All posts by Martin

Een filmscenario

Er staat op de maan momenteel een Chinese voertuigje dat daar een gat van twee meter diep boort om stenen te verzamelen om die mee terug naar de Aarde te nemen.

0 china 2

Ik zie een filmscenario voor mij.

1. China boort op de maan. Tijdens het boren ontsnappen wat luchtbelletjes uit het gat. Nadat het Chinese voertuig vertrokken is, blijkt dat het een gigantische gasbel heeft aangeboord.

2. Het gas ontsnapt steeds sneller. De krachtige luchtstroom gaat als een soort stuwraket fungeren en duwt de maan heel langzaam richting aarde. Aanvankelijk heeft niemand iets in de gaten, behalve een gescheiden Amerikaanse geleerde die ergens helemaal alleen in een bos woont.

3. Hij heeft een foto van zijn ex-vrouw aan de wand hangen. Het valt de man op dat het maanlicht op zijn trouwdag om twaalf uur ’s nachts niet meer precies op het hart van zijn vrouw schijnt. Eerst denkt hij dat de foto niet goed hangt, maar het stof er om heen weerspreekt dat.

4.  De man gaat allerlei berekeningen maken en komt tot de conclusie dat de maan richting aarde beweegt. Hij begrijpt niet waarom totdat zijn oog valt op een Chinees propagandafilmpje op internet waarop hij wat ontsnappende luchtbelletjes ziet. Dan snapt hij wat er is gebeurd.

5. Hij probeert de overheid te waarschuwen maar niemand gelooft hem. Dan belt hij zijn ex-vrouw, een NASA-astronaute die hem ook eerst niet gelooft, maar zich toch laat overtuigen. Zij slaagt er wel in om de autoriteiten te waarschuwen voor de komende wereldramp.

6.  Er wordt met grote spoed een reddingsmissie naar de maan gestuurd om het gat te dichten. Aan boord een computernerd, een roekeloze geoloog die samen met de geleerde, die toevallig een expert is in het dichten van gaten, het gat gaat dichten, de missieleider die het niet zitten in de plannen van de geleerde en twee astronauten: zijn ex-vrouw en haar nieuwe vriend, toevallig ook een astronaut. Dat geeft de nodige spanningen aan boord.

0 acteursDe helden die de wereld gaan redden op een persconferentie vlak voor het vertrek naar de maan: van links naar rechts: Brad Pitt (een roekeloze geoloog ), George Clooney (de geleerde), Matt Damon (een computernerd), Andy Garcia (de nieuwe vriend van de ex), Julia Roberts (de ex) en Steven Soderbergh (de missieleider).

7. De missie landt op de maan. De wereld wacht gespannen af. Het dichten van het gat is geen gemakkelijke opgave. Veel weg schietende brokken maansteen. De geoloog raakt na een gevaarlijke actie waarbij hij de geleerde redt gewond en kan niet verder. Uiteindelijk slagen de overige leden van het team er in om het gat te bereiken. Ze moeten er in afdalen. Omdat de geoloog er niet meer bij is, daalt de nieuwe vriend van de ex-vrouw nu samen met de geleerde af in het gat om het met een soort plofstof te dichten.

8. Ze kunnen niet bij de goede plek komen. Daarom offert één van de twee zich op. Met een dramatisch gebaar laat hij zich verder zakken in het gat. Slaagt hij er in om op de goede plek te komen en met de plofstof het gat te dichten?  Er volgt een ontploffing en dan?  Ja! Er spuit geen gas meer uit het gat en de maan stopt met bewegen richting Aarde en begeeft zich in een nieuwe baan om de Aarde. De wereld is gered. Dan klautert er iemand uit het gat. De astronaute aan de rand staat gespannen te kijken wie het is.

Doek.

 

Een makkelijke heavy sudoku

Normaal gesproken heb ik al moeite met een sudoku van 2×2 waarbij al drie van de vier vakjes zijn ingevuld, maar vandaag kan zelfs ik de ‘heavy’ sudoku van de Volkskrant maken.

20201202_084728

Ach ja, je bent een genie of niet.

p.s. in een eerdere versie had ik in de titel per ongeluk sudoka getypt, maar zoals Marianne terecht opmerkt, een sudoku rijmt niet op judoka.

Kwaliteit zeer goed.

Heel af en toe kijk ik op Google om te zien hoe het met me gaat. Althans, ik google dan even op mijn eigen naam om te kijken of er nog iets over één van mijn schrijfsels is geschreven. Soms gebeurt het echter wel eens dat mijn naam op duikt op een plaats die ik niet verwacht. Wist u bijvoorbeeld dat ik in de IMDb voorkom. De IMDb staat voor de Internet Movie Data Base.

De Internet Movie Database (of kortweg IMDb) is een online databank met films, televisieseries, acteurs en videogames. De website biedt uitgebreide informatie over films, zoals de bijbehorende cast en crew’, aldus de Wikipedia. Zie hier wat de IMDb over mij weet te vermelden:

imbd

Volgen de IMBd ben ik bekend van Pauw & Witteman en speelde ik in 2012 in die tv-serie mijzelf als auteur van De Titanic. Klopt als een bus. Had u niet gedacht hè, dat ik voorkom in een Movie Data Base. Heel erg goed gaat het overigens zo te zien niet met mijn carrière, want ze houden blijkbaar ook een soort ranking (gebaseerd op aantal optredens?) bij. Helaas, ik ben deze week op hun STARmeter liefst 2,5 miljoen plaatsen gezakt. Ai, dat is niet best!

Vandaag zag ik mijn naam terug komen op een veel logischer plek , namelijk op een boekensite en wel op de site van Sportboek.nl. Ze hadden opeens mijn allereerste boek uit 2004 ‘De Oranje  Rapporten in de aanbieding. Hoewel, toch niet echt, het was uitverkocht.

1 de ornaje rappoeten

Dat was wel te verwachten. Het boek is al 15 jaar niet meer verkrijgbaar. Van de eerste (en enige druk) zijn er zo’n 1250 exemplaren verkocht. De overige niet verkochte exemplaren (dat waren er ook zo’n 1250) belandden in 2005 bij de Slegte in de ramsj. Ooit zag ik bij de Slegte in Den Haag een tweedehands-exemplaar te koop staan, waarvoor De Slegte meer vroeg dan voor de nieuwe exemplaren die elders in de zaak lagen. Blijkbaar vond de Slegte een gelezen exemplaar een zeldzaamheid en dus waardevoller dan een ongelezen exemplaar.

Enfin, wat ik niet wist, was dat Sportboek. nl de boeken ook inhoudelijk recenseert. Mijn boek vonden ze kwalitatief gezien ‘zeer goed.’

1 de ornaje rappoeten 2

Ook al was de recensie kort, toch leuk om een positieve recensie te lezen.

Cai Lun

Ik ben even wat oude verhalen uit mijn serie over de mensen achter de computer aan het doorlezen. Als je dat na een tijdje doet, dan zie je opeens allerlei taalfouten en kromme zinnen die je bij het plaatsen niet zag. Daarmee zal ik u hier nu niet mee vermoeien, maar in het kader van herhaling is de kracht van de reclame, hierbij het begin van het portret dat ik in februari 2019 schreef over de Chinese eunuch Cai Lun, die het papier uitvond.

Cai Lun; ca. 50 na Chr. – 121; geldt als de uitvinder van het papier.

8 cai lun afbeelding

(Volgens een Chinees boek uit de achttiende eeuw zou Cai Lun er zo hebben uitgezien. Gaat u er maar van uit dat dit geen goed lijkend portret van hem is.)

Voor degenen die op kantoor werken of hebben gewerkt, herkent u de volgende situatie? U heeft op uw pc een mooi overzicht van iets gemaakt wat u voor een vergadering die over vijf minuten begint alleen nog even moet uitprinten. U geeft een printopdracht, loopt naar de gemeen-schappelijke printer in het printerhok en ziet daar dat de printer is vastgelopen. Niet met uw printje maar met dat van iemand voor u. En degene van wie dat printje is, die is in geen velden of wegen te zien.

Het gevolg is dat u degene bent die nu in grote haast moet proberen dat vastgelopen printje uit te printer te peuteren. Terwijl de klok door tikt, krijgt u vieze inkthanden. Als u eindelijk alles uit de printer heeft gekregen, doet hij het nog steeds niet. Ergens zit er nog een stukje papier vast. Om de hoek roept je baas waar je blijft.

Weet u wiens schuld dit is? Het is de schuld van de Chinese eunuch Cai Lun. Hij is hier verantwoordelijk voor. Hij geldt namelijk als degene die het papier heeft uitgevonden. Zonder papier geen vastgelopen printer. Nu kunt u wel op hem gaan mopperen, maar heb medelijden met hem, want heeft u het woordje eunuch wel gezien? Ook voor kantoormensen aan het hof van de oude Chinese keizers was het niet altijd een pretje.

Wie het hele portret van Cai Lun wil lezen, kan hier terecht.

De periode 1000 – 1500

Eindelijk is weer eens een  verhaal klaar uit mijn serie over de mensen achter de computer. Het betreft hier het algemene verhaal over de periode 1000 – 1500. Gaat het in de journaals van vandaag de dag vaak over  Donald Trump, in die tijd ging het in de journaals over mensen als Dzhengis Khan. Jeanne d’Arc, Marco Polo Johannes Gutenberg en Leonardo da Vinci.

Wel is het zo dat er in de 14e eeuw net zoals nu een wereldwijde pandemie heerste.  Die  was overigens veel dodelijker dan de huidige corona-pandemie. Naar schatting kostte de Zwarte Dood zo’n veertig procent van de toenmalige wereldbevolking het leven.

Wie dit allemaal wil lezen kan hier terecht.

De zwarte dood

Ik heb hier de laatste tijd weinig geplaatst. Komt omdat ik bezig ben met een hoofdstuk uit ‘de mensen achter de computer.’  Om precies te zijn met het algemene overzicht van de periode 1000-1500. Nu is dit de periode waarin ook de ‘Zwarte Dood’ zit. Omdat we nu ook in een pandemie zitten – gelukkig niet met het dodental van de Zwarte Dood – daarom hier alvast een stukje uit het verhaal.

“[…] Zo was daar in de veertiende eeuw de Zwarte Dood, de builenpest, een bacteriële ziekte overgebracht door vlooien die vooral op ratten leefden. Wereldwijd wordt het aantal doden van deze pandemie op zo’n 75 tot 100 miljoen mensen geschat. De ziekte duikt voor het eerst op in Centraal-Azië, verspreidt zich vervolgens over heel Azië en bereikt in 1346 De Krim. In oktober 1347 neemt een handelsschip uit Genua de ratten met hun pestvlooien mee naar Sicilië. Vanaf dat eiland (en vanuit Griekenland) verspreidt de ziekte zich daarna over land en zee naar de rest van Europa, waar de epidemie in de periode 1347 tot 1353 vreselijk huis houdt.

21 1000 - 15000 de pest verspeidingDe verspreiding van de pandemie over Europa tussen 1346 en 1353; De kleuren geven aan in welk jaar de pest opduikt in het betreffende gebied. De pijlen geven de routes aan hoe de ziekte zich verspreidt over Europa, Bron: Flappiefh; Wikipedia.

Er worden talloze pogingen ondernomen om de opmars van de ziekte te stoppen. De autoriteiten in Venetië laten bijvoorbeeld alle schepen dertig dagen lang in isolatie voor de kust stil liggen voordat ze in de haven in mogen; reizigers over land moesten zelfs veertig dagen wachten voordat ze de stad binnen mogen komen – het woord quarantaine, het Venetiaanse woord voor veertig, vindt hier zijn oorsprong in – maar het helpt niet. In 1347 bereikt de ziekte ook Venetië.

In Europa sterven tussen 1346 en 1355 naar schatting tussen de 30 en 50 miljoen mensen (dat is zo’n 40% van de bevolking) aan de ziekte. In Nederland overlijdt ongeveer een derde van de mensen. (Dat laatste blijkt volgens historica Maria Kelly uit de enorme inkomstendalingen van de Hollandse graven in de jaren 1349 en later, zoals deze te zien zijn in de rekeningboeken van Hollandse graven. Deze dalingen kunnen alleen logisch verklaard worden door een bevolkingsdaling als gevolg van de pest; bron Historiek.net).

Men heeft in die jaren geen idee wat de ziekte veroorzaakt. Zo denken veel medici dat de besmetting door zieke lucht wordt verspreid en uit voorzorg dragen ze maskers met in hun ‘snavels’ een kruidenmix, waarvan ze hopen dat die de besmettelijke lucht tegen zal houden. Het werkt niet. Veel dokters worden ook gebeten door de vlooien, lopen de ziekte op en sterven.

21 1000 - 15000 snaveldokter

Een afbeelding van een ‘snaveldokter’ uit Rome; 1656

Veel mensen geloven in die periode dat de plaag Gods wil is en beschouwen het als een straf voor hun zonden. Andere mensen denken dat het te maken heeft met een bepaalde stand van de planeten aan de hemel. De Zwarte Dood zorgt voor een complete instorting van de samenleving, welke nog verder wordt ontregeld doordat er allerlei samenzweringstheorieën opduiken, waarin veelal de Joodse bevolking de schuld van de plaag krijgt.

Een tragisch voorbeeld hiervan is het lot van Balavignus, een Joodse arts in Straatsburg. Ook in deze plaats breekt de pestepidemie uit. Balavignus laat daarop overeenkomstig de Joodse reinheidswetten uit het Bijbelboek Leviticus al het afval in de Joodse wijk van Straatsburg verbranden en geeft opdracht om de wijk zo schoon mogelijk te houden. Het gevolg is dat de ratten die nauwelijks meer voedsel in de Joodse wijk kunnen vinden zich met hun besmettelijke vlooien naar andere wijken verplaatsen, waar wel afval en voedsel voor ze te vinden is. Het percentage mensen dat aan de pest in de Joodse wijk bezwijkt, blijft daardoor beperkt tot zo’n  5%, veel lager dan in de omringende wijken.

Maar in plaats dat de mensen uit die wijken het voorbeeld van de Joodse wijk volgen en hun wijken ook gaan schoonmaken, beschuldigen ze de inwoners van de Joodse wijk – en in het bijzonder Balavignus – er van dat ze de waterputten van de Christenen vergiftigd hebben en dat er daarom in de niet-Joodse wijken veel doden vallen. Balavignus wordt gearresteerd. Na zware martelingen ‘bekent’ hij, waarop een ware pogrom in de stad plaats vindt. Honderden Joden verliezen daarbij het leven. Ook elders in Europa vinden dergelijke pogroms plaats die aan duizenden Joodse mensen het leven kosten.

Paus Clemens VI probeert de Joodse bevolking nog te beschermen door tot twee maal toe een pauselijke bul uit te brengen (op 6 juli 1348 en op 26 september 1348), waarin hij stelt dat diegenen die de schuld geven aan de joden “verleid zijn door de duivel” en dat de Joodse bevolking onschuldig is. Ook wijst hij er op dat de ziekte voor komt in streken waar helemaal geen Joden wonen en dat ze zelf ook het slachtoffer worden van de pest. Ook laat de Paus in Avignon, de plaats waar hij  woont – veel kardinalen in die tijd zijn van Franse afkomst; Clemens VI benoemde liefst acht neven tot kardinaal (waaronder de later paus Gregorius XI) –  de Joodse bevolking door zijn eigen troepen beschermen, maar elders gaan op veel plaatsen de pogroms wel gewoon door.

Zelf dachten de Paus en zijn lijfarts overigens dat warme lucht de ziekte zou voorkomen. Ze sliepen en verbleven daarom veelal in de openlucht op de binnenplaats van het pauselijk paleis, waar ze grote kampvuren lieten stoken. Het hielp. Ze werden niet ziek, maar dat kwam niet door de warme lucht – de roetdeeltjes van het verbrande hout in de lucht waren zelfs bepaald ongezond – maar doordat de ratten en vlooien niet van de hitte van het vuur hielden en daarom de binnenplaats meden. De Paus sterft uiteindelijk in 1652 aan de gevolgen van een niersteenaanval.

Tot zover vast een deel van het verhaal.

De Lira

De Stichting Literaire Rechten Auteur – afgekort Lira –  is de auteursrechtenorganisatie voor schrijvers. ‘We zijn er voor schrijvers in de breedste zin van het woord: boekenschrijvers en dichters, vertalers, journalisten, scenarioschrijvers, ondertitelaars, recensenten en nog veel meer…‘, adus de Lira op hun site.

Ik denk dat ik bij de LIRA wordt meegeteld in de cateforie ‘schrijver’ – al is het wel zo dat mijn laatste boek (De Titanic) al weer uit 2012 stamt. Dit boek is samen mijn andere non-fictie boeken de reden dat ik elk jaar een mailtje van de Lira krijg. De Lira int namelijk voor de auteurs de leenrechten voor de boeken die bibliotheken uitlenen. Elke keer als u een boek van mij uit de bibliotheek leent, ontvang ik ongeveer 13 cent. Dit als compensatie voor gemiste verkopen – ik heb heel veel gemiste verkopen – , immers doordat u mijn boek leent, koopt u het waarschijnlijk niet meer.

Dit  jaar bleek mijn leenopbrengst met zo’n  20% gedaald te zijn. Maakte de Lira in 2019 nog  zo’n 12 euro over, dit jaar bleef ik steken op iets meer dan een tientje. Het zijn zware tijden. Dat tientje had ik te danken aan de Titanic.

titanic boek

Werd vorig jaar het boek nog 102 keer uitgeleend, dit jaar maar 78 keer. Dat wil zeggen 1,5 keer per week – één heel exemplaar en een half exemplaar dus.  Daarnaast was ‘Het Nutteloze Kennisparadijs’ in 2020, net zoals in 2019 in totaal wel geteld één keer uitgeleend. (Trump zou een hertelling eisen, maar ik heb alle vertrouwen in de Lira.)

nutteloze boek

Ik vermoed dat er in Nederland nog ergens één bibliotheek is die het Het Nutteloze Kennisparadijs’ op de plank heeft staan en dat daar een boekenliefhebber werkt, die alle “weesboeken’ die niet uitgeleend worden één keer per jaar zelf leent.

Ik ben benieuwd of het boek volgend jaar weer één keer wordt uitgeleend. In ieder geval, zodra het geld van de Lira binnenkomt, nemen we het er van.

De Amerikaanse verkiezingen

De laatste tijd hier niet zo actief geweest. Komt omdat ik het druk had met het volgen van allerlei zaken. Eerst was daar de fikse stijging van het aantal mensen dat besmet was met coivd-19. Daarna de uitkomsten van de Amerikaanse verkiezingen. Dagenlang naar CCN en de ‘Magic Wall’ van John King zitten kijken.

john king

Fantastische man, die Amerikaanse Herman de Scherman. Dankzij hem weet ik nu alles van elk ‘county’ rondom Philadelphia. King maakte lange dagen. “Dinsdagnacht sliep King tweeënhalf uur, woensdag vier en donderdag drie, somt King op. Voor de 57-jarige journalist leverde dat geen problemen op. ,,Het ontbijt was essentieel. Een bagel met eieren, een beetje fruit en veel koffie”. Daarna liep hij buiten een rondje met opnieuw koffie en wat frisse lucht.“, aldus het AD.

Maar goed Joe Biden heeft gelukkig de presidentsverkiezingen gewonnen, al heeft Trump wat moeite dat te erkennen.

trump tweet

(Ben je de president van de Verenigde Staten, heb je een toetsenbord waar de ‘CAPSLOCK’-TOETS vast zit.)

Volgen Trump, en hij wordt hierin gesteund door FOX NEWS en veel republikeinen, hebben de democraten fraude gepleegd.

trump tweet 2

Als de Democraten fraude hebben gepleegd, dan hebben ze dit wel buitengewoon dom gedaan zou je zeggen, want waarom hebben ze dan niet tegelijkertijd  – het was één stemformulier – ook fraude gepleegd bij de Senaatsverkiezingen en de verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden, waarbij de resultaten voor de Democraten tegen vielen.

stembiljet

Zie hier een deel van het stembiljet voor de staat Maine. In  de linkerkolom (het ‘linkerrijtje’ zoals ze in Studio Sport altijd zeggen) kan je aangeven wie de president en vice-president moeten worden. In de rechterkolom wie Maine moet vertegenwoordigen in de Senaat.

In Maine won de democraat Biden de presidentsverkiezingen en won de republikeinse Susan Collins de Senaatsverkiezingen. Wie goed naar het formulier kijkt, ziet overigens dat ze allebei bovenaan op het lijstje van kandidaten staan. Bij de presidentsverkiezingen staat Trump slechts op plek vijf – FRAUD!. Dat komt omdat er op het formulier sprake is van een alfabetische volgorde.

(Tip: omdat er altijd mensen zijn die niet weten op wie ze moeten stemmen en dan maar de bovenste kiezen, is het dus handig om een kandidaat voor te dragen wiens naam met een A begint.)

Enfin, Trump heeft verloren, maar wil zijn nederlaag niet erkennen. Hij gedraagt zich een beetje als de keizer die geen kleren draagt (terwijl de republikeinen hem dat niet durven te vertellen). Het zal nog wel even door gaan en zal ongetwijfeld leiden tot allerlei rechtszaken.

De leider van zijn advocatenteam is Rudy Giuliani,  de man die als burgermeester van New York in 2001 nog zoveel indruk maakte, maar sinds hij Trump vertegenwoordigt is afgezakt naar het niveau van een advocaat die adverteert op billboards langs de snelweg  “CALL RUDY!”  (Denk alleen maar eens aan zijn pogingen in Oekraïne om ‘dirt’ te vinden over de zoon van Joe Biden.)

Waar ik vreselijk om moest lachen was de persconferentie die Giuliani en zijn team van advocaten in Philadelphia gaven. Door een foutje bij het boeken stonden ze niet bij het luxe Four Seasaons hotel in Philadelphia maar op de parkeerplaats van een hoveniersbedrijf op een bedrijventerrein in een buitenwijk van Philadelphia, tegenover een crematorium en naast een pornoboekjeswinkel.

ruy G

Four Seasons Total Landscaping’ verkoopt inmiddels T-shirts met teksten als “Make America Rake Again” (Laat Amerika weer harken) en “Lawn and Order” (Gazon en Orde).

tuin

Maar verder valt er weinig te lachen.  We moeten maar afwachten tot de stemmen officieel gecertificeerd zijn.

Gered door een walvis

Soms kom je van die berichtjes tegen, waarbij je je afvraagt hoe is het mogelijk? Vandaag was er weer zo’n eentje. In  Spijkeniss schoot een metro door het stootblok. De metro en zijn chauffeur werden echter gered door een kunstwerk, de staart van een walvis.  Die ving het metrostel op. Zie dit twitterbericht.

walvis

Het kunstwerk heet ook nog eens heel toepasselijk: ‘Saved by a whale’s tail’. Enfin, het zet Nederland wel even op de wereldkaart. Op tientallen sites zijn de foto’s van het ongeluk terug te zien.

walvis 2

Om met Maarten Biesheuvel te spreken: “Kunst kan geen kwaad.”

Oude en nieuwe taalvoutjes

Op de kandidatenlijst van het CDA voor de komende Tweede Kamer verkiezingen staat op plaats tien een opvallende nieuwkomer: Lucille Werner, vooral bekend van Lingo, dat zij van 2005 tot 2014 presenteerde.

Toevallig figureerde een tweet van haar uit 2011 een maandje geleden als ‘gouwe ouwe’  op het account van Taalvoutjes.

taalfoutjes 0

‘Effe gezellig lynchen met m’n zus’. Het zou me niets verbazen als Lucille de nieuwe woordvoerder politiezaken voor het CDA wordt.

Aangezien ik toch op het account van Taalvoutjes zat te kijken, hierbij nog wat mooie recente verschrijvingen dan wel voorbeelden van verkeerd taalgebruik.

taalfoutjesNiet te veel nadenken dus..

taalfoutjes 2

taalfoutjes 3

En tot slot nog een letterbak in de aanbieding om ‘woordtjes te leren schrijven’. (Vooral het commentaar van Taalvoutjes ‘Weet je zeker dat je ‘m wegdoet’ is leuk.)

taalfoutjes 1

Deze laatste tweet doet me denken aan een leuke anekdote waarmee een collega van Marianne zijn afscheidsmailtje bij de zorginstelling begon.

taalfoutjes 5

Nu zult u misschien zeggen, “Maak jij dan nooit taalfouten?”. Jazeker, maar om Ernest Hemingway te citeren: “Je hoeft niet alle fouten zelf te maken. Gun de anderen ook een kans.”

 

Een tentoonstelling van één schilderij met één bezoeker

Gisteren bezocht ik een tentoonstelling in het Mauritshuis in Den Haag. “Is dat wel verstandig in deze coronatijd?” zult u misschien vragen, waarop het antwoord luidt: Jazeker, het was namelijk een behoorlijk coronaveilige tentoonstelling. Het betrof hier een tentoonstelling, in een aparte zaal met een aparte opgang, van maar één schilderij die door maar één persoon tegelijk bekeken mocht worden. Is dat corona-proof of niet. (Oké, als je wou mocht je maximaal vier anderen meenemen.) ‘Alleen met Vermeer’ heette de tentoonstelling.

vermeer alleen

Deze tentoonstelling bestaat enkel en alleen uit het Gezicht op Delft. In de tentoonstellingszaal kunnen bezoekers tijdens een vooraf geboekt tijdslot alleen (of in zeer klein gezelschap) in stilte ervaren wat dit bijzondere kunstwerk met hen doet.” aldus de site van het museum.

vermeer gezicht op[ delft

vermeer 3Zo is het schilderij in de tentoonstellingszaal te zien. (Maar dan als schilderij en niet als filmpje uiteraard; dus zonder dat pijltje op het doek.)

Johannes Vermeer schilderde ‘Het gezicht op Delft’ in de jaren 1660-1661. Al in 1822 konden mensen het schilderij bewonderen in het Mauritshuis. Eén van die mensen die het schilderij in de loop van de tijd heeft gezien is de Franse schrijver Marcel Proust. Ik citeer even de Wikipedia: “De Franse schrijver Marcel Proust zag Gezicht op Delft in 1902 en was dermate onder de indruk dat hij het doek een plaats gaf in zijn magnum opus, À la recherche du temps perdu. In deel vier van de reeks sterft het personage Bergotte voor het schilderij met als laatste woorden: ‘Zo zou ik hebben moeten schrijven'”

Zelf heb ik – zie hier – op mijn site ook een keertje over ‘Het Gezicht op Delft’ geschreven. Eigenlijk – dat woord wordt tegenwoordig te pas (door mij) en te onpas (door anderen) steeds vaker gebruikt – ging dat stukje vooral over de achterkant van het schilderij. (Zeg eens eerlijk, daar kijkt u bij een schilderij nooit naar.)

Ook de voorkant van het schilderij heb ik wel eens bestudeerd – zie hier –  maar dat geschiedde vooral aan de hand van een afbeelding van het schilderij op internet. In het Mauritshuis heb ik ‘Het gezicht op Delft’ wel eens op zaal gezien, maar uitgebreid bestuderen lukt daar niet zo goed.

Enfin, nu had ik dus tien minuten om het schilderij helemaal in mijn eentje in een verder lege zaal te bekijken. Mijn tijdslot van tien minuten begon om drie uur. Je werd verzocht om tien minuten van te voren aanwezig te zijn. Onderweg naar het museum fietste ik langs het Plein in Den Haag. Er was een hoop politie op de been. Ik zag liefst drie politiebusjes.

Eigenlijk – daar heb je dat woord weer- was hun aanwezigheid, ondanks een demonstratie op het Plein, een beetje overbodig. De demonstratie bestond namelijk maar uit drie man met borden. Hun demonstratie had iets te maken met de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan, maar het was mij niet duidelijk voor welk land ze demonstreerden. Misschien demonstreerden ze gewoon tegen deze oorlog en voor vrede.

Enfin, de drie busjes reden rondjes om het plein, de drie demonstranten zetten hun borden even op de grond en dronken een slokje water, en ik parkeerde mijn fiets in de corona-proof gemaakte  fietsenstalling op de hoek van het Plein  – het aantal plaatsen was gehalveerd. Terwijl ik mijn fiets op slot zette, stopte één van de politiebusjes naast mij. De chauffeur, hij droeg een blauwe wegwerpmondkapje, keek me onderzoekend aan, besloot toen blijkbaar dat ik goed volk was en reed weer langzaam door. Even verderop bij het Binnenhof stonden ook een aantal agenten. Deze droegen geen wegwerpkapjes maar modieuze katoenen mondkapjes met het logo van de politie er op.

Ik liep naar het museum toe en deed mijn eigen katoenen mondkapje om. Nadat mijn toegangsbiljet zowel buiten als binnen op het juiste bezoekerstijdstip was gecontroleerd mocht ik doorlopen naar de tentoonstellingsruimte. Ik was iets te vroeg en moest van de twee suppoosten even wachten totdat de tien minuten van de vorige bezoeker voorbij waren.

De ene suppoost keek op zijn mobiel en zei tegen de andere dat er al weer meer tienduizend waren. Ik nam aan dat hij doelde op het aantal dagelijkse coronabesmettingen en niet op het aantal bezoekers van de tentoonstelling.  Bij de deur van de zaal hing een monitor waarop een aantal beelden vanuit de zaal te zien was. Je kon zien dat er één persoon op een bankje naar het schilderij zat te kijken.

Even later stapte deze persoon op en liep naar buiten. Zonder iets te zeggen liep hij weg. “Nou, die zegt ook geen boe of bah” mopperde de ene suppoost en ik nam me direct voor om bij mijn vertrek uitgebreid afscheid te nemen.  Ik moest nog even wachten voordat ik de zaal in mocht. De suppoost legde me uit dat er een soort tijdschakelaar was die het schilderij tien minuten lang verlichtte en ik moest even wachten totdat hij die weer kon instellen.  Even later mocht ik naar binnen en de suppoost sloot de deur achter mij. De zaal was vrij donker. Alleen het schilderij was verlicht. Voor het kunstwerk stond een bankje waar je op kon zitten.

vermeer 2(Afbeelding afkomstig van een filmpje op de site van het museum.) 

Ik ging op het bankje zitten en keek naar het schilderij. Op zoek naar die ‘ideale kijkervaring: subtiele vormgeving, perfecte belichting en geen geluiden of afleiding van buitenaf. Alleen met Vermeer.’  zoals  de site van het museum het omschreef. “Voor velen biedt deze presentatie de kans om hun geliefde schilderij, waarmee soms al een hechte band is opgebouwd, onder bijzondere omstandigheden (opnieuw) te ontdekken.’

Heel eerlijk gezegd had ik deze belevenis niet, maar toch had het wel iets. Vooral toen ik het schilderij staande van een afstandje ging bekijken – normaal gesproken kan je dat in het museum beter niet doen, want dan er is altijd wel iemand die er voor gaat staan.

vermeer niet alleen“Vermeer niet alleen”. (Van een filmpje op de site van het Museum.)

Zo van een meter of vijf ziet het schilderij er toch anders uit dan dat je het van dichtbij bekijkt.  En opeens zag ik helemaal rechts op het schilderij een trapgeveltje wat ik nog nooit eerder had gezien! Was dat soms de gevel van het ‘Tweede Straatje van Vermeer‘ waar ik naar op zoek ben?

vermeer trapgeve;Enfin, dat moeten we nog maar eens onderzoeken.

Toen mijn tien minuten voorbij waren, dempte het licht wat en deed één van de twee suppoosten de deur open. Ik bedankte ze hartelijk en uitgebreid – van mij zullen ze niet zeggen dat ik zonder iets te zeggen vertrek.  Een ouder echtpaar  – van mijn leeftijd dus – zat te wachten totdat zij naar binnen mochten.

Heel even keek ik nog bij de winkel van het museum. Je kon er mondkapjes kopen met een afbeelding van het Gezicht op Delft er op, van het Meisje met de Parel (ook van Vermeer) en eentje met een bloemenmotief wat ongetwijfeld een bekend schilderij was, maar wat ik niet herkende. De mondkapjes zijn een hele business geworden. Deze kostten 8.50 euro per stuk, maar ik liet ze liggen.

Buiten gekomen zag ik dat twee arrestantenbusjes de drie politiebusje gezelschap waren komen houden, maar op de drie demonstranten tegen de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan na was het Plein verlaten. Maar wie weet, ‘s avond zou er weer een persconferentie van Rutte zijn en bereidde de politie zich wellicht al voor op een mogelijke demonstratie.

Onderweg naar huis zag ik twee ziekenauto’s met loeiende sirenes voorbij komen rijden. Eentje werd begeleid door een viertal motoragenten die even de kruising afzetten opdat de ziekenauto door kon rijden. De coronacrisis is nog niet voorbij.

 

Kabouter Spillebeen

Op een grote paddestoel

Op een grote paddestoel,
rood met witte stippen.
Zat kabouter Spillebeen
heen en weer te wippen.
Krak zei toen de paddestoel,
met een diepe zucht.
Allebei de beentjes,
hoepla in de lucht.

spillebeen

Maar kabouter Spillebeen,
ging toch door met wippen.
Op die grote paddestoel,
rood met witte stippen.
Daar kwam vader Langbaard aan
en die zei toen luid:
‘Moet dat stoeltje ook kapot?
Spillebeen, schei uit!’

spillebeen 2