdat de naam Volkert al heel lang niet meer populair was. Vanaf ongeveer 1990 kregen maar 1 à 2 jongetjes per jaar de naam Volkert. Veel minder kan niet. Dan de naam Pim. De naam Pim was voordat Fortuyn populair werd al een redelijk populaire jongensnaam. Vanaf halverwege de jaren tachtig kregen ongeveer 250 jongens per jaar deze naam. De moord op Fortuyn bleek, zoals ik had verwacht, inderdaad een effect op de populariteit van de naam Pim te hebben, maar het was een ander effect dan dat deze wetenschappelijke onderzoeker had verwacht.

Pim

Ik had namelijk een lichte stijging verwacht maar het werd een daling. De populariteit van de naam Pim nam in de jaren direct volgend op de moord namelijk flink af. In 2002 halveerde het aantal Pimmetjes al ten opzichte van 2001 en in 2003 zakte het aantal nog verder in. Daarna nam de populariteit van de naam Pim jaarlijks weer licht toe, maar pas in 2009 zat de populariteit van de naam Pim weer op “het oude niveau”. Moord en een schattig baby’tje passen blijkbaar niet goed bij elkaar.

Tot zover dit wetenschappelijk onderzoek wat eigenlijk geen naam mag hebben.

Voornamen (2)

Even tussendoor – taalkundig gezien niet juist want ik begin er mee – ik had het in de blogpost van gisteren over de populariteit van voornamen, het Meertensinstituut heeft ook een site waar je kan zien hoeveel mensen er in 2007 (en in 1947) waren met een bepaalde achternaam. Wie dus wil weten hoeveel personen er zijn met haar/zijn achternaam, dit is de link: http://www.meertens.knaw.nl/nfb/

Zie hieronder bijvoorbeeld het overzichtskaartje voor de achternaam ‘de Vries’. In 1947 stonden er in totaal 49.658 mensen in de gemeentelijke basisadministraties geregistreerd met die achternaam; in 2007 was dit aantal opgelopen tot 71.099 stuks. Deze mensen waren als volgt verdeeld over de verschillende gemeentes.

De vries

Je kan zien dat er vooral in Friesland veel mensen met de naam ‘de Vries’ wonen (1391 mensen bijvoorbeeld in de gemeente Smallingerland tegenover 1184 in de gemeente Rotterdam). Of de Vries’en hebben (onbewust?) de neiging naar Friesland te trekken of ze zijn er nooit weggegaan. Uiteraard heb ik zelf ook even gekeken hoeveel mensen er met mijn achternaam in 2007 in Nederland rondliepen. Dat zijn er maar 254. We lopen dus nog wat achter op ‘de Vries’.

Maar terug naar de voornamen: op de site van de voornamen (http://www.meertens.knaw.nl/nvb/) kan je niet alleen zien hoeveel baby’s per jaar een bepaalde voornaam krijgen, maar ook kan je er zien hoeveel mensen in totaal in Nederland die voornaam hebben. Zo lopen er naast mij momenteel nog 20.000 andere Martin’s in Nederland rond. Onder het kopje ‘verspreiding’ kan je zien waar deze 20.000 Martin’s zijn geboren.

Martin grafiek

Redelijk verspreid dus. Zoals dan te verwachten is, zijn de meeste Martin’s in een grote stad geboren. Leuker is daarom niet te kijken naar de absolute aantallen per gemeente maar naar het percentage per gemeente, of te wel hoeveel procent van de mensen die in een bepaalde gemeente zijn geboren heeft de voornaam Martin (in mijn geval) gekregen. Dan zie je dat Martin een naam is die procentueel gezien wat vaker in het noorden dan in het zuiden wordt gegeven.

martin percentage

De inwoners van de gemeente Landsmeer zijn degenen die de naam Martin het vaakst aan hun kinderen hebben gegeven, 1% van de in Landsmeer geboren mannen (situatie 2014) heeft de voornaam Martin. Verstandige mensen daar in Landsmeer.

Als je een soortgelijke exercitie doet voor de naam Maria, dan krijg je het volgende opmerkelijke overzicht voor de aantallen mannen en vrouwen met de naam Maria als eerste naam, dan wel als volgnaam.

maria aantallen

Liefst 333.861 vrouwen in Nederland in 2014 hebben de naam Maria als voornaam en nog eens 1,1 miljoen vrouwen hebben Maria als een volgnaam. Ook bijna een half miljoen mannen hebben Maria als volgnaam en er waren in 2014 zelfs 641 mannen met de naam Maria als eerste naam. Dat het geven van de naam Maria (vooral) gerelateerd kan worden aan het katholieke geloof kan je wel zien als je naar het kaartje kijkt met het percentage ‘Maria’ als eerste naam per geboortegemeente.

Maria percentage

Heel Brabant en Limburg is donker gekleurd, dat wil zeggen dat de percentages daar boven de 5% liggen. Zo heeft liefst een kwart van de vrouwen die in 2014 nog leefden en die in de gemeente Gulpen-Wittem zijn geboren de voornaam Maria. Voor Maastricht als geboortestad ligt dat percentage op 10%. (Voor grote steden als Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht ligt het percentage ergens tussen de 3% en 4%.) Het zullen vooral oudere vrouwen zijn die de voornaam Maria hebben. Kregen in het jaar 1947 nog liefst 11.157 vrouwen in Nederland de voornaam Maria, in 2014 waren dat er nog maar 198.

Eigenlijk was het nu de bedoeling om verder te gaan op het verband tussen Oorlog, Moord, de goals van Marco van Basten tijdens het EK van 1988 en de populariteit van namen, maar daar hebben we helaas geen plaats meer voor. We verschuiven dat onderwerp – cliffhanger weer – wederom door naar een volgende blogpost .

Schapen tellen

Zo’n jaar of tien geleden zaten we een keer tijdens een werkoverleg te luisteren naar een ingehuurde consultant die uitlegde wat hij en de mensen van zijn bureau gingen doen opdat we weer het juiste pad zouden vinden. “We staan aan de rand van de afgrond maar doen nu een grote stap voorwaarts” dat soort kretologie. Het was iets wat we al jaar in jaar uit hoorden. Elk jaar zagen we een stoet consultants voorbij komen, die stuk voor stuk gewichtige (en vooral dure) rapporten opleverden waarin zaken stonden die we al lang wisten.

Op een gegeven moment maakte iemand zachtjes een mweh-geluid, waarop een groot deel van de groep in lachen uitbarstte. Onze manager keek ons kwaad aan, de consultant verbaasd. Wat deze laatste niet wist, was dat vlak voor de vergadering iemand een mailtje had rond gestuurd met het volgende verhaal:

Een herder hoedt zijn kudde schapen op een veld als hij een nieuwe Ferrari ziet naderen. De bestuurder, een man elegant gekleed in een pak van Versace, schoenen van Gucci, een bril van Ray Ban en een stropdas van Yves Sain-Laurent, stopt en leunt uit het raam. “Als ik jou precies vertel hoeveel schapen jij hebt, krijg ik er dan eentje van je?”, vraagt hij aan de herder. De herder kijkt de yup aan, kijkt naar zijn grote kudde en zegt: “Ok, waarom niet”.

De yup pakt onmiddellijk zijn laptop en verbindt deze via bluetooth met zijn I-Phone. Hij maakt verbinding met internet, surft naar een website van NASA, selecteert een navigatie systeem om zijn exacte positie te bepalen. Hij stuurt vervolgens de data naar een andere satelliet van NASA, die het hele gebied scant en hem een ultra scherpe foto stuurt. De yup opent Adobe Photoshop en stuurt de foto naar een laboratorium in New York dat hem na enkele seconden een E-mail stuurt op zijn Palm Pilot met de bevestiging dat de foto is bewerkt en opgeslagen. Via een ODBC connectie maakt hij verbinding met een MS-SQL database en in een sheet van Excel met honderden ingewikkelde formules laadt hij alle data via de E-mail van zijn Blackberry. Na enkele minuten genereert het programma een antwoord van 150 pagina’s in kleur en de yup drukt deze af op zijn mini HP laserjet. Hij kijkt de herder aan en zegt: “Je hebt exact 1586 schapen”.

“Dat klopt”, zegt de herder, “je mag een schaap uitzoeken”. De yup stapt uit, zoekt een dier uit en zet hem op zijn achterbank. Dan zegt de herder: “He, als ik jouw beroep raad, krijg ik dan mijn dier terug?” De yup denkt even na en zegt: “Ok, waarom niet”. De herder zegt: “Je bent een consultant.” “Ongelooflijk”, zegt de yup, “hoe weet je dat?” “Dat is niet zo moeilijk”, zegt de herder, “je verschijnt terwijl niemand daarom heeft gevraagd, je stelt een vraag waar niemand op zit te wachten en je wilt betaald worden voor het antwoord, terwijl ik dat antwoord al weet. Bovendien begrijp je helemaal niets van mijn werk. Dus geef me mijn hond terug”.

Aangezien mijn jongste dochter bezig is met een sollicitatie voor een bijbaantje op een consultancybureau, leek het me leuk om haar dit verhaal op te sturen. Ik had een online versie nodig en typte daarom op Google de zoektermen ‘consultant’ en ‘schapen’ in. Ik kreeg liefst 62.900 hits! Een aantal van die hits had overigens niks met het schaapherdersverhaal van doen, waaronder eentje van een managementconsultancybureau dat een onderzoek naar het imago van consultants presenteerde onder de titel ‘Consultants: zwarte schapen van het bedrijfsleven? Ik dacht dat dit een staaltje zelfspot van het bedrijf was, maar nergens in het verhaal zat een verwijzing naar het schaapsherderverhaal, waardoor ik denk dat het als serieuze kop was bedoeld, waardoor ik er juist weer erg om moest lachen.

schapen 1900

Een Australische consultant op zijn snelle paard te midden van een schaapskudde ; Foto genomen omstreeks 1900; Tyrrell Photographic Collection, Powerhouse Museum

Eén van de sites waar het verhaal wel (meervoudig) te vinden was, is http://www.verhalenbank.nl/ Dit is een site van het Meertens Instituut. Dit onderzoeksinstituut houdt zich bezig met de bestudering en documentatie van Nederlandse taal en cultuur en verzamelt onder andere verhalen. Op hun site kan je online meer dan 30.000 verhalen, sagen, moppen e.d. lezen. Dus wie zich verveelt, moet daar maar eens een kijkje nemen.

Ze kwalificeren de verhalen ook, delen ze in categorieën in en kijken of er soort gelijke verhalen bestaan. Of dit allemaal even nuttig is, weet ik niet, maar als ex-voorzitter van de VIENO (de Vereniging van Interessante Edoch Nutteloze Onderzoeken) kan ik zoiets wel waarderen. Van het schapenverhaal hebben ze liefst zeven verschillende versies online staan, telkens met een ander personage in de hoofdrol (en een ander aantal schapen).

meertens 1meertens 2

Zie boven hoe het Meertens Instituut aangeeft welke verhalen vergelijkbaar zijn en hoe ze deze verhalen indelen en zie onder drie vergelijkbare versies van het verhaal zoals ze op hun site staan (de codes e.d. zijn van het instituut),.

Identificatie code: MOP30034; datum september 1995; Onderwerp TM 8057 – Schapen raden, hond terug

Een man loopt op een dag door het platteland en komt een herder tegen met een hele grote kudde met schapen. Hij zegt tegen de herder: “Ik wed voor 100 gulden dat ik je precies kan zeggen hoeveel schapen er in deze kudde zitten. Als ik gelijk heb, krijg ik een schaap.” De herder denkt even na. Het is een grote kudde dus hij neemt de weddenschap aan. “973,” zegt de man. Dat is precies goed en de herder is dan ook erg verbaasd. “Ok,” zegt hij, “ik ben een man van mijn woord. Kies er maar een uit.” De man zoekt er een uit en wil weg lopen.  

“Wacht even,” roept de herder: “Geef me een kans om gelijk te maken. Het dubbele of niks als ik je precieze beroep kan raden.” De man stemt toe. “Jij bent bestuurder bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.” “Verbluffend!” zegt de man, “hoe heb je dat zo geraden?”

“Nou,” zegt de herder, “zet mijn hond neer en ik zal het je vertellen.

Identificatie code: MOP20496; datum 1996; Onderwerp TM 8057 – Schapen raden, hond terug

Een Belg is met vakantie in Schotland. Tijdens een wandeling ontmoet hij een schaapherder met een grote kudde schapen. De Belg vraagt aan de herder: “Als ik raad uit hoeveel schapen jouw kudde bestaat, mag ik er dan één hebben?” “Ja hoor,” zegt de herder. Waarop de Belg zegt: “167 stuks”.
Dat is precies goed. De Belg bedankt de herder, zoekt een mooi schaap uit, en loopt weg met het dier over zijn schouder. De herder rent achter de Belg aan, en vraagt: “Als ik raad uit welk land jij komt, mag ik dan mijn hond terug?”

 Identificatie code: MOP 40019; datum 1998; Onderwerp TM 8057 – Schapen raden, hond terug

Er was eens een blondje dat het zo beu werd om alsmaar naar moppen te luisteren over domme blondjes, dat ze besloot om haar haar kort te laten knippen en daarna bruin te verven. Een paar dagen later reed ze met haar auto door Drenthe, toen ze moest stoppen om een kudde schapen te laten oversteken. Vol bewondering keek ze naar die leuke wollige beesten en ze zei tegen de herder: “Als ik kan raden hoeveel schapen er in deze kudde zitten, kan ik er dan één uitkiezen?” De herder dacht: die raadt het nooit, en zei: “Natuurlijk!” Het blondje keek naar de kudde, dacht even na en zei: “352 schapen.” De herder sloeg achterover en terug van verbazing. Ze had precies het juiste aantal geraden.

“Je hebt het goed geraden en ik houd me aan mijn belofte. Dus kies er maar één uit.” Het blondje bekeek alle schapen in de kudde zorgvuldig en besloot uiteindelijk de leukste en meest speelse van allemaal te kiezen. De herder keek haar aan en zei: “Oké, nu heb ik een voorstel voor jou. Als ik de juiste kleur van je haar kan raden, kan ik dan mijn hond terugkrijgen?”

Voor wie zich afvraagt: waar ken ik dat Meertens Instituut toch van? Misschien van Het Bureau, een romancyclus in zeven delen van de Nederlandse auteur J.J. Voskuil. Hierin beschrijft hij nauwkeurig de dagelijkse gang van zaken op een instituut dat gebaseerd is op het Meertens Instituut. Voskuil werkte daar dertig jaar lang (tussen 1957 en 1987). Ik heb de boeken nog nooit gelezen, maar misschien moet ik dat toch maar eens doen.

Ronde getallen

Dit is de vijftigste blogpost.

50

Vijftig is een rond getal. Net zoals honderd of nul (al vinden sommige mensen dat laatste getal helemaal niets). Mensen hebben iets met ronde getallen, winkeliers – ok, dat zijn ook mensen – niet. Iets kost nooit 2 euro maar altijd 1,99 euro. Ook bij grote bedragen zie je dat: een auto kost 9.990 euro in plaats van 10.000 euro. Alsof dat tientje zou uitmaken. Maar het is de psychologische grens, een tientje meer en het artikel lijkt opeens veel duurder. Bij heel luxe statusobjecten zie je het echter wel eens andersom. Dan ligt de verkoopprijs juist net boven zo’n grens. Een Ferrari kost dan 301.000 euro en geen 299.000 euro.

De psychologie van de ronde getallen speelt vooral in de beurswereld een grote rol. “Ook vandaag kon de AEX-index de grens van 500 punten niet doorbreken”. Blijkbaar tellen 499 en 501 niet als grens. Ronde getallen vormen ook vaak een soort “weerstandspunt” voor indices en aandelenkoersen. De koers van het aandeel “heeft dan moeite” om boven dat getal uit te komen. Maar is het eenmaal gelukt, dan geldt het andersom. Het ronde getal geldt dan opeens als een ‘steunpunt’ voor de koers. “Het aandeel Floppie zakte even door de grens van 100 euro maar sloot daar weer net boven”.

Dat dit psychologisch effect van ronde getallen in de effectenwereld inderdaad bestaat, viel goed te zien toen in januari 1999, vooruitlopend op de invoering van de euro twee jaar later, de koersen van aandelen alvast ook in euro’s werden weergegeven. Het effect – met dit woord wordt hier het woord ’gevolg’ bedoeld; niet het aandeel zelf – was dat er ”nieuwe ronde aandelenkoersen” ontstonden. Was eerst 100 gulden een weerstandspunt na de invoering van de euro werd dat 50 euro. Een koers van 45,39 euro (het oude 100 gulden bedrag) was van de ene op de andere dag geen psychologische drempel meer.

Een ander psychologisch effect van ronde getallen is dat mensen een rond getal als uitkomst van een berekening of een telling wantrouwen. Zo verklaarde bij de laatste verkiezingen in Afghanistan een kandidaat van de oppositie dat er beslist was gefraudeerd. In zijn regio had de kandidaat van de regering exact 1000 stemmen. Dat moest fraude zijn vond hij. Zo’n rond getal kon niet. Ongetwijfeld was er fraude geweest, maar een uitkomst van precies 1000 kan nu eenmaal gebeuren.

Hoewel, ik kan wel met hem meevoelen. Ik heb het zelf ook een keer gehad. Ik moest voor mijn werk een kostprijs van een bepaald product uitrekenen en toevallig kwam er exact 1000 euro uit, geen euro meer en geen euro minder. Dat kan natuurlijk, waarom zou het niet precies 1000 euro zijn? Toch vond ik deze uitkomst niet fijn. Mensen zouden kunnen denken dat ik maar wat gokte en de kostprijs niet goed kon onderbouwen. Ik veranderde daarom één variabele een heel klein beetje en toen had ik een kostprijs van 1002 euro. Mooi, zo’n uitkomst kon ik veel beter ‘verkopen’.

Ai! Ik zie opeens dat dit niet de vijftigste blogpost is maar de negenenveertigste.

50,1

Oeps, verkeerd geteld, maar aan de andere kant gelukkig maar. Geen mens zou geloven dat het toeval is dat uitgerekend de vijftigste blogpost over ronde getallen gaat. Maar dit is dus de negenenveertigste en dat die toevallig over ronde getallen gaat, tja dat kan gebeuren.

Ampelmannetjes

In Berlijn en in de rest van het voormalige Oost-Duitsland heb je de ‘Ampelmännchen’. Dat zijn de figuurtjes die daar op de voetgangersstoplichten staan. Ze zijn in 1961 ontworpen door de Oost-Duitse verkeerspsycholoog Karl Pegla – hij overleed in 2009 op 82-jarige leeftijd.

ampelman 3  ampelman 1

De mannetjes moesten het verkeerslichtensysteem in de DDR veiliger maken. In tegenstelling tot de westerse stoplichtmannetjes maken de ampelmannetjes een veel vrolijker en energieker indruk. De mannetjes dragen zelfs een hoed. Het schijnt dat de ontwerper het idee voor deze hoed kreeg, nadat hij Walter Ulbricht, de toenmalige DDR-baas, op tv een strooien hoed zag dragen. Later fungeerden de mannetjes op tv in een kinderprogramma om de kinderen in Oost-Duitsland de verkeersregels te leren.

Na de hereniging van de beide Duislanden verdwenen de Ampelmannetjes echter langzaam maar zeker uit het Duitse verkeersbeeld. Ze maakten steeds vaker plaats voor de saaie West-Duitse figuurtjes.

ampelman 0

Dit tot ongenoegen van veel voormalige Oost-Duitsers. Er werd in 1996 zelfs een comité opgericht met de naam ‘Rettet die Ampelmännchen’. Het comité had succes. Dat kwam mede omdat het actiecomité de argumenten aan haar zijde had. Niet alleen was uit verkeersonderzoeken gebleken dat de Oost-Duitse mannetjes meer geschikt waren voor hun vak –  bij stoplichten met Ampelmannetjes gebeurden minder ongelukken dan bij de westerse stoplichten –  maar ook verschaften de Ampelmannetjes duizenden voormalige Oost-Duitse burgers werk.

Niet iedereen is overigens geschikt om als Ampelmannetje in een stoplicht te fungeren. Zo maakt onderstaand persoon er niks van.

ampelman 4

Je moet als Ampelmannetje natuurlijk wel goed binnen je frame blijven lopen.

Een deel van de Ampelmannetjes werd teruggeplaatst en ook verschenen er in diverse plaatsen in het westen Ampelmannetjes. Kon je bijvoorbeeld vroeger in Berlijn aan de hand van de Ampelmannetjes zien of je je in het voormalige West- of Oost-Berlijn bevond, tegenwoordig kan dat niet meer.

Het zijn overigens niet alleen meer mannetjes. Sinds 2004 zijn er bijvoorbeeld in Dresden, Zwickau en Fürstenwalde ook Ampelmädchen – met rokje en vlechtjes – te zien.

ampelmvrouw

Foto: Iago4096; Wikipedia

En in Ehrfurt regent het blijkbaar veel, gezien dit mannetje met paraplu

ampelman ehrfurt

Foto Michael Sander; Wikipedia

In Berlijn heeft het Ampelmannetje inmiddels een cultstatus bereikt. Je hebt er diverse winkels die allerlei spullen verkopen met de afbeelding van de mannetjes er op. Is dit nou een overwinning van het kapitalisme op het communisme of zegeviert hier toch stiekem het communistische ampelmannetje?

Overigens in Portugal ging men in 2014 bij een proef nog een stap verder dan het vrolijke Ampelmannetje. Om te zorgen dat men niet door het rode licht liep maar er naar bleef kijken, liet men het rode stoplichtmannetje dansen.

De proef was succesvol. 81% meer mensen bleef voor het stoplicht wachten.

 

Zonsverduistering

Gisterenavond keken we naar ’Floortje naar het Einde van de Wereld’, het reisprogramma van Floortje Dessing  Ze was op Spitsbergen. Uit de beschrijving op de site van Televizier:

“Een koud en donker avontuur voor Floortje Dessing in Floortje naar het einde van de wereld. Ze vertrekt naar het ijskoude Spitsbergen voor een ontmoeting met Aleksandr. Deze Rus woont in het zo goed als uitgestorven stadje Pyramiden. Vroeger was het een bloeiende mijnwerkersstad, die op het hoogtepunt ongeveer duizend inwoners had. Toen de steenkoolvoorraden waren uitgeput, vertrokken die weer grotendeels, een spookstad achterlatend.

De gebouwen bleven staan en zijn nu ontdekt door toeristen. Steeds meer geïnteresseerden komen per boot of per sneeuwscooter naar het plaatsje. Maar dat gebeurt in de zomer, als er daglicht is en de bittere winterkou is vertrokken. Maar in de winter is het er duister en uitgestorven. Hoe overleeft Aleksandr in dit onherbergzame oord?”

 Het werd een fascinerend portret van Aleksandr. Het was een lieve maar eenzame man die als hij buiten was de hele tijd met een jachtgeweer rondliep omdat er meer ijsberen dan mensen leefden. De uitzending trok 1,8 miljoen kijkers. Alleen het achtuurjournaal trok meer kijkers. Het was meer dan terecht dat er zoveel mensen keken. Kijk het terug in ‘Uitzending Gemist’ zou ik zeggen.

We zagen in de uitzending ook hoe Floortje op Spitsbergen een volledige zonsverduistering mee maakte. Een schitterend gezicht om te zien. Het is als jarenlang een wens van mij om ook een keer zoiets te zien.

Zonsverduistering

Een foto van de totale zonsverduistering zoals deze in 1999 te zien was in Frankrijk (foto van Luc Viatour / www.Lucnix.be; afkomstig van de Wikipedia).

Nu wil het toeval, dat gisteren in de mail een (ongevraagde) aanbieding van een reisorganisatie zat voor een Eclipsreis Indonesië onder begeleiding van de astronaut André Kuipers.

“Astronaut André Kuipers weet als geen ander wat reizen uniek maakt.”

andre kuipers reis

Ai, de prijs van de reis is wel een beetje aan de hoge kant voor een 12-daagse reis (eigenlijk maar negen dagen want de rest zijn vluchtdagen). Met zijn tweetjes zouden we zo’n kleine 16.000 euro kwijt zijn. Ik heb even een snelle natte-vinger-berekening zitten maken. Volgens de site van KLM heb je op de reisdagen van deze trip voor minder dan 800 euro per persoon een non stop retourvlucht naar Bali. Daar komen nog eens twee binnenlandse vluchten bij en wat lokaal vervoer. Laten we eens ruim doen en stellen we de totale reiskosten op 1200 euro per persoon, met zijn tweetjes zijn we dan aan reiskosten 2400 euro kwijt.

Er zijn negen hotelovernachtingen. Laten we eens vreselijk duur doen: 400 euro per nacht voor een tweepersoonskamer met alles er om heen. Dat is voor negen nachten 3600 euro. Bij elkaar zitten we nu op 6000 euro. Resteert nog tienduizend euro. Laat er nog eens voor 1000 euro aan excursies inzitten en geven we de reisorganisatie 25% van het budget (4000 euro) voor hun onkosten en winst, dan resteert er van onze 16.000 euro nog altijd 5000 euro. Dat zal dan bestemd zijn voor André Kuipers. Er zijn 24 deelnemers. Dat wil zeggen dat André Kuipers ongeveer 60.000 euro voor zijn aanwezigheid en praatje tijdens deze reis ontvangt. Dat heeft hij goed onderhandeld!

 We laten deze reis maar aan ons voorbij gaan. Toch gaan we een zonsverduistering bekijken. Alleen niet deze maar degene die in 2017 in Amerika te zien is. Op 21 augustus 2017 zal er namelijk een volledige zonsverduistering te zien zijn in Amerika. De eerste voorlopige reisplannen worden door ons al gemaakt. Het zal waarschijnlijk een reis worden die twee keer zo lang gaat duren als die Eclipsreis naar Indonesië maar wel tegen de helft van de kosten.

Misschien komen we André Kuipers wel tegen onderweg.

Twee helden

Op de openbare lagere school van mijn dochters zaten veel moslim-kinderen. En net zo als dat geldt voor de niet-moslim kinderen waren de ouders van deze kinderen soms heel betrokken bij de school en soms totaal niet. Zo had één van de moslimjongens uit de klas van mijn dochter een vader die werkelijk elke keer voorop liep bij activiteiten op school. Wie was er bij voorbeeld als het sneeuwde bij een feest toch buiten bezig met het ophangen van de feestverlichting? Hij dus. Wacht nou even totdat het droog wordt, zeiden we. Nee, hij vond het niet erg om nat te worden; anders zou het misschien niet op tijd af komen. Zo’n iemand was het.

Aan de ander kant was er ook een jongetje wiens vader een omstreden iman was. Er was altijd veel rumoer om hem. Er waren politici die riepen dat hij het land uit moest, zo omstreden was hij. Hij had een zoontje dat nooit aan schoolactiviteiten mocht mee doen. Zo was er bijvoorbeeld in de week voor de kerstvakantie altijd ’s avonds een diner op de school voor de kinderen. Alle kinderen van de klas waren er, behalve het zoontje van de iman.

Ik vraag me wel eens af hoe het nu, zo’n vijftien jaar later, gaat met deze twee kinderen, het zoontje van de vader die altijd voorop liep met helpen en het zoontje van de iman. Hoe zouden ze zich ontwikkeld hebben? In de geest van hun ouders of toch heel anders?

Iets anders: Kent u Everett A. Stern? Waarschijnlijk niet. Ik tot een uurtje geleden gelukkig ook nog niet. Hij is een van de twee kandidaten in de republikeinse voorkiezingen voor de post van senator namens de staat Pennsylvania. De andere is de zittende senator Pat Toomey. Ik mag echt hopen dat die Toomey de republikeinse voorverkiezing wint, want Stern twitterde vorige week donderdag na de bomaanslagen in Beiroet:

aansla Beiroet

Hij vond de bomaanslag goed nieuws!!! (die drie uitroeptekens zijn van hem; niet van mij). Hij heeft ook een oplossing hoe je terroristen kan bestrijden.

aansla Beiroet 2

Zo’n type dus. Voor wie wil weten hoe een deel van die dode “Hezbollah-terroristen” van Stern er uit zien, dit zijn een aantal van de slachtoffers van de bomaanslagen in Beiroet.

aansla Beiroet 3

Er zitten verpleegsters, studenten, kinderen, een schoolleraar, een winkelier en ook een Syriër, die het geweld uit Syrië was ontvlucht, tussen.

De foto van het meisje dat een foto van haar overleden vader vasthoudt staat niet voor niets wat groter afgebeeld dan de rest. Hij, Adel Termos, is namelijk een echte held, maar wel een overleden held. Nadat de eerste bom af ging, verzamelden zich een hoop mensen bij de rampplek. Dat was het moment waarop een tweede zelfmoordterrorist had gewacht om zijn bomgordel af te laten gaan. Adel Termos zag hem echter aan komen lopen en stortte zich bovenop hem, een actie die hem zijn eigen leven kostte, maar waarmee hij veel levens redde.

In sommige Nederlandse kranten stond een klein stukje over deze heldendaad. Soms werd er ook bij vermeld dat zijn dochtertje ook bij de aanslag was omgekomen. Dat blijkt dus gelukkig niet het geval te zijn. Ik las dat laatste op de site van een zekere Elie Fares, een blogger uit Libanon, op wiens site ik toevallig terecht kwam toen ik via Google informatie over Adel Termos zocht. Elie Fares schreef niet alleen over Adel Termos en zijn dochtertje maar ook over Abou Ali Issa uit Libië. Daar heeft u, net als ik, ongetwijfeld ook nog nooit van gehoord.

Deze vader van zeven kinderen redde met een soortgelijke actie als die van Adel Termos in Beiroet bij een bomaanslag op 15 januari 2015 in Tripoli het leven van tientallen mensen. Ook daar was een terrorist die zichzelf opblies (acht doden), gevolgd door een tweede zelfmoordenaar die zich in de grote groep van toegestroomde mensen wilde opblazen.

En net zoals Adel Termos zag Abou Ali Issa de man aankomen en stortte zich met zijn lichaam op hem en redde daarmee tientallen mensen het leven. Daarom ter ere van deze twee overleden helden – over een jaar zijn ze ongetwijfeld vergeten; dat mag niet gebeuren – hierbij hun portretten.

aansla Beiroet 4 aansla Beiroet 5

Links: Abou Ali Issa, overleden op 15 januari 2015 in Tripoli, Libië; Rechts: Adel Termos , overleden op 12 november 2015 in Beiroet, Libanon

Het leven gaat door. Hoe zal over vijftien jaar het leven van het dochtertje van Adel Termos er uit zien?

Over fietsen op het Binnenhof en Atlassen

Als je over het Binnenhof fietst, dan is het altijd opletten geblazen. Een hoop toeristen hebben niet in de gaten dat je er ook mag fietsen. Vooral met elkaar fotograferende Japanners en Chinezen heb je voor je het weet een cultuurbotsing.

Gisterenmiddag was het extra opletten, want onder een zaaltje van de Ridderzaal was blijkbaar een afscheidsreceptie van een hoge ambtenaar. Bij de ingangspoort zag ik een tweetal vrouwen staan die allebei een kistje met een fles wijn bij zich hadden. Even verderop bij het Mauritshuis stopte een dienstauto, waaruit een gedistingeerde man uitstapte met in zijn hand ook al een fles wijn in een kistje. Werd hier afscheid genomen van een notoire alcoholist of was het geven van een fles wijn in een kistje bij een afscheid soms een richtlijn van het ministerie?

Thuis gekomen besloot ik hier even op te googlelen. Het leverde niet veel op. Ik trof alleen een toespraak aan van minister-president Rutte bij het afscheid van Saskia Stuiveling als president van de Algemene Rekenkamer op 28 mei 2015 in Den Haag, waarin hij zei:

Beste Saskia, in plaats bloemen en een kistje wijn heb ik voor je meegenomen een nieuw in stellen ‘Stuiveling Open Data Award’, …..”

Maar dus niks over een richtlijn voor het geven van een fles wijn in een kistje bij een afscheid. Wel gaf Google een hit met daarin de resultaten van een WOB-verzoek van iemand die blijkbaar nieuwsgierig was naar de representatiekosten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Continue reading Over fietsen op het Binnenhof en Atlassen

Aan de kant gaan

Op internet kom je regelmatig de volgende radioconversatie tussen tussen Canadese en Amerikaanse  autoriteiten tegen.  Ik mag zo’n verhaal graag lezen.

‘This is the transcript of the ACTUAL radio conversation of a U.S. naval ship with the Canadian authorities off the coast of Newfoundland. The Chief of Naval Operations on October 10th 1995 released the radio conversation.’

Canadians: Please divert your course 15 degrees to the South to avoid a collision.

Americans: Recommend you divert your course 15 degrees to the North.

Canadians: Negative. You will have to divert your course 15 degrees to the South to avoid a collision.

Americans: This is the Captain of a US Navy ship. I say again, divert YOUR course.

Canadians: No. I say again, you divert YOUR course.

Americans: THIS IS THE AIRCRAFT CARRIER USS LINCOLN. THE SECOND LARGEST SHIP IN THE UNITED STATES ATLANTIC FLEET. THREE DESTROYERS, THREE CRUISERS AND NUMEROUS SUPPORT VESSELS ACCOMPANY US. I DEMAND THAT YOU CHANGE YOUR COURSE 15 DEGREES NORTH, I SAY AGAIN, THAT’S ONE FIVE DEGREES NORTH, OR COUNTERMEASURES WILL BE UNDERTAKEN TO ENSURE THE SAFETY OF THIS SHIP.

Canadians: We are a lighthouse. Your call.

Uiteraard is het een broodjeaapverhaal dat op diverse plaatsen en in diverse vormen opduikt. Vandaag zag ik opeens op Youtube dat er in 2007 zelfs een filmversie van is verschenen. Het was een reclamefilmpje van een Zweeds bedrijf dat navigatieapparatuur voor op zee en voor op land maakt.

Prachtig weergegeven.

De geschenkenspijker

Op 5 juni 2003 zijn Tineke en Nico getrouwd. Wie dat zijn? Geen flauw idee. Maar dat Tineke en Nico op die dag zijn getrouwd, weet ik dankzij een bezoek aan een kringloopwinkel in de buurt. In het gangpad van de boekenafdeling zag ik namelijk dit ingelijst borduurwerk op de grond staan.

borduurwerk

Ik vermoed dat een tante of een grootmoeder van de bruid dit met nijvere vlijt heeft geborduurd. “Oh tante Jo, wat prachtig, wat een werk”. Dat het hier nu te koop staat, heeft iets tragisch. Wat is er gebeurd?

Ik gok dat ze nu gescheiden zijn en dat het Tineke is die het naar de kringloopwinkel heeft gebracht. Ze wou het niet meer in huis hebben, maar kon het niet over haar hart verkrijgen om het in de vuilnisbak te kieperen – daar lag haar huwelijk al – en dat ze het daarom naar de kringloopwinkel heeft gebracht. Misschien kan iemand de lijst nog gebruiken.

Maar dit is speculeren. Wellicht zijn Tineke en Nico nog steeds gelukkig bij elkaar, is tante Jo onlangs overleden en hebben Tineke en Nico bij een opruimbeurt besloten dat ze het nu naar de kringloopwinkel konden brengen zonder het risico te lopen dat tante Jo bij een bezoek zou vragen: “Hebben jullie nog mijn geschenk voor jullie trouwen? Ik zie het niet meer in de gang hangen.”

Vrienden van ons hadden voor zulke cadeaus een geschenkenspijker in de gang. Dat was een spijker waaraan ze schilderijen, foto’s, borduurwerkjes en andere goedbedoelde giften konden hangen die ze ooit van familieleden hadden gekregen en die ze niet voor het hoofd wilden stoten. Als tante Pietsie op bezoek zou komen, dan zochten ze in de kast haar borduurwerkje op en hingen het aan de geschenkenspijker op. Als tante Pietsie weer weg was, verdween het weer in de kast

Koffie Kaal

Op zoek naar het bestandje waar ik op zoek naar was – dat klinkt een beetje zoekende – kom ik op de back-up van de harde schijf van een oude pc niet alleen mijn ingezonden brief naar de Volkskrant uit 2007 tegen (zie het vorige blog), maar ook een gescand stripverhaaltje dat één van mijn dochters in 2010 even snel tijdens het eten had geschetst.

Ik vertelde toen dat ik die dag behoorlijk had geblunderd op kantoor. Tijdens het halen van de koffie had ik namelijk aan een collega gevraagd of hij koffie kaal wou (ik bedoelde koffie zwart). Nou was die verspreking niet erg ware het niet dat die collega volledig kaal was. Op het moment dat ik die woorden uitsprak, realiseerde ik mij mijn vergissing en ik moet zeggen dat mijn dochter die blik waarmee ik hem toen aankeek goed heeft weergegeven.

Koffie Kaal

Ouderdom (2)

Vond ik gisteren zestig jaar al oud, vandaag staat er in De Volkskrant een artikel over een bijeenkomst van 100-plussers. Verslaggever Toine Heijmans schrijft over een onderzoek van dr. Henne Holstege van het VUmc Alzheimercentrum. In het kader van haar onderzoek volgt zij 150 fitte honderdplussers. Ze wil graag weten waarom deze mensen gezond honderd jaar en ouder worden, terwijl anderen ter prooi vallen aan Alzheimer. Zesentwintig van deze krasse knarren (mijn woorden) zijn bij elkaar gekomen in de dierentuin in Rhenen. Ze worden toegesproken door de dokter. Ze had verwacht, zo schrijft Toine Heijmans, dat tijdens haar onderzoek een behoorlijk aantal van haar onderzoekspopulatie snel zou sterven: “Maar u sterft helemaal niet! U bent er nog steeds

Volgens de dokter is honderd worden een kwestie van geluk hebben, het zou vooral in de genen zitten. Ik hoop dat er ook nog andere factoren zijn, want voor wat betreft mijn genen zit ik een beetje problematisch. Aan de vrouwelijke kant zit ik nog wel redelijk goed (mijn ene oma werd 97 jaar, mijn andere oma 86 jaar; mijn moeder 88 jaar) maar aan de mannelijk kant sta ik er niet zo goed voor: weliswaar telt de 65 jaar van mijn vader niet echt (hij stierf aan de gevolgen van een verkeersongeval) maar mijn opa’s zijn allebei niet ouder geworden dan 75 jaar. Van de genen moet ik het dus niet hebben, maar wellicht is er nog een andere factor die bijdraagt aan een hoge leeftijd.

Daarom maar eens op Google gezocht op interviews met honderdplussers en gekeken of er een GGD is om oud te worden. (Met een GGD bedoel ik in dit geval niet de ‘Gemeentelijke Gezondheidsdienst’ maar de Grootste Gemene Deler.) Is er een factor die deze eeuwelingen gemeenschappelijk hebben?

Op het AD tref ik een artikel aan uit maart 2014 over de op dat moment oudste levende mens ter wereld, de 116-jarige Japanse Misao Okawa. Haar geheim om oud te worden: “Eet veel sushi, slaap acht uur per nacht en blijf altijd rustig”. Ook mocht ze graag makreel eten. Een jaar later werd ze naar aanleiding van haar 117e verjaardag wederom geïnterviewd. Haar geheugen was er in dat jaar blijkbaar behoorlijk op achteruit gegaan, want toen ze weer de vraag naar het geheim van haar lange levensduur kreeg, antwoordde ze deze keer: ”Daar ben ik ook nieuwgierig naar.” Ze overleed een paar weken later.

Maar goed, die vis spoort wel met wat Hendrikje van Andel-Schippers – zij is 115 jaar oud geworden en daarmee de oudste Nederlander ooit (“Ik ben te vroeg geboren en ga te laat dood” zei ze ooit eens als grap) – als verklaring gaf waarom ze zo oud was geworden. Zij zei in een interview dat ze haar hoge leeftijd te danken had  aan pekelharing. Sushi, makreel, pekelharing, wil ik wel oud worden? Ik hou helemaal niet van vis.

Gelukkig is er ook nog Jeanne Calment. Nooit is er iemand ouder – althans officieel erkend –  geworden dan deze Française. Ze werd 122 jaar en 164 dagen. Haar geheim: veel olijfolie (zelfs als huidzalf), flink wat port en chocolade. Vooral die chocola bevalt mij wel. Overigens is Calment ouder geworden dan dat volgens de Bijbel mogelijk is. Volgens Genesis 6.3 kan de mens namelijk niet ouder worden dan 120 jaar: “Toen zeide de HEERE: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met den mens, dewijl hij ook vlees is; doch zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaren.” Calment sprak dan ook altijd de laatste twee jaar van haar leven: “God is mij vergeten”.

Momenteel is met haar 116 jaar, de Amerikaanse Susannah Mushatt Jones, geboren op 6 juli 1899, de oudst levende mens ter wereld. Haar geheim is veel slapen. Per 6 oktober 2015 ziet de lijst van de oudst geworden mensen ter wereld er volgens de Wikipedia als volgt uit. De groen gearceerde zijn de nog levende mensen.

Oudste mensen

(Even klikken op deze lijst om hem goed te kunnen lezen)

Als je de tabel bestudeert, dan zie je dat er nog maar twee personen in de wereld leven die in de negentiende eeuw zijn geboren. De op twee na oudste nog levende persoon (de derde groen gearceerde) is in 1900 geboren.

Tot slot, ik moet opeens denken aan de oma van een jongen uit mijn studentenflat. Zij zat in een bejaardenhuis en had nog maar één doel in haar leven. Ze wilde de oudste persoon in haar bejaardentehuis worden, maar helaas voor haar woonde er in het bejaardentehuis nog een man die ouder was dan zij. Elke keer als haar kleinzoon bij haar op bezoek kwam, vroeg ze: ”Is die verrekte vent nou nog niet dood?”

Ouderdom

Toen ik 17 was, werd ik lid van Amnesty International en 43 jaar later ben ik dat nog steeds. Blijkbaar denken ze bij Amnesty International dat het leven bij zestig eindigt en niet begint, want ik krijg een brief met een uitnodiging voor een bijeenkomst waarin uitgelegd wordt hoe je via legaten een deel van de erfenis aan hun kan schenken. Heel fijn, ga ik dus mooi niet heen.

En alsof dat nog niet genoeg is, krijg ik even later een mailtje van Henk Spaan van het blad ‘Hard Gras’, of ik even mijn leeftijd wil doorgeven aan een redacteur. Ik heb voor hun voor het komende nummer een stuk (over het voormalige jeugdhuis van Go Ahead Eagles) geschreven. Van alle auteurs waarvan een bijdrage is opgenomen staat altijd een korte biografie in het blad vermeld (“Aan dit nummer werkten mee…”. ) met tussen haakjes hun leeftijd.  (Thomas Heerma van Voss (24)…, Erik Brouwer (42)…, Frank Heinen (29)…, Martin van Neck (60)…)  Ik heb geantwoord dat ik tegenwoordig zeg dat ik van de zomer voor de tiende keer vijftig ben geworden, maar dat de burgerlijke stand dat 60 noemt. Gelukkig schrijft Jan Mulder er ook af en toe in en die is 70.

Niet dat ik in een midlifecrisis zit. Als dat zo was, dan zou ik immers 120 worden, maar zestig voelt opeens toch oud. Dat had ik niet toen ik vijftig werd, toen voelde ik mij helemaal geen zestig!

JeanneCalmentaged22

Jeanne Calment, de oudste vrouw ooit ter wereld op 22-jarige leeftijd. Ze zou na het nemen van deze foto nog 100 jaar leven.

Nu heeft oud worden ook gelukkig voordelen. Een klein voorbeeldje: vrijdagavond is onze misdaadavond. Om misverstanden te voorkomen, dat wil niet zeggen dat Marianne en ik dan een bivakmuts opzetten om oude vrouwtjes te gaan beroven, maar dat we dan op tv naar misdaadseries kijken. Dat begint met Flikken Maastricht (dat tot nu toe nog geen sterk seizoen doormaakt), waarna we overschakelen naar Net5 voor twee afleveringen van ‘Without a Trace’.

Dat laatste is een Amerikaanse misdaadserie waarin een afdeling van de ‘Missing Persons Unit (MPU)’ van de FBI in New York verdwijningen oplost. De serie liep in Amerika van 2002 tot 2009 en wordt in Nederland door Net5 uitgezonden. Omdat de serie al lang is afgelopen, zenden ze herhalingen uit en tegenwoordig herhalingen van de herhalingen. Een hoop afleveringen hebben we dus al gezien. Het gebeurt dan ook regelmatig dat we zeggen ‘Oh ja, deze herken ik, die hebben we al gezien, maar dat we – het zal de ouderdom zijn – niet meer weten hoe het ook al weer ging en we dus gewoon weer kunnen kijken.  Sir Norman Wisdom, een Engelse komiek en acteur  – hij werd 95 –   zou in dat geval zeggen: “Als je ouder wordt, gebeuren er drie dingen: ten eerste gaat je geheugen achteruit, en ik kan me niet herinneren wat die andere twee dingen zijn”.

En nu we toch aan het citeren zijn (“Spreken in spreuken past de ouderdom”; Aristoteles) ene Auber zei ooit eens: “Het is vervelend oud te worden, maar het is het enige middel om lang te leven. ” Zo is het maar net en nu zou ik hier nog een hele lading citaten over ouderdom kunnen plaatsen (“Als je morgen even oud bent als vandaag dan ben je dood”; Toon Hermans) maar dat doe ik niet. Dit in de geest van R. Quillen: “Je wordt oud als je lichaam korter wordt en je verhalen langer”.  Dus ik stop met dit verhaal. Ik ben niet oud!

De Gamma

Net als de andere echte mannen, sta ik af en toe voor de keuze: waar koop ik mijn gereedschap, bij de Gamma of bij de Karwei? Voor het specifieke gereedschap wat ik nu wil kopen, is de keuze echter niet zo moeilijk, dat is de Gamma.

Als ik de zaak binnenloop kan ik nog net een grote houten schuttingpaal ontwijken die een man op zijn schouders naar buiten draagt. Binnen zie ik een jongeman in schilderskleding, de verf druipt er zo ongeveer nog van af, naar de blikken verf toe lopen. Was  de muur groter dan gedacht of was de pot te klein? Of heeft hij net zo’n vrouw als ik? Deze opmerking vraagt wellicht enige toelichting. Het zit zo.

Toen Marianne 23 jaar geleden zwanger was van onze oudste dochter, moesten de kozijnen en de deurpost van de  toekomstige kinderkamer een fris nieuw verfje krijgen. We kozen een mooi kleurtje uit en ik ging aan het werk. Toen het klaar was, bekeek Marianne het resultaat en sprak de historische woorden: “Oh, het is toch niet helemaal geworden wat ik gedacht had”. Geen probleem, we kozen een andere kleur uit en ik ging weer aan het werk. U raadt het al: het resultaat was hetzelfde. Of ik het heel erg vond, om het nog een derde keer te doen? Nu geldt bij ons thuis het zelfde als wat Woody Allen ooit eens zei: “Thuis ben ik de baas, mijn vrouw mag alleen de beslissingen nemen.” dus ik heb het nog een keer overgeschilderd (“maar dit is echt de laatste keer!”) en toen was het goed.

Maar goed, ik kom niet voor verf. Zagen, Engelse sleutels, hamers en boormachines moet ik hebben. Ze liggen in een zakje bij de kassa. Voor het geval u nu denkt, waar heeft hij het over? Klusdrop! De Gamma heeft drop in de vorm van gereedschap en eerlijk is eerlijk: het is de lekkerste drop van Nederland.

drop